Categorie archief: filosofie

grondstemming

ge-grepen om te be-grijpen
gisteren op de Filosofie Scheurkalender vandaag nog steeds actueel
Dat een juiste gestemdheid een belangrijke voorwaarde is voor het filosoferen zullen weinig filosofen willen ontkennen. Voor Martin Heidegger echter was het op een juiste wijze gestemd zijn een conditio sine que non van het denken. We beginnen pas waarlijk te denken wanneer we gegrepen zijn door een werkelijke vraag en alle gegrepenheid vloeit voort uit een stemming. En we blijven ook slechts gegrepen zolang we op de juiste wijze gestemd zijn.. Zolang we niet ge-grepen zijn door datgene wat we willen be-grijpen, is alle filosofie tevergeefs.
 
Bron: Pieter Lemmens op de Filosofie Scheurkalender
grondstemming
Filosofie gebeurt steeds in een grondstemming (Martin Heidegger)
Het is volgens Heidegger immers via de stemming dat we op de meest oorspronkelijke wijze betrokken zijn op ons eigen zijn en dat van de andere zijnden.

Filosofie Scheurkalender 2010

hogere esthetica

Kritik der Urteilskraft van Immanuel Kant na 200 jaar vertaald

Immanuel Kant - Kritik der UrteilskraftVijfentwintig jaar geleden moest ik het als kunststudent nog met een uitreksel doen, dat bij Uitgeverij Boom onder de naam Over Schoonheid is verschenen. Ruim tweehonderd jaar na Kants dood is er bij dezelfde uitgever nu eindelijk een integrale Nederlandse vertaling van de Kritik der Urteilskraft.

Deze derde Kritiek is het sluitstuk van Kants Magnum Opus, die de Kritik der Reinen Vernunft en de Kritik der Praktischen Vernunft compleet maakt. De vertaling is van Jabik Veenbaas en Willem Visser. Ze vertaalden ook de voorgaande kritieken, waarvan de laatste, Kritiek van de praktische rede, drie jaar geleden verscheen. Vandaag staat er in Trouw een artikel van Sebastian Valkenberg over Kritiek van het oordeelsvermogen waarin hij in gesprek is met Bart Vandenabeele, hoogleraar esthetica aan de Universiteit Gent.

Het boek is niet gemakkelijk, geeft Vandenabeele toe. Wat heet? De anekdotes die de moeilijkheidsgraad van Kants werk moeten illustreren zijn talrijk. Zo laat de schrijver Robert Musil één van zijn personages een aantal pagina’s lezen. Musil: „Als hij werkelijk consciëntieus de zinnen met zijn ogen volgde, had hij het gevoel dat een oude knokige hand met een draaiende beweging zijn hersenen uit zijn hoofd schroefde.“
 
Bron: Immanuel Kant blijft origineel – Trouw, 19 november 2009
Als hij werkelijk consciëntieus
de zinnen met zijn ogen volgde,
had hij het gevoel dat een oude
knokige hand met een draaiende beweging zijn hersenen
uit zijn hoofd schroefde

Robert Musil

Weinig boeken hebben zo„n stempel op de moderne cultuur gedrukt als Kants drie Kritieken. Na het succes van de Kritiek van de zuivere rede en de Kritiek van de praktische rede volgt nu Kants hoofdwerk over esthetiek, de Kritiek van het oordeelsvermogen. Opnieuw een primeur. De Kritiek van het oordeelsvermogen is de vervolmaking en voltooiing van Kants kritische filosofie. In deze derde Kritiek probeert Kant het theoretisch kennen en het praktisch handelen met elkaar te verbinden. In de laatste decennia heeft de belangstelling voor dit boek een enorme revival doorgemaakt.
 
uitgeverijboom.nl

God als mystery guest

het verschil tussen ietsisme en atheïsme
Schrijver Kluun in Filosofie Magazine

November is Maand van de Spiritualiteit en schrijver Kluun schreef in het kader daarvan het essay God is gek. In Filosofie Magazine reageert hij op een uitspraak van Nietzsche: “Het is de godsdienst die God verstikt heeft”. Atheïsme vindt hij dogmatisch, maar hij positioneert zichzelf niet expliciet als agnosticus. wéll heeft hij sympathie voor ietsisten, dat zijn mensen die geloven dat er meer is, alleen weten ze niet wat of wie die God-achtige macht dan is.

Deze zogenaamde ietsisten zouden intellectueel lui zijn: ze willen wel de geruststellende gedachte van een God, maar wijzen de sterke doctrine af. Onzin! Volgens mij denken ze juist eindelijk eens na. (…) Ze geven God dus de ruimte en verstikken Hem niet.

Wat mij opvalt is dat Kluun hier over “Hem” (God) spreekt en niet over “het”(goddelijke). Impliciet ziet hij God dus als Persoon, als Iemand. Geldt voor een relatie met God niet hetzelfde als voor een relatie met een mens? Wanneer je iemand wilt (leren) kennen, dan wil je toch weten hoe die persoon heet, waar die persoon woont en hoe je met die ander in contact kunt komen? Wanneer die Iemand nu God in hoogsteigen Persoon is, dan wil je toch weten hoe je een relatie met Hem kunt krijgen? Kun je God leren kennen door Hem volledig transcendent te houden? Kun je met Hem in contact komen, wanneer je Hem geen Naam wilt geven? Wij hebben zélf toch ook een naam waarmee anderen ons kunnen aanspreken en waarmee we gekend kunnen worden?

Super Nova
God als iets, bij voorkeur als energie
het beeld van een Super Nova als een van de laatste immananties vóór de volledige transcendentie en onbereikbaarheid van God

Welke waarde heeft het opzettelijk niet benoemen en het openlaten van “het God-achtige” door de ietsisten? Is het een deur waardoor God naar binnen kan komen? Of is dit “openlaten” juist een muur waarmee God, zoals Hij door ons gekend wil worden, wordt buitengesloten? Kun je een deur openhouden (of op een kier laten staan) voor iemand die per se onzichtbaar moet blijven? Ik denk het niet. Maar er is ook een andere houding die open maar gastvrij is: je erkent dat deze onzichtbare persoon al binnengekomen is en je behandelt Hem vervolgens als Mystery Guest: je wilt graag weten Wie Hij is.

Uit onderzoek blijkt dat maar 14 procent van de Nederlanders met zekerheid meent te weten dat er geen God of hogere macht bestaat. De rest, 86 procent, gelooft ergens in of weet het niet. Laat nou juist bijna alle zogenaamd weldenkende media-iconen – Jeroen Pauw, Paul Witteman, Theodor Holman, Max Pam, om er maar een paar te noemen – tot die 14 procent behoren. De atheïsten hebben het monopolie op weldenkendheid geclaimd. Dat is de dictatuur van het atheïsme.
 
Maar is het niet juist bijzonder dom om glashard te beweren dat God niet bestaat? Hoe weet jij dat zo zeker, terwijl geen enkele filosoof of wetenschapper dat durft te bevestigen? Door de mogelijkheid van een hogere macht niet open te houden, ben je minstens zo dogmatisch als de kerk. Bovendien, waarom maken die hedendaagse atheïsten zich zo druk? Waarom die zendingsdrang? Als ik niet van voetbal zou houden, zou ik er niet over schrijven.
 
Bron: Filosofie Magazine nummer 9 – 2009
De atheïsten hebben het monopolie op weldenkendheid geclaimd. Dat is de dictatuur
van het atheïsme.

Kluun in FM

filosofiemagazine.nl