Categorie archief: tekeningen en prenten

het verhaal ging … [3]

Deze maand lees ik de Metamorphosen van Ovidius
vandaag: Daedelus en Icarus
Terwijl hij deze vermanende woorden uitsprak, bond hij zijn zoon de hem onbekende vleugels aan de schouders. Tijdens het werk en de vermaningen biggelden bij Daedalus de tranen over zijn wangen en beefden zijn handen. Hij omhelsde zijn zoon – voor de laatste keer… Hij verhief zich op zijn vleugels en vloog voor zijn zoon uit, bezorgd of hij wel volgde, zoals een vogel die vanuit een hoog nest zijn tengere kroost voorgaat in de lucht. Hij spoorde Icarus aan hem goed te volgen, leerde hem de fatale techniek van het vliegen en keek of de vleugels van zijn zoon wel goed vastzaten.
Armen zonder pluimen wiekten door de lucht maar vonden geen steun

Een hengelaar, een herder en een boer zagen hen voorbijkomen – ze schrokken omdat ze dachten dat het goden waren: wie kon er anders door de lucht vliegen? Aan de linkerkant was Samos al in zicht, Delus en Paros waren al achter hen en Lebinthus en het honingrijke Calymne lagen aan hun rechterkant toen de knaap vliegen leuk begon te vinden.

Daedelus
Virgis Solis, editie 1581
Hij liet zijn gids waar die was en ging, aangelokt door de wijde hemel, hoger vliegen. De nabijheid van de verzengende zon maakte de vleugellijm – de geurige bijenwas – zacht, en opeens was de was gesmolten. Armen zonder pluimen wiekten door de lucht maar vonden geen steun; tenslotte werd zijn mond, die nog de naam van zijn vader schreeuwde, omsloten door het blauwe zeewater dat aan hem zijn naam zou ontlenen.
 
De vader – die nu geen vader meer was – riep “Icarus!”, en nogmaals “Icarus, waar ben je? Waar kan ik je vinden?” Hij schreeuwde opnieuw de naam van Icarus toen hij plots de vleugels op de golven zag drijven en zijn techniek vervloekte. Hij begroef het lichaam op de kust en het eiland kreeg de naam van hem die daar begraven ligt.
 
Bron: satura-lanx.telenet.be/Ovidius

Kroon’s mythologisch woordenboek

het verhaal ging … [1]

Deze maand lees ik de Metamorphosen van Ovidius
vandaag: Apollo en Daphne
Daphne, de dochter van Peneus, was de eerste liefde van Apollo. Dat was geen toeval maar een gevolg van de wraak van Cupido. Apollo, apetrots op zijn overwinning op de Python, bemerkte Cupido die bezig was zijn boog te spannen. Geringschattend zei hij: “Zeg eens, snotneus, wat doe jij daar met een wapen dat alleen maar aan mijn schouders past? Ik heb met dat wapen tenminste al een gevaarlijke vijand gedood; het enige wat jij met die boog uitvreet, is mensen in liefde doen ontvlammen! Wil je daarvoor in het vervolg een fakkel gebruiken in plaats van het wapen van mijn triomf?”
 
De zoon van Venus was spinnijdig geworden en had teruggeroepen: “Het kan best zijn, Apollo, dat jouw boog alles kan treffen; maar ik zal jou met mijn boog treffen!” En na die woorden had hij postgevat op een van de toppen van de Parnasus. Twee pijlen haalde hij uit zijn koker: een pijl met een loden punt, die alle liefde verdrijft, had hij afgeschoten op een nimf, Daphne, de dochter van Peneus; een pijl met een gouden punt, die in liefde doet ontvlammen, had hij afgevuurd op Apollo.
 
Onmiddellijk stond Apollo in lichterlaaie voor Daphne, die van zijn liefde natuurlijk niet wou weten. Ze wou alleen maar jagen, gekleed in dierenhuiden, als een nieuwe Diana. Haar vader mocht aandringen op een huwelijk, vragen dat ze hem kleinkinderen zou geven, niets baatte. Ze smeekte Peneus dat hij haar zou toelaten haar hele leven maagd te zijn, en tenslotte stond haar vader dat, zeer tegen zijn zin, toe.
Apollo
Johann Ulrich Krauss, Edition 1690 Ovid, Met. I, 452-567
in frondem crines, in ramos bracchia crescunt / pes modo tam velox pigris radicibus haeret /ora cacumen habet: remanet nitor unus in illa.
Maar juist haar schoonheid belette dat haar wens in vervulling kon gaan. Apollo was immers smoorverliefd op haar geworden! Hij droomde van haar, verlangde naar haar en werd misleid door zijn eigen zienerskunst. Hij zag hoe haar onverzorgde lokken op haar schouders vielen en probeerde zich voor te stellen hoe mooi ze zou zijn als die haren opgebonden waren; hij zag haar ogen fonkelen, bewonderde haar veelbelovende lippen, liet zijn blik gaan van haar vingers naar haar handen, haar armen, haar…
 
