Door de opgravingen van Herculaneum en Pompeï in de eerste helft van de achttiende eeuw waren ruïnes een modeverschijnsel geworden. Niet alleen archeologen en wetenschappers doken er bovenop, maar ook tekenaars, schilders en grafici. De Italiaanse schilder Giovanni Paolo Panini (1691-1765) droeg zijn liefde voor antieke Romeinse oudheden over op zijn leerlingen Giovanni Battista Piranesi (1720-1778) en Hubert Robert (1733-1808). Toen Robert na een verblijf van tien jaar in Italiëin 1764 naar zijn vaderland terugkeerde, kreeg hij in Frankrijk de bijnaam Robert des Ruines.

Felsengrotte mit antiker Architektur (Courtesy of Robert M. Edsel and the Monuments Men Foundation)
Hubert Robert studeerde eerst aan het Collège de Navarre en was daarna leerling van de beeldhouwer Michel-Ange Slodtz. In 1754 ging hij naar Rome waar hij tien jaar verbleef. Hij werkte ook in Napels. In Rome onderging hij de invloed van Giovanni Battista Piranesi en Giovanni Paolo Pannini. Na terugkomst in Parijs werd hij lid van de Académie française. Hij was vanaf 1779 conservator van de koninklijke schilderijenverzameling, die toen al gehuisvest was in die delen van het paleis die later de bestemming van museum zouden krijgen. In 1794 werd Robert betrokken bij plannen tot de oprichting van een museum. Als hoffunctionaris werd hij tijdens de Franse Revolutie gevangengenomen, maar hij overleefde de terreur van Robespierre en kreeg in 1799 een leidende rol bij de inrichting van het Louvre tot museum. Eén van zijn belangrijkste ideeën was de belichting van de zalen van bovenaf om de juiste condities te scheppen voor schilders; het Louvre was aanvankelijk vooral gedacht als atelier.Bron: nl.wikipedia.org


Hubert Korneliszoon Poot (1689-1733) was bij zijn leven een hype. Het was in Nederland nog nooit vertoond dat een boer tegelijk dichter was. Zijn eerste bundel Mengeldichten (1716) met vooral liefdespoëzie kreeg meteen een paar herdrukken. Zijn tweede boek, Gedichten, werd chic uitgegeven met tal van illustraties bij de afzonderlijke gedichten, waaronder het bekende Akkerleven, „Hoe genoeglijk rolt het leven / des gerusten landmans heen„, dat onder dit brave begin heel wat ironie verbergt. Zijn roem is zo groot dat men hem op de boerderij opzoekt: kijk, hij dicht. Als eerste literator probeert hij van de pen te leven, door poëzie in opdracht te schrijven en redactioneel werk te verrichten. Daartoe verhuist de boerenzoon van Abtswoude naar Delft.
Hubert Korneliszoon Poot (1689-1733) was een Nederlands dichter, wiens werk aansluit bij zowel de klassiek georiënteerde poëzie van bijvoorbeeld Vondel, als bij de gevoelige stemmingspoëzie uit de 18e eeuw. Poot stond ook aan de basis van een ommekeer in de Nederlandse literatuur: hij nam zich voor om te proberen van zijn pen te leven en, wat heel ongebruikelijk was in de 17e eeuw, daarnaast geen ander beroep uit te oefenen. Als brooddichter trad hij ook op als uitgever.












