Categorie archief: film

eigentijdse heiland anno 1927

opnieuw gezien: de gerestaureerde versie van Metropolis (1927/2010)

MetropolisBegin jaren zeventig was de stomme film nog volop aanwezig op de televisie. Toen ik zes of zeven jaar oud was, keek ik het liefst naar Comedy Capers met de aanstekelijke begintune van Jack Saunders (‘daar komen die keepurs’ maakte ik er van). Ook naar de legendarische VPRO tv-programma’s “horen, zien en zwijgen” en “zwijgen is goud” van cinefiel Maarten van Rooijen keek ik graag. Tot 1975 stond er bij ons thuis nog geen kleurentelevisie zodat de zwartwitfilm geen concurrentie had van de kleurenfilm. Voor mij als jongetje was de stomme film synoniem met slapstick en onbedaarlijk hard lachen.

Films met Laurel en Hardy, Charley Chaplin, Buster Keaton, Harold Lloyd, Harry Langdon en Ben Turpin behoorden voor mij tot het leukste dat er op de televisie te zien was. Later ontdekte ik dat er ook serieuze stomme films waren, maar daar vond ik toen niets aan. Weer later, toen ik op de kunstacademie zat, hoorde ik over de Duitse expressionistische film en leerde ik verbanden te zien tussen de schilderkunst, film en tijdgeest. Sindsdien ben ik geboeid door de expressionistische film en de uitvergrote manier van acteren.

Op 12 februari 2010 zag ik op Arte de wereldpremière van de gerestaureerde versie van Metropolis met orkest in Berlijn die live op een scherm op de Brandenburger Tor te zien was. Op 10 januari 1927 was de première van de duurste film uit de jaren twintig ook al niet ongemerkt voorbijgegaan. Hindenburg en de hele Duitse regering waren in de zaal aanwezig. Tegenwoordig staat Metropolis op de Unesco-lijst van werelderfgoed en beschouwt men de film als een van de beroemdste uit de geschiedenis.

Metropolis
stills uit Metropolis
de boze uitvinder Rotwang heeft de robot het gezicht van Maria gegeven

Wat mij ditmaal sterk opviel, is dat Metropolis op het kruispunt staat van de negentiende naar de twintigste eeuw. Vooral in het acteerwerk worden gevoelens reusachtig opgeblazen, waardoor de film soms aanzwelt tot een pathetische, Wagneriaanse opera. Maar in thematiek neemt de film een voorschot op de toekomst, op een eeuw die inmiddels achter ons ligt. Er is veel geschreven over de nationaal-socialistische aspecten in Metropolis . Vooral de rol van Freder Fredersen als Mittler (bemiddelaar) wordt dan vergeleken met die van de Führer die zes jaar later aan de macht zou komen. Ook het beeld van de massamens wordt in de film treffend weergegeven. In de onderwereld van Metropolis zijn de arbeiders een soort zombies geworden, die hun persoonlijkheid zijn kwijtgeraakt. De arbeiders die schouder aan schouder als robots naar hun werk marcheren, lijken veel op de soldaten die je acht jaar later op de partijdag in Neurenberg ziet in de film Triumph des Willens. Maar Fritz Lang was geen Leni Riefenstahl. Zoals algemeen bekend is, was Hitler erg onder de indruk van Metropolis en had hij Fritz Lang graag als ‘hofregisseur’ gehad. Maar Lang vluchtte in 1933 het land uit en vertrok naar de Verenigde Staten.

Metropolis
De hoer van Babylon in Metropolis wordt aanbeden. Vervang haar door Hitler en je hebt bijna een beeld uit Riefenstahl’s Triumph des Willens.

Metropolis wordt gezien als de eerste grote science fiction film met (zeker voor die tijd) indrukwekkende special effects. Maar net als 2001: A Space Odyssey, Star Wars en The Matrix is Metropolis ook een modern sprookje. De film vertelt niet alleen een verhaaltje over de nabije toekomst (2026 in dit geval), maar vooral ook iets over de tijd waarin wij nu leven, een tijd waarin de toekomstnachtmerrie uit de film al in voorbereiding is.

Mittler zwischen
Hirn und Händen
muss das Herz sein.

motto van Metropolis

Het is opvallend hoeveel Bijbelse motieven er in het scenario zijn verwerkt: Moloch, de torenbouw van Babel, Maria, de messias (der Mittler), de openbaringen van Johannes, de hoer van Babylon, de vader en de zoon… Metropolis wortelt dus in de Bijbelse traditie, maar er wordt een invulling gegeven die je helemaal ‘twintigste eeuws’ kunt noemen. Want de oplossing komt in Metropolis niet meer van boven, maar van een bemiddelaar, een mediator zouden we nu zeggen. ‘Een sterke man’, zei men in de Weimar Republiek. In deze zin wordt in Metropolis de eigentijdse en menselijke heiland gelegitimeerd, al heeft Fritz Lang nooit enig heil verwacht van Mittler Hitler.

