Categorie archief: film

Des bons et Des méchants

gezien op DVD: Outside the Law (2010) van Rachid Bouchareb

Outside the LawDe Algerijnse vrijheidsstrijd tegen Frankrijk is in de filmgeschiedenis onlosmakelijk verbonden met het meesterwerk van Gillo Pontecorvo uit 1966. Op het Filmfestival van Venetiëwon de Italiaans-Algerijnse productie La battaglia di Algeri de Gouden Leeuw en ruim vier decennia later wordt ze tot de klassiekers gerekend. De Algerijnse regisseur Rachid Bouchareb volgde met zijn ambitieuze en dure (19,5 miljoen euro) productie Outside the Law (Hors-la-Loi) een andere koers dan La battaglia di Algeri. Het verhaal van de Algerijnse strijd om onafhankelijkheid wordt niet met journalistieke afstandelijkheid verteld, maar van binnenuit.

De onafhankelijkheidsoorlog van Algerije is en blijft natuurlijk een uitgesproken politiek onderwerp waarmee je als Algerijnse filmmaker in Frankrijk al gauw
een open zenuw raakt.

Hors-la-Loi volgt het leven van drie broers Saïd (Jamel Debbouze) Abdelkader (Roschdy Zem) en Messaoud (Sami Bouajila) tussen 1925 en 1961. Ieder reageert op zijn eigen manier op de Franse onderdrukking. Terwijl Abdelkader en Messaoud zich aansluiten bij het Front de Libération Nationale (FLN) en zich ontwikkelen tot twee hardliners in de gewapende onafhankelijkheidsstrijd, ontworstelt Saïd zich aan de armoede, ook als hij zich daarvoor tegen de Fransen moet aanschurken. Bouchareb heeft van Hors-la-loi eerder een keiharde gangsterfilm gemaakt dan een politieke film. Maar de Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog is en blijft natuurlijk een uitgesproken politiek onderwerp, waarmee je als Algerijnse filmmaker in Frankrijk al gauw een open zenuw raakt.

Hors la Loi
de drie broers uit Outside the Law
Abdelkader (Roschdy Zem), Saïd (Jamel Debbouze) en Messaoud (Sami Bouajila)

Onmiddellijk bij het verschijnen van Hors-la-loi in mei 2010 was er Franse kritiek op de film. Met name de scenes over het bloedbad van Sétif op 8 mei 1945 zouden de historische werkelijkheid niet goed weerspiegelen. De Franse politicus Lionnel Luca, partijgenoot van Sarkozy, had felle kritiek op de scenes waarin vreedzame demonstrerende moslims op straat als konijnen door de colons worden afgeschoten. Hors-la-loi toont daarmee het beeld van genocide. Zo kon de Turkse premier Erdogan zijn Franse collega Sarkozy fijntjes aan het bloedbad van Sétif herinneren, toen recentelijk in Frankrijk een wet werd aangenomen die het ontkennen van de Armeense genocide strafbaar stelt.

Sétif 1945Maar in werkelijkheid hadden er in en rond Sétif gruwelen plaatsgevonden waarvan niet alleen moslims maar ook pieds-noirs (de Franse kolonisten) het slachtoffer waren geworden. Hors-la-loi laat daar niets van zien. Ook al stond het aantal vermoorde pieds-noirs niet in verhouding met het aantal vermoorde moslims, het plaatje is niet compleet als we alleen maar Algerijnen zien die door Fransen worden afgeknald. De barbaarse methoden waarmee Franse kolonisten werden afgeslacht en verminkt, brachten in het moederland direct na het einde van de Tweede Wereldoorlog zo’n schok teweeg, dat er onbeheerste represailles volgden. Tussen de vijftien en twintigduizend moslims werden doodgeschoten. Vreedzame moslims die door Franse colons genadeloos worden afgeschoten, is selectieve waarneming. Maar waar iedereen het over eens is, het bloedbad van Sétif werd het startschot voor de Algerijnse onafhankelijkheidsstrijd.

