Categorie archief: filosofie

who the * is … ? [ 3 ]

Jakob Moleschott (1822 – 1893)

In het Rijk van de Geest is alles tegenwoordige tijd en alleen daar ben je onsterfelijk. Dat geldt in het bijzonder voor schrijvers. Immers, wie schrijft die blijft. Zolang we hen blijven lezen en gedenken, leven zij voort. En wanneer ze zijn weggezonken in het collectieve geheugen, kunnen ze met een lemma op wikipedia weer even tot leven worden gewekt.
Vandaag: Jakob Moleschott (1822-1893)

Jakob MoleschottIn hoofdstuk 14 van Romantiek. Een Duitse Affaire schrijft Rüdiger Safranski over de zgn. “drooglegging van het Duitse Idealisme.”
Dat begint halverwege de jaren veertig van de negentiende eeuw en wordt in de jaren vijftig afgerond. Het betekent een definitieve kentering van de geestelijke levenshouding van de Romantiek naar het materialisme van de natuurwetenschappen. De wetenschap en techniek ontwikkelen zich vanaf 1850 in een razendsnel tempo en beheersen spoedig het geestelijk klimaat. Safranski refereert net als Karl Vorländer in Geschichte der Philosophie (1903) aan David Friedrich Strauss die al in 1835 de traditionele christologie op zijn kop zet met zijn boek Das Leben Jesu. En beiden noemen ze vier bekende werken die met het materialisme rond 1850 verbonden zijn: Der Kreislauf des Lebens (1852) van Jakob Moleschott, Köhlerglaube und Wissenschaft (1854) van Karl Vogt, Kraft und Stoff (1855) van Louis Büchner en Neue Darstellung des Sensualismus (1855) van H. Czolbe.

Moleschott
in het voorwoord van Der Kreislauf des Lebens keert Jakob Moleschott zich als wetenschapper af van de Kerk en het Duits Idealisme die volgens hem een vrije ontplooiing van de menselijke mogelijkheden in de weg staan. Materialisme is naast humanisme een van de pijlers waarop het socialisme is gebouwd.

Mij boeit vooral de figuur van Jakob Moleschott, een arts en materialistisch filosoof uit ‘s-Hertogenbosch die in Heidelberg, Zürich, Turijn en Rome carrière maakte en bekend geworden is door zijn uitspraak “Ohne Phosphor kein Gedanke!” SP-parlementariër Ronald van Raak schreef vorig jaar in Spanning , een magazine van het wetenschappelijk bureau van de SP, een artikel over Jakob Moleschott. Niet zozeer vanwege zijn materialisme maar omdat Moleschott behalve wetenschapper ook socialist, vrijdenker, senator (in de Italiaanse senaat!) en voorvechter van vrouwenrechten was.

Ohne Phosphor kein Gedanke!

Jakob Moleschott

Der erste entschiedene Materialist in Deutschland ist Jakob Moleschott, 1822 in Holland geboren, Dozent in Heidelberg, von dort infolge seines Atheismus entfernt, später Professor in Zürich, Turin und Rom, wo er 1893 starb. (Vgl. seine Selbstbiographie: Für meine Freunde, Gießen 1895). Er legt in seinem berühmt gewordenen Buche: Der Kreislauf des Lebens (1852, 5. Aufl. 1876) den Gedanken von der Erhaltung der Kraft im Kreislaufe der Natur in rein stofflichem Sinne aus. Wenn der Bergmann im Schweiße seines Antlitzes phosphorsauren Kalk aus der Erde holt, der Bauer mit ihm seinen Weizen düngt, so denkt er nicht daran, dass er damit nicht bloß den Körper, sondern am letzten Ende auch das Gehirn des Menschen nährt. »Ohne Phosphor kein Gedanke!« Mit dem Stoffe ist das Leben, mit dem Leben das Denken, mit dem Denken der Wille, das Leben besser und glücklicher zu machen, verbunden. Vermögen wir daher unserem Gehirn die besten Stoffe zuzuführen, so werden auch Denken und Wollen ihre höchste Entwicklung erreichen, und wird die soziale Frage ihre Lösung finden. Der Mensch ist die Summe von Eltern und Amme, Ort und Zeit, Luft und Wetter, Schall und Licht, Kost und Kleidung, kurz durch äußere Einflüsse durchaus bedingt. Die Naturforschung ist daher der Prometheus unserer Zeit, die Chemie die höchste Wissenschaft. Gegen Ende seines Lebens hat Moleschott übrigens betont, dass er, da der Stoff nie ohne Kraft (Geist) zu denken sei, eigentlich eine »unteilbare Zweieinigkeit«, also Monismus, nicht Materialismus lehre.
 