Metropolis [ de.wikipedia.org ] | Metropolis [ imdb.com ]

het lijden van de vader

opnieuw gezien: Ladri di biciclette (1948) van Vittorio de Sica

Toen ik Ladri di biciclette voor de eerste maal zag, werd ik onmiddellijk verliefd op deze ontroerende en hartverscheurende film. Het verhaal is van een bijna lachwekkende eenvoud (fiets wordt gestolen, man gaat met zijn zoontje de fiets zoeken.), maar de inhoud is zo universeel, dat de film na 63 jaar nog steeds helemaal overeind staat. Ladri di biciclette bestaat uit meerdere lagen. Anno 2011 kun je deze film bekijken als een tijdsdocument van het naoorlogse Rome met zijn enorme werkloosheid en schrijnende armoede. Tegelijkertijd is het een ijzersterk document van sociaal-realisme dat ons verbindt met het ellendige en uitzichtsloze bestaan van de ontelbare naamloze armen en werklozen op deze wereld. In de diepste laag van de film gaat het over het naakte bestaan en de metafysische dakloosheid van de moderne mens. Vooral in de score van Alessandro Cicognini is dat goed te horen. Zijn atmosferische, ijle klanken roepen een sfeer op van een desolate ruimte die geen geborgenheid meer biedt.

Ladri di biciclette
stills uit Ladri di biciclette

Het knappe aan deze film is de koppeling van een uiterst simpel thema aan de bestaansgrond. In Ladri di biciclette is de fiets de metafoor van onze hoop. Wanneer de vader een baantje als plakker heeft gekregen, maar daarbij afhankelijk is van zijn fiets, is het ontroerend om de kinderlijke blijdschap in het armoedige gezinnetje te zien. De donkere wolk boven hun bestaan is opzij geschoven. De vader is zo trots als een pauw op zijn fiets, zijn vrouw en zijn zoontje genieten volop voor hem mee. De fiets verlost zijn gezin uit de armoede. Zonder fiets zou zijn gezin weer wegzakken in de armoede en hijzelf in het gevoel waardeloos te zijn voor de wereld. Een leven zonder fiets is een ondragelijke achtbaan van schaamte, woede, verdriet en machteloosheid.

Het knappe aan deze film is de koppeling van een uiterst simpel thema aan de bestaansgrond. In Ladri di biciclette is de fiets de metafoor van onze hoop.

Op zijn eerste werkdag gebeurt het rampzalige. Wanneer zijn fiets gestolen wordt, lijkt de bodem onder het bestaan van de vader weggeslagen. Hoe vertelt hij het zijn vrouw en zijn zoontje? Schaamte, woede, verdriet, machteloosheid… Het jongetje voelt het lijden van zijn vader feilloos aan. Trouw en dapper begeleidt hij hem door de eindeloze stad, de spreekwoordelijke hooiberg waarin zij nu de speld moeten gaan zoeken. We zien honderden, duizenden fietsen, maar het is niet die ene. Alle hoop lijkt vervlogen. Ladri di biciclette is hét voorbeeld van het sombere naoorlogse neo-realisme en heeft zijn wortels in het existentialisme. Wanneer de katholieke kerk, het baken van de oude hoop, in beeld komt, is het naakte bestaan van de vader zichtbaar geworden. Want hij kan en wil niet meer geloven. De Verlosser zegt hem niets meer, alleen zijn fiets kan hem verlossen uit de misère. Hij is een arme materialist geworden, een van het geloof beroofde, moderne mens.

Ladri di biciclette [ W&V ]

Amerikaanse Burgeroorlog [ 16 ]

gelezen in Time Magazine: 150 Years After Fort Sumter
Why We’re Still Fighting the Civil War