Bouchareb begint zijn verhaal overigens in 1925. Saïd, Abdelkader en Messaoud zijn nog heel klein wanneer hun vader en moeder het bevel krijgen om het land en de boerderij waar ze al generaties lang wonen, onmiddellijk te verlaten. Hun geboortegrond is door de Franse kolonisator onteigend. De moeder neemt nog snel wat aarde mee en wikkelt dat in een doek. Dit sentiment is typerend voor Bouchareb‘s aanpak. In het prille begin word je als kijker bijna met de rug tegen de muur gezet. Je kunt dan eigenlijk weinig anders meer als sympathie opbrengen voor het verjaagde gezinnetje en de Franse agressor hartgrondig gaan haten. In het begin van de film worden we frontaal geconfronteerd met zulk ten hemel schreiend onrecht dat je de verschrikkelijke wraak die daarna gaat komen bijna wel toejuichen moet. Bouchareb heeft zich laten verleiden tot een Hollywoodschema waarin de Fransen de méchants zijn en de Algerijnen de bons. Hors-la-loi is geen subtiele film.

Outside the Law trailer

In de eerste scenes die zich in 1925 en 1945 in Algerije afspelen, moest ik denken aan Bernardo Bertolucci‘s sociaalrealisme uit Novecento. De beelden zijn overbekend: de uitbuiting, de schrijnende armoede, de volksopstand en de martelaren van de revolutie. Maar als het verhaal zich in 1953 naar Frankrijk verplaatst, komen we in een soort film noir uit de jaren vijftig. Het tijdsbeeld met de onvermijdelijke hoeden en de belichting dragen daar alles aan bij. In het expliciete geweld is Hors-la-loi duidelijk schatplichtig aan The Godfather. Sommige scenes lijken wel geciteerd uit Coppola‘s meesterwerk. Ook wordt er nog een zijsprong gemaakt naar een ander toneel van het naoorlogse koloniale drama voor Frankrijk: Indochina. Messaoud, de grootste en sterkste broer van het drietal is in militaire dienst gegaan. Tijdens zijn gevangenschap in Frans Indochina wordt hij samen met het Algerijnse regiment waarin hij dienst genomen heeft, opgejut om zich te bevrijden van Frankrijk en te gaan vechten voor onafhankelijkheid van Algerije. Terug bij zijn broers in Frankrijk is Messaoud helemaal rijp voor de FLN.

Op 5 juli a.s. is het precies een halve eeuw geleden dat Algerije onafhankelijk werd. Aan het einde van Hors-la-Loi zien we historische beelden van een euforische menigte die met Algerijnse vlaggen uitbundig de onafhankelijk vieren. De zestigplussers onder ons zullen zich deze journaalbeelden zeker nog kunnen herinneren. Voor degenen die het niet bewust hebben meegemaakt, lijkt het de Arabische lente wel. De muziek bij deze beelden is episch en gedragen en niet feestelijk. Tenslotte heeft de onafhankelijkheidsstrijd aan ontelbare mensen het leven gekost en Bouchareb lijkt met deze muziek de doden te willen gedenken. Hierdoor hinkt Hors-la-Loi op twee gedachten: het is een keiharde gangsterfilm, maar tegelijkertijd ook een monument voor de gevallenen. La battaglia di Algeri maakt zich niet aan tweeslachtigheid schuldig, maar dat is en blijft dan ook een meesterwerk. Niettemin is Hors-la-Loi een prima onderhoudende film met genoeg kwaliteiten, niet in de laatste plaats het prima spel van Jamel Debbouze, Roschdy Zem en Sami Bouajila.

bespreking op filmorama.nl | Hors La Loi [ tadrart.com ]

ticket to the tropics

woensdag 11 april gezien op BBC 2: His Majesty O’ Keefe (1953)

His Majesty O'KeefeIn 1931 maakte de legendarisch Duitse filmregisseur F.W. Murnau zijn laatste film Tabu: A Story of the South Seas. Hiervoor filmde hij op het eiland Bora Bora in de Stille Zuidzee. Het leven van de inboorlingen op het exotische eiland speelde min of meer de hoofdrol en daardoor leek de film soms meer op een documentaire met mooie exotische beelden.