Bron: Karl Vorländer, Geschichte der Philosophie
§ 65. Der naturwissenschaftliche Materialismus der 50er Jahre.
Die Naturforschung ist (…)
der Prometheus unserer Zeit, die Chemie die höchste Wissenschaft
Der Kreislauf des Lebens
Victor von Zabern, Mainz, 1857


Jakob Moleschott [ de.wikipedia.org ]

Kant aan de kant

gelezen in Romantiek. een Duitse affaire
Het romantische transcenderen, van Schlegel tot Nietzsche, gaat niet in de richting van de grote rust, maar is op avontuur uit. Hierbij past eerder het beeld van iemand die zee kiest voor een stormachtige reis. Waar de romantische nieuwsgierigheid toe leidde, laat zich goed illustreren in het contrast met Kant.
 
Kant
had in de Kritik der reinen Vernunft een poëtisch beeld gevonden voor de zelfbeperking van de rede, die door de romantici juist niet wordt geaccepteerd.
 
“Wij hebben thans”, schrijft Kant, “het land van het zuivere verstand niet alleen doorkruist (…) maar ook opgemeten en elk ding dat daar voorkomt zijn plaats gewezen. Maar dit land is een eiland (…) omringd door een weidse stormachtige oceaan (…) waar menige mistbank en snel wegsmeltend ijs ons nieuwe landen voorliegt, en doordat dit de zeevarende op zijn ontdekkingsreis onophoudelijk met ijdele hoop misleidt, stort deze zich in het avontuur, wat hij nooit ofte nimmer kan laten en wat hij toch ook nooit ofte nimmer tot een goed einde kan brengen.”
 
Bron: Rüdiger Safranski, Romantiek. een Duitse affaire. Uitgeverij Atlas, Amsterdam, 2007 (blz 290-291) vertaling: Mark Wildschut
Kant en Nietzsche
Immanuel Kant (1724-1804) en
Friedrich Nietzsche (1844-1900)

RomantiekRomantik. Eine Deutsche Affäre
Die Romantik, neben dem Idealismus der Inbegriff des deutschen Geistes, ist in aufgeklärten Zeiten an den Rand gedrängt worden. Rüdiger Safranski holt sie für uns ins Zentrum zurück. Er beschreibt die Romantik als Epoche, ihre Zeitgenossen Tieck, Novalis, Fichte, Schelling, Schleiermacher oder Dorothea Veit, die für die Entfesselung des Genies stehen, für den Aufbruch ins Grenzenlose, für die Lust am Experiment. Und er erzählt die Geschichte des Romantischen, die bis heute fortlebt. Sie handelt von der Karriere des Imaginären und führt über Heine, Richard Wagner, Nietzsche und Thomas Mann bis zu den Erregungen des 20. Jahrhunderts – die Biographie einer Geisteshaltung. ( Bron: powells.com )

De Grote Middag

vandaag in de zon gelezen: kleine filosofie van het bruinworden
het laatste essay in Filosofie van het landschap (1970) van Ton Lemaire
Kaunertal 4 juli 2010Zo is onze jaarlijkse tocht naar de zuidelijke zomer een rite in de nieuwe religie van de immanente wereld. Wij zijn inderdaad de aarde trouw, door in onze naaktheid het licht dat haar openbaart te trotseren, en daardoor bruin te worden. Bruin is de kleur van het lichaam dat de wereld vereert op haar grote middag. Het is op deze manier dat wij de worsteling van Nietzsche en Van Gogh om de absoluutheid van het bestaan en de transparantie van de wereld tijdens ons vakanties in praktijk brengen. Wij worden bruin van de wereld op haar hoogtepunt. En het is de kleur, die verraadt dat er – hoe zwak en pover ook – een soort mystieke vereniging heeft plaatsgevonden tussen de mens en zijn wereld.
 
Bron: Filosofie van het landschap, negende druk, blz 247.
En het is de kleur, die verraadt
dat er – hoe zwak en pover ook –
een soort mystieke vereniging heeft plaatsgevonden tussen de mens en zijn wereld

Filosofie van het landschap [ bol.com ]