Gisteren kocht ik het nieuwste nummer van Der Spiegel dat als omslagartikel niet de actualiteit heeft, maar het roemrijke Duitse verleden, Het Heilige Roomse Rijk om precies te zijn. Dat bestond van 962 tot 1806. Der Spiegel besteedt hier aandacht aan omdat het afgelopen zondag precies 200 jaar geleden was dat het Rijk ophield te bestaan. Maar dat is niet de enige reden. In 1962 toen het precies 1000 jaar geleden was dat het Eerste Rijk gesticht werd, besteedde niemand daar aandacht aan. Want 17 jaar na de oorlog was het Duitse verleden, het Reich in het bijzonder, taboe geworden. Maar in het Duitsland van Angela Merkel mag geschiedenis weer en de Duitser graaft gretig in het verleden naar zijn identiteit. Dat lijkt mij geen verkeerde ontwikkeling, integendeel. Nu de rest van de traditiearme Europese Unie nog, want een flinke dosis historisch bewustzijn leidt Europa vanzelf terug naar de christelijke oorsprong. Paus Benedictus XVI zal het in ieder geval toejuichen, temeer omdat Europa vanuit zijn christelijke wortels dan het sap weer voelt stromen. In het najaar (van 28.8 – 10.12) is er in Magdeburg en Berlijn een grote tentoonstelling De paus is daar nu al enthousiast over:
von Herzen Gottes Schutz und Geleit.”
Aus dem Vatikan: Msgr. Gabriel Caccia
Päpstl. Assessor, Apostolische Nuntiatur in Deutschland
En de Europese Raad laat bij monde van Terry Davis weten:
Terry Davis (Secretary General Council of Europe)

Het HHR kende dus zowel een koning was als een keizer. Deze hoefden niet dezelfde persoon te zijn, maar waren dat vaak wel; een machtig persoon die je tot koning kiest kun niet de keizerstitel onthouden. De koning van het koninkrijk werd de Rooms-koning genoemd. Gekozen worden tot koning was vaak het voorstadium om keizer te worden, hoewel niet iedere koning het tot keizer maakte. Deze tweestapsraket is altijd blijven bestaan. Uiteraard hangt dat samen met de ontstaansgeschiedenis van het keizersschap, maar ook met de ideologie van het keizersschap. De keizer belichaamde een hoger ideaal dan een koning nl. wereldheerschappij versus een lokale machthebber, de koning. Lodewijk XIV waarschuwde zijn opvolger in zijn testament voor deze ambities van de keizer.
Bron: nl.wikipedia.org
|
Keizers van het Heilige Roomse Rijk Ottonen (Liudolfinger) Heinrich I, De Vogelaar (919-936) Otto I, De Grote (936-973) Otto II (973-983) Otto III (983-1002) Heinrich II (1002-1024) Salische Huis Konrad II (1024-1039) Heinrich III (1039-1056) Heinrich IV (1056-1106) Heinrich V (1106-1125) Lothar III (1125-1137) Hohenstaufen Konrad III (1138-1152) Friedrich I, Barbarossa (1152-1190) Heinrich VI (1190-1197) Otto IV von Braunschweig (1198-1218) Philip von Schwaben (1198-1208) Friedrich II (1212-1250) Konrad IV (1250-1254) Interregnum (1250-1273) Wilhelm von Holland (1247-1256) Alfons X von Kastilien (1257-1274) Richard von Cornwall (1257-1272) |
Habsburgse Huis Rudolf I von Habsburg (1273-1291) Adolf von Nassau (1292-1298) Albrecht I von Habsburg (1298-1308) Luxemburgse Huis Heinrich VII (1308-1313) Ludwig IV (1314-1347) Friedrich (1314-1330) Karl IV von Luxemburg (1346-1378) Wenzel von Luxemburg (1378-1400) Ruprecht (1400-1410) Jobst von Mahren (1410-1411) Sigismund (1410-1437) Habsburgse Huis Albrecht II (1438-1439) Friedrich III (1440-1493) Maximilian I (1493-1519) Karl V (1519-1556) Ferdinand I (1556-1564) Maximilian II (1564-1576) Rudolf II (1576-1612) Matthias (1612-1619) Ferdinand II (1619-1637) Ferdinand III (1637-1657) Leopold I (1658-1705) Joseph I (1705-1711) Karl VI (1711-1740) Maria Theresa (1740-1780) Karl VII Albrecht (1742-1745) Franz I Stephan (1745-1765) Joseph II (1765-1790) Leopold II (1790-1792) Franz II (1792-1806) |
The Royal Serbian Government not having answered in a satisfactory manner the note of July 23, 1914, presented by the Austro-Hungarian Minister at Belgrade, the Imperial and Royal Government are themselves compelled to see to the safeguarding of their rights and interests, and, with this object, to have recourse to force of arms.

Flavius Valerius Constantinus (Naissus, tegenwoordig NiÅ¡ (Servië), 27 februari 272? – 22 mei 337), bekend als Constantijn I de Grote, was Keizer van Rome. Hij noemde zich vanaf juli 306 keizer, maar werd pas vanaf 308 als zodanig erkend. Hij was de zoon van Constantius I Chlorus en Helena. Met Constantius voerde hij in Schotland een veldtocht tegen de Picten. Zijn vader stierf in Eburacum (York) in 306 en Galerius aanvaardde dat Constantijn zijn vader op zou volgen, zij het eerst slechts als Caesar, pas later als Augustus. Na 308 trok hij op tegen de Alamannen en de Franken die de Rijn onveilig maakten, hij was verantwoordelijk voor Gallië, Brittanniëen Hispanië.