Maar Daphne sloeg op de vlucht en wat Apollo ook riep om haar op hem te laten wachten, ze bleef niet staan. Hoe hij haar ook smeekte en probeerde te overtuigen, ze bleef maar lopen. Het leek wel of de snelheid van haar vlucht haar schoonheid nog deed toenemen… Apollo verdubbelde zijn snelheid en gedragen door de vleugels van de liefde begon hij de nimf in te halen: ze voelde al zijn adem in haar nek.
Haar borst werd ingesloten door een dunne bast, haar armen groeiden uit tot takken, haar vingers tot twijgen en haar haren tot loof.

Uitgeput bad ze tot haar vader: “Vader, jij die stroomgod bent, jij hebt de macht om mijn schoonheid te veranderen. Help me toch!” En terwijl ze die woorden uitsprak, werd ze bevangen door stijfheid. Haar borst werd ingesloten door een dunne bast, haar armen groeiden uit tot takken, haar vingers tot twijgen en haar haren tot loof. Haar voeten die zonet nog zo snel waren, werden nu tegengehouden door wortels; haar hoofd was een kruin geworden. Alleen haar schoonheid was in haar blijven bestaan.Apollo hield nog steeds van haar, ook al was ze dan een boom geworden. Hij legde zijn hand op de stam en voelde haar hart nog kloppen onder de nieuwe schors, hij omhelsde haar stam als was het nog een lichaam, hij kuste het hout – maar het hout boog van zijn kussen weg. Toen zei Apollo: “Je kunt mijn vrouw niet worden, maar je zult voor altijd mijn boom blijven. Kransen van jouw twijgen zullen mijn lier, mijn boog en mijn lier sieren. Jij zult Romeinse triomfators begeleiden op hun tocht naar het Capitool. Zoals ik altijd mijn haar lang draag, zo zul jij altijd je bladeren behouden.” En het scheen Apollo toe dat de laurierboom instemmend knikte met de kruin, alsof het nog een hoofd was…
 
Bron: satura-lanx.telenet.be/Ovidius

Kroon’s mythologisch woordenboek

Een Tweede Bijbel

Deze maand lees ik de Metamorphosen van Ovidius
En tot in verre landen, waar Romeinse macht zal heersen, zal men mij lezen en ik zal door alle eeuwen heen
als dichterswoorden waarheid zingen
roemvol blijven leven.

De invloed die de Metamorphosen van Ovidius op de Westerse kunst gehad heeft, kan men nauwelijks overschatten. Misschien is deze te vergelijken met de impact van Windows op de informatiemaatschappij. Het antieke dichtwerk werd in de Renaissance herontdekt en heeft generaties lang kunstenaars voorzien van onderwerpen voor hun opdrachten.

Was Ovidius de Nico ter Linden
van de Griekse mythologie?

Bestond er in de Middeleeuwen in feite alleen het Boek der boeken (waarvan in feite de naam van ieder boek direct is afgeleid), na de revolutie van de boekdrukkunst kreeg de Bijbel concurrentie van eigentijdse maar vooral ook van klassieke geschriften. Eén boek was onbetwist hét boek dat de klassieke Oudheid deed herleven en dat was deze compilatie mythen, die door Ovidius aan het begin van onze jaartelling in klassiek Latijn is naverteld. Was Ovidius een beetje de Nico ter Linden van de mythologie? Ik dacht het niet, maar hij liet het verhaal wel gaan en zijn Metamorphosen werd een van de grote bestsellers aller tijden.

George Sandy
Metamorphosen frontispiece
George Sandy Edition, 1632

Er zijn tussen 1500 en 1700 weinig schilders van naam die zich niet aan een van de verhalen uit de Metamorphosen hebben gewaagd. Als ze in opdracht van een rijke burger of een vorst werkten, stond er altijd wel een verhaal uit de Metamorphosen op het menu. De Renaissance was het begin van de secularisatie en er ontstond een steeds grotere vraag naar zinnelijke afbeeldingen, liefst met enkele naakte godinnen. Vaak werden klassieke thema’s gebruikt als alibi voor erotische voorstellingen.

Goltzius
Hendrick Goltzius
Lot en zijn dochters, 1616.
Ook Bijbelverhalen vormden in de 16e en 17e eeuw een alibi voor geile plaatjes

Zelfs Bijbelverhalen kwamen daarbij soms goed van pas. Joachim Wtewael, een gevierd schilder uit Utrecht, had zo zijn favouriete onderwerpen: Lot en zijn dochters, Suzanna bespied door de oudsten. Hij schilderde ze meerdere malen en kon ze met gemak voor grote bedragen verkopen. Ik vond een aardige website over iconografische thema’s in de schilderkunst, die zowel klassieke als bijbelse onderwerpen belicht.

Wtewael
Nogmaals Lot en zijn dochters
omstreeks 1600 geschilderd
door Joachim Wtewael

Ovidius’ boek vormde dus een mooi alibi voor allerlei pikante taferelen. Wie kent niet schilderijen waar we Jupiter (Zeus) als echtbreker en serieverkrachter leren kennen. De ene keer met Europa, dan met Danae en tussendoor nog eens met Leda en Io. Maar alle keren zijn het uiteraard blote meisjes met een mondje dat niet alleen openvalt van verbazing. Die Jupiter flikt het ‘m elke keer toch weer, als stier, zwaan en zelfs als immateriële gouden regen in het geval van Danae. We kennen deze voorstelling natuurlijk vooral van Rembrandt (1636), maar ook Jan Gossaert (1527), Correggio (1531), Titiaan (1544) en vele andere schilders hebben Danae’s gouden moment uitgebeeld.

Correggio
Correggio, Danae, 1531

In de 16e eeuw werden de houtsnede en de houtgravure ontzettend populair. Zo werd de tekst van de Metamorphosen vergezeld met houtsneden overal in Europa verspreid . Een bekend uitgave in Duitsland was de Metamorphosen die geillustreerd was door Virgil Solis en in 1581 in Frankfurt was uitgegeven. Alle houtsneden uit dit boek zijn op internet te bekijken.

Metamorphosen
De ontvoering van Europa, uit P. Ovidii Metamorphosis (1581) door Virgil Solis , schilder, tekenaar en graficus uit Neurenberg 1514-1562

Een overzicht van alle verhalen wordt geven op een website uit België, daar kent zijn klassieken in het onderwijs tenminste nog! En op deze engelstalige site kun je door het boek bladeren en tegelijkertijd zien hoe de schilders zich door de eeuwen heen hebben laten inspireren door de verhalen.

OvidiusPublius Ovidius Naso werd geboren te Sulmo (Sulmona, ca. 120 km ten oosten van Rome, in een vallei van de Abruzzen) op 20 maart 43 v.C. Hij stamde uit een oude en gegoede familie van de ridderstand en had een broer, die precies één jaar ouder was dan hijzelf (gestorven 24 v.C.). Omdat zijn vader wenste dat hij advocaat werd, studeerde hij reeds vroeg letterkunde, welsprekendheid en recht in Rome, waar hij een schitterend student was bij bekende retoren (Arellius Fuscus en Marcus Porcius Latro) en blijk gaf van een buitengewoon geheugen. Om zich verder te vervolmaken, reisde hij naar Athene (waar hij filosofie studeerde), Klein-Aziëen Sicilië.

Na zijn terugkeer in Rome bekleedde hij enkele lagere rechterlijke ambten en was hij advocaat, hoewel hij zich allerminst aangetrokken voelde tot de advocatuur. Tot groot ongenoegen van zijn vader lag zijn hart veeleer bij de dichtkunst. Dat was trouwens reeds vroeg het geval: heel jong al had hij blijk gegeven van veel dichterstalent (men vertelde zelfs dat hij in verzen sprak). Op 18-jarige leeftijd maakte hij zijn literair debuut. Met zijn lichtvoetige werken werd hij de geliefde dichter van de mondaine kringen en kwam hij in contact met grote dichters als Publius Vergilius Maro, Quintus Horatius Flaccus, Albius Tibullus en Sextus Propertius. Lees verder…

ovidiusEen ondubbelzinnig schilderij van Angelo Bronzini siert de cover van de uitgave die verschenen is in 1993 bij Atheneum Polak & Van Gennep. (Vertaling: M.d’ Hane-Scheltema) Elke dag ga ik een verhaal lezen en vanaf morgen laat ik telkens een ‘historieschilderij’ zien dat een van de verhalen uit de Metamorphosen illustreert.

integrale tekst in Latijn | Test je kennis van de Metamorphosen
Honderden afbeeldingen uit de Metamorphosen