Categorie archief: geschiedenis

100 jaar geleden [ 1 ]

13 januari 1908: Henri Farman maakt vlucht van 1 kilometer
Henri Farman 1908
Henri Farman maakt voor het eerst in Europa een rondje van een kilometer

Henri FarmanHenri Farman (1874 – 1958)
werd in Frankrijk geboren als zoon van een Engelse krantencorrespondent. Farman hield zich met schilderen bezig aan de École des Beaux Arts, maar kreeg al snel interesse voor de nieuwe mechanische uitvindingen die tegen het eind van de 19e eeuw gedaan werden. Omdat zijn familie er geld voor had, kon hij zijn ei kwijt als amateur sporter. In de jaren ’90 werd hij wielrenkampioen, en rond de eeuwwisseling ontdekte hij de motorcross, waarbij hij voor Renault meedeed in de Gordon Bennett Cup. Toen Charles Voisin aangedreven vliegtuigen ging bouwen en verkopen in 1907, was Farman een van de eerste klanten. Farman vestigde het record voor de langste vlucht tot dan toe in Europa, en in 1908 maakte hij als eerste een internationale Europese vlucht. Nadat hij zijn eigen toestel ontworpen had, op 29 mei 1908, nam hij de eerste passagier mee de lucht in. In een partnerschap met zijn twee broers bouwde hij een succesvolle en innovatieve vliegtuigbouwerij. Hun model uit 1914 werd flink gebruikt voor artillerie-observaties en verkenningsvluchten gedurende de Eerste Wereldoorlog. De Goliath van de Farman Aircraft company was het eerste lange-afstands-vliegtuig voor passagiersvluchten, die begon met reguliere vluchten tussen Parijs en Londen op 8 februari 1919.
( Bron: nl.wikipedia.org)
op de foto: Henri Farman en Charles Voisin

de pioniers (chronologie)

mislukte vadermoord

Het modernisme, de schok der vernieuwing van Peter Gay
in het Nederlands vertaald

J.S.BachAl acht jaar ben ik een bewoner van de eenentwintigste eeuw, maar toch voel ik mij een nomade in de geschiedenis en sla ik telkens weer ergens in het verleden mijn tenten op. Toen ik op Eerste Kerstdag luisterde naar de cantate die J.S.Bach voor 25 december 1724 schreef, zette ik een denkbeeldige pruik op. Hoe voelde men zich in die tijd? Voelde men zich in de eeuw van de Verlichting misschien verlichter omdat men nog niet de last hoefde te dragen van het historische bewustzijn? In de negentiende eeuw werd het bewustzijn verzwaard en tegelijkertijd ondermijnd door de ideeën van Darwin, Nietzsche en Freud. In de eeuw die daarop volgde verloren we tenslotte ons vooruitgangsgeloof en werden we en masse geconfronteerd met het nihilisme. Maar dit is natuurlijk een tunnelvisie. Omgekeerd kun je onze welvaart plaatsen tegenover de stinkende armoede van de achttiende eeuw. Het beeld dat we nu van het galante tijdperk hebben, is gevormd door de lifestyle van de toenmalige jetset; het overgrote deel van de bevolking leidde een uitzichtloos bestaan. De Verlichting scheen alleen voor de happy few.

Inmiddels heb ik mijn tenten in de achttiende eeuw weer opgebroken en ben verhuisd naar de periode rond de Eerste Wereldoorlog. Dat begint een vertrouwde plek te worden. Eigenlijk is dat logisch. Want in het tijdsgewricht 1900-1920 vind ik het duidelijkst de overgang van de traditie naar het modernisme, van het verleden naar het heden. Het is de eerste doorgang die ik passeren moet om in het verleden te komen. Net zoals iedere wereldreis over land begint in het buurland. De periode van pakweg honderd jaar geleden ligt mij het meest na: de negentiende eeuw is nog volop aanwezig, maar tegelijkertijd klinken al de nieuwe geluiden van het modernisme. Deze tijd was een breuk en een overgang tegelijk: breuk omdat velen met het verleden wilden breken, overgang omdat met het verleden niet gebroken kan worden.

Het lichte modernisme blies als een frisse wind de Victoriaanse benauwdheid weg. Na de waanzin van de Grote Oorlog was dit modernistische briesje tot orkaankracht aangezweld. De avant-garde koos bewust voor de breuk met het verleden en verenigde zich in clubjes die we zijn gaan kennen onder de namen van het fauvisme, kubisme, futurisme, expressionisme, suprematisme, dadaïsme en surrealisme. Maar de dadaïsten waren de echte vadermoordenaars. Hun ‘kunst’ was het verzet zélf en daarom spraken ze van ‘anti-kunst’. We weten inmiddels hoe het gegaan is: de avant-garde werd opgenomen in de traditie, de elite werd ingelijfd door de massa.

Marcel Duchamp
het urinoir van Marcel Duchamp uit 1917
wordt nu als officiële kunst geaccepteerd,
maar blijft in wezen anti-kunst

Peter Gay ModernismPeter Gay heeft, na een indrukwekkend oeuvre met o.a. studies over de Verlichting, Mozart, Voltaire, de Victoriaanse cultuur en Freud, een boek geschreven over het modernisme. Modernism: The Lure of Heresy. Dat boek is nu vertaald in het Nederlands en verschenen bij Uitgeverij Ambo onder de titel Het modernisme, de schok der vernieuwing. Misschien komt hij tot dezelfde voorlopige conclusie: de vadermoordenaars van de avant-garde zijn niet in hun missie geslaagd. Zonder de vader heeft de zoon geen bestaansrecht, zonder traditie bestaat er geen kunst, alleen anti-kunst, die strikt genomen niet in de kunstgeschiedenis thuishoort: ze werpt zichzelf buiten.

Peter GayPeter Gay (born June 20, 1923), a Jewish American historian of the social history of ideas, born as Peter Joachim Fröhlich in Berlin, where he was educated at the Goethe-Gymnasium. After witnessing Kristallnacht in 1938, he fled Nazi Germany in 1939. His family initially booked passage on the SS St. Louis (whose passengers were eventually denied visas) but fortuitously changed their booking to an earlier voyage to the U.S. He came to the United States in 1941 and took American citizenship in 1946. Gay received his education at the University of Denver, where he was awarded a BA in 1946 and at Columbia University where he was awarded an MA in 1947 and PhD in 1951. Gay worked as political science professor at Columbia between 1948-1955 and as history professor from 1955-1969. He taught at Yale from 1969 until his retirement in 1993. He married Ruth Slotkin (d. 2006) in 1959 and has adopted three step-children.

Gay’s first interest was in intellectual history. His 1959 book, Voltaire’s Politics examined Voltaire as a politician and how his politics influenced the ideas that Voltaire championed in his writings. Gay followed the success of Voltaire’s Politics with a wider history of the Enlightenment, The Enlightenment: An Interpretation (1969), for which he was honored with the National Book Award and the Mecher Book Prize. Gay’s 1968 book, Weimar Culture was considered at the time to be a ground-breaking cultural history of the Weimar Republic. Starting in 1978 with Freud, Jews and Other Germans, an examination of the impact of Freudian ideas on German culture, Gay has become increasingly interested in psychology. Many of his works focus on the social impact of psychoanalysis. Gay is a leading champion of Psychohistory, and is a follower of Sigmund Freud.

Bron: en.wikipedia.org