Categorie archief: film

geen zangvogel

gisteren met Michaela gezien: Lou Reed’s Berlin
van Julian Schnabel in Cinemec Ede

Toen ik vijfentwintig jaar geleden aan de kunstacademie kwam studeren, gold Lou Reed al als een icoon en vormde hij met Andy Warhol de ultieme tandem. Ze waren samen een ijkpunt en het absolute nulpunt van coolheid. Ik voelde me gedesoriënteerd als liefhebber van symphonische rock; fouter kon je begin jaren tachtig overigens niet zitten. Voor sommigen bleek Lou Reed een goeroe, een wegwijzer die je leerde hoe je de veronderstelde zinloosheid van het bestaan cool het hoofd kon bieden met permanente onderkoeling. Ik heb de invloedrijke banaan zelf nooit in huis gehaald, maar hoorde ‘m regelmatig bij anderen.

lou reed
Mister Cool
…altijd een stoïcijns streepje…

Lou Reed scheen een fantastische zanger, maar ik vond en vind hem nog steeds een monotone prater. Wel een prater met een mooie stem. Zingen, dat is toch iets heel anders, zo liet Antony ( van Antony and the Johnsons) in de film Berlin horen met het nummer Candy Says. Ik hoor Lou Reed zoals ik ook graag kraaiachