Voor zijn boek over de Slag om Berlijn deed Anthony Beevor jarenlang onderzoek. Hij had al een veelgeprezen boek geschreven over de Slag om Stalingrad en na de val van het communisme werd hem zelfs toegang verleend tot de oorlogsarchieven in Moskou. Daarbij kwamen veel nieuwe feiten aan het licht, vooral over het ongedisciplineerde gedrag van het Rode Leger. In de sovjetperiode rustte daar altijd een taboe op, maar tijdens de glasnost en vooral na 1991 zijn er steeds meer archieven opengegaan en is het historische onderzoek vanzelf enorm toegenomen. Daarbij worden schokkende feiten onthuld.
Tijdens het oprukken door Oost-Pruisen naar Berlijn en vooral ook in Berlijn zelf, zou het Rode Leger zich volledig te buiten zijn gegaan aan groepsverkrachtingen. Daarbij deden niet alleen de wodka en ongedisciplineerdheid onder de soldaten het werk. Met een flinke scheut propaganda werden ze nog eens extra opgejut. Vooral de haatcampagne die vanaf 1942 onder Ilya Ehrenburg werd gevoerd, zette de Russische soldaten op tot plunderen, verkrachten en moorden. Door groepsverkrachtingen moest het zuivere arische bloed tot in het zevende geslacht bezoedeld worden en het Duitse volk vernederd. Hadden de nazi’s de Russen immers zelf niet afgeschilderd als “untermenschen”? Nu keerde de propagandamachine van de nazi’s zich tegen zichzelf.
Ook laat de aflevering van vanavond iets zien van de oorlogsmisdaden van de Westerse bondgenoten, de massamoord op Duitse burgerbevolking door gruwelijke en grootschalige bombardementen. Geert Mak heeft ons twee weken geleden al gewaarschuwd: het gaat een nare aflevering worden. In de vpro gids deze week verder nog een artikel van Maarten van Bracht over het antwoord van de sovjets op de barbarij van de nazi’s: ‘oog om oog, tand om tand‘ en nog meer op de weblog
Eigenlijk bestaat er geen kleine of grote geschiedenis. De vraag “waar was jij toen Kennedy vermoord werd?” bewijst dat de wereldgeschiedenis altijd is ingebed in de geschiedenis van ons eigen leven. Geschiedenis kun je uitsluitend waarnemen vanuit je eigen perspectief. Objectieve geschiedschrijving blijft in het beste geval een benadering en in het slechtste geval is het propaganda, dus (verkapte) geschiedvervalsing. Ooit vertelde een historische onderzoeker mij dat het lezen van een biografie de beste manier is om een bepaalde tijd te leren kennen. Vanuit deze opvatting heeft Edgar Reitz zijn Heimat gemaakt: het verhaal van de Duitse Twintigste Eeuw gezien door de levens van een familie uit een dorpje op de Hunsrück. In onze sterk geïndividualiseerde tijd met veel aandacht voor het persoonlijke leven, spreekt deze vorm van geschiedschrijving het meest aan. Het succes van Hoe God verdween uit Jorwerd van Geert Mak heeft daar ongetwijfeld mee te maken. In Europa blijft de grote met de kleine geschiedenis verbinden, maar het gaat in dat boek vooral ook over de verbinding tussen het eigen heden en het andere heden, het heden van onze (over)grootouders.