His Majesty O’ Keefe naar het gelijknamige boek van Laurence Klingman en Gerald Green uit 1952 doet me enigszins denken aan Tabu: A Story of the South Seas. We zien hier ook lange scenes met dansende inboorlingen, wat een kleurrijk schouwspel oplevert want alles is gefilmd in technicolor. Op de voorgrond staat weliswaar de geoliede torso van Burt Lancaster om ons duidelijk te maken dat de film niet over volkenkunde gaat, maar over romantiek met veel geoorloofd bloot.

His Majesty O'Keefe
His Majesty O’ Keefe stills

Deze luchtig geklede film die zich afspeelt in een tropisch paradijs moest het Amerikaanse publiek tijdens beklemmende jaren van McCarthy‘s communistenjacht wat lucht geven. Je krijgt er overigens heerlijk bombastische ‘avonturenmuziek’ bij van Dimitri Tiomkin.

His Majesty O'Keefe
… een halfnaakte Burt Lancaster en Joan Rice moesten in 1953 het publiek de Koude Oorlog even doen vergeten…

His Majesty O’ Keefe [ imdb.com ]

(on)geloof

Il Vangelo secondo Matteo (1964) van Pier Paolo Pasolini
Willem Jan Otten in Letter & Geest (Trouw) over deze klassieker

il vangelo secondo MatteoVandaag is het in de Orthodoxe Kerk Grote Donderdag en vanavond worden de Twaalf Evangeliën over het lijden van Christus gelezen als voorbereiding op Goede Vrijdag. In de reeks films die een leven veranderen sprak Willem Jan Otten op maandag 26 maart na afloop van Il Vangelo secondo Matteo in De Balie over deze filmklassieker uit 1964. Volgens velen is het de beste film die ooit over het leven van Jezus is gemaakt. Regisseur Paolo Pasolino was atheïst en communist. Toch maakte hij een waardige film over het Evangelie volgens Mattheüs die zelfs in het Vaticaan positief ontvangen werd.

In zijn essay Hij weigert het beter te weten dan Jezus buigt Willem Jan Otten zich over het raadsel hoe een atheïst een film over het leven van Jezus kon maken die ons zo diep raakt. Door de nadruk te leggen op het gewone volk en op Jezus als man van het volk, focuste Pasolini op marxistische elementen van het Evangelie, maar toch maakte hij er geen marxistische film van. Kort na de première in 1964 werd Pasolini gevraagd hoe een “ongelovige” zo’n getrouwe Jezusvertelling kon neerzetten. Zijn antwoord is beroemd geworden: “Als u weet dat ik een ongelovige ben, dan kent u mij beter dan ik mijzelf. Het kan zijn dat ik een ongelovige ben, maar ik ben een ongelovige die naar geloof verlangt.” Voor elke gelovige is het herkenbaar “Heer ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp!” Hier ligt de brug tussen niet geloven en geloven, in het willen willen en in de wetenschap dat het alleen vanuit onszelf niet gaat.

Il Vangelo secondo Matteo
still uit Il Vangelo secondo Matteo
Als u weet dat ik een ongelovige ben, dan kent u mij beter dan ik mijzelf. Het kan zijn dat ik een ongelovige ben, maar ik ben een ongelovige die naar geloof verlangt.

Pier Paolo Pasolini

En natuurlijk is de opstandige, schijnheiligheid bestrijdende filmmaker tenslotte gefascineerd door de onvoorwaardelijke revolutionaire, schijnbaar suïcidale keer die Jezus’ leven neemt – als hij besluit om met open ogen zijn gewelddadige einde tegemoet te lopen – als een zelfgekozen einde. Wetend dat hij niet alleen vervolgd zal worden door zijn beschuldigers, maar ook: dat hij niet begrepen zal worden door zijn volgelingen, en zelfs verraden en in de steek gelaten en geloochend. De Mensenzoon – als hij dat is, dan betekent dat iets radicaal anders dan zelfs zijn intiemste volgelingen menen – die altijd ergens hopen dat ‘Zoon van God’ zijn moet inhouden: gespaard worden, bijtijds gered, ‘zegevieren’…
 
Bron: Willem Jan Otten op 24 maart in Letter & Geest (Trouw)

God tussen de potten en pannen [ Woest & Vredig ]