Time MagazineIn het tweede deel van zijn artikel 150 Years After Fort Sumter: Why We’re Still Fighting the Civil War in TIME Magazine (12 april 2011) gaat David von Drehle in op de verwerking van de Amerikaanse Burgeroorlog. Nadat op 9 april 1865 het Zuiden gecapituleerd was, begon onder leiding van de noordelijke overwinnaars de Reconstruction. De economie en de infrastructuur van het Zuiden waren vernietigd. Aan beide kanten waren ruim 600.000 soldaten in de strijd omgekomen. Dat zijn er meer dan in alle oorlogen van de twintigste eeuw bij elkaar. Tijdens de Slag bij Gettysburg vielen in drie dagen 58.000 doden, bijna evenveel als tijdens de jarenlange oorlog in Vietnam. Daarbij waren er nog eens tienduizenden burgerslachtoffers gevallen. Zowel het Zuiden als het Noorden waren na het einde van de oorlog uitgeput. Tijd voor reflectie was er nog niet. Het land moest weer opgebouwd worden. In 1866 publiceerde Edward Pollard uit Richmond (de voormalige hoofdstad van de Geconfedereerde Staten) zijn boek The Lost Cause. Hierin werd het Zuiden geïdealiseerd als een aards paradijs dat door het Noorden verwoest was. Maar vlak na de oorlog was de tijd nog niet rijp voor deze visie.

Jefferson DavisPas in de jaren tachtig leek Amerika uit zijn verdoving bij te komen. Geleidelijk aan durfde men terug te gaan kijken. Kort na de dood van president (en voormalige opperbevelhebber van het Noorden) Ulysses Grant in 1885 werden zijn Memoirs gepubliceerd. Vier jaar eerder had Jefferson Davis zijn verhaal al wereldkundig gemaakt. Davis was de president van de Geconfedereerde Staten geweest. Zijn boek The Rise and Fall of the Confederate Government uit 1881 werd in die tijd een bestseller en voor het eerst durfde men in het Zuiden nu de term The Lost Cause (ontleend aan Pollard‘s boek uit 1866) in de mond te nemen. Davis speelde in zijn boek in op het ressentiment dat onder de bevolking van het verwoeste Zuiden volop leefde. In het voorjaar van 1861 had hij met de afscheiding het Zuiden toegesproken met de woorden: “Will you consent to be robbed of your property (slaves) or will you strike bravely for liberty, property, honor and life?” Maar twintig jaar later schreef hij dat het industiële Noorden de issue van de slavernij gebruikt had om de wereld zijn morele superioriteit te tonen en vervolgens het agrarische Zuiden eronder te krijgen.

The Lost Cause werd een sterke beweging en zou in de eerste helft van de twintigste eeuw vooral door het nieuwe medium film, de beeldvorming over de Civil War krachtig gaan beïnvloeden. De twee beroemdste films die over de Amerikaanse Burgeroorlog zijn gemaakt, verkondigden allebei het gedachtegoed van the Lost Cause. Het werden gigantische kassuccessen. The Birth of a Nation van filmpionier D.W.Griffith verscheen tijdens de Eerste Wereldoorlog in de Amerikaanse bioscopen. Het publiek betaalde in 1915 twee dollar voor een bioscoopkaartje (omgerekend naar 2011 is dat 40 dollar!)

The Birth of a Nation 1915
still uit The Birth of a Nation (1915)
The Birth of a Nation 1915
In The Birth of a Nation uit 1915 wordt een citaat van de toenmalige president Woodrow Wilson gebruikt. Hij was de eerste uit het Zuiden afkomstige Amerikaanse president sinds het einde van de Civil War.

De andere beroemde film die the Lost Cause hielp te verspreiden, was Gone with the wind uit 1939 naar de gelijknamige bestseller van Margaret Mitchell. Vertegenwoordigers van de zogenaamde Lost Cause School waren Thomas Nelson Page (1853-1922), Joel Chandler Harris (1845-1908), William Archibald Dunning (1857-1922) en James G. Randall (1881-1953).

The North is a direction
The South is a place

Chuck Rand

Gone with the wind 1939
Ook Gone with the wind uit 1939 verkondigde het gedachtegoed van the Lost Cause. Het Zuiden wordt voorgesteld als een aards paradijs dat door het vijandige Noorden vernietigd wordt.

Na de Tweede Wereldoorlog zou The Lost Cause aan invloed verliezen. In de jaren vijftig verschenen de eerste studies van Afro-Amerikanen, die schreven over het leven van hun voorouders op de plantages. Vlak vóór en tijdens de American Civil War Centennial (1961-1965) was er een stortvloed van publicaties die vooral de sociale postie van de Afro-Amerikanen ter discussie stelden. Honderd jaar na afloop van de Amerikaanse Burgeroorlog zouden de afstammelingen van de slaven met de aanname van de Civil Rights Act in 1964 eindelijk gelijke burgerrechten krijgen.

American Civil War Centennial
vijftig jaar geleden werd de aanval op Fort Sumter herdacht tijdens de American Civil War Centennial

alle posts uit deze reeks | Lost Cause [ en.wikipedia.org ]