Na de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865) brak voor het Noorden een tijd van grote voorspoed aan. De Amerikanen noemen deze tijd de Gilded Age. In de periode 1870-1900 werd de basis gelegd voor de economische supermacht die de Verenigde Staten in de twintigste eeuw zouden worden. Tycoons als Carnegie, Morgan, Frick, Vanderbilt en Rockefeller werden onmetelijk rijk en stelden de vorsten van het oude Europa in hun schaduw.

William A.Clark der Kupfer-König
Henry O.Havemeyer der Zucker-Papst
William K. Vanderbilt der Eisenbahn-König
In 1903 maakte een Duitse illustrator een aantal spotprenten bij deze nieuwe rijken: Fürsten von Dollars Gnaden. Vanuit het oude Europa werd er vaak met jaloezie én minachting gekeken naar deze tycoons die als barbaren de schatkamers van de Europese kunst plunderden. Zo wisten de connaisseurs van Henry Clay Frick (1849-1919) in Europa de krenten uit de pap te vissen. Voor veel Oude Meesters moeten we nu dus de Atlantische Oceaan oversteken.

Andrew Carnegie der Stahl-König
J.P. Morgan der Trust-Kaiser
William Rockefeller der Ölgötze
Deze spotprenten verschenen in een Duitse krant. Ook in Duitsland had de zware industrie aan het einde van de negentiende eeuw een hoge vlucht genomen en zijn industriebaronnen voortgebracht, waaronder Krupp, Zeiss, Siemens en Thyssen.
Zeven Tycoons uit de Gilded Age
William A. Clark (1839-1925)
Henry Osborne Havemeyer (1847-1907)
William Kissam Vanderbilt (1849-1920)
Andrew Carnegie (1835-1919)
J.P. Morgan (1837-1913)
William Rockefeller (1841-1920)
Henry Clay Frick (1849-1919)
Ik dacht dat ik mijn stromingen kende, maar van het vorticisme had ik nog nooit gehoord. Je kunt het ergens plaatsen tussen kubisme, expressionisme en futurisme, in de jaren vlak voor en tijdens de Eerste Wereldoorlog. Om te kunnen oordelen of een kunstwerk nu kubistisch, expressionistisch, futuristisch of vortistisch is, daarvoor heb je fingerspitzengefühl nodig. De stroming dankt haar naam aan de dichter Ezra Pound die de term in 1913 voor het eerst gebruikte.
Percy Wyndham Lewis werd geboren aan boord van het jacht van zijn ouders, voor de kust van Nova Scotia. Zijn vader was Amerikaans, zijn moeder Britse. Hij bezocht de Rugby School en later de Slade School of Fine Art in London, maar werd van beide opleidingen verwijderd. In 1912 reisde hij naar Europa en studeerde een tijdlang kunst te Parijs, waar hij vriendschap sloot met Ezra Pound. Uit deze vriendschap kwam in 1914 Blast voort, het tijdschrift voor Vorticisme. Vorticisme werd geïnspireerd door het kubisme, het futurisme (…) en kenmerkte zich met name in de schilderkunst door scherpe contouren en contrasterende kleuren. In de schrijfkunst verdedigde Lewis de „externe stijl„, een heldere, objectieve en vooral visuele verteltechniek, met vaak mechanische personages. Lewis zette zich fel af tegen het subjectieve van bijvoorbeeld D.H. Lawrence en tegen modernistische schrijvers als James Joyce en Gertrude Stein, mede vanuit een negativistische houding ten opzichte van seks en wantrouwen tegen het onderbewuste. Hij was een bewonderaar van Friedrich Nietzsche en Henri Bergson (die hij later overigens ook weer bekritiseerde).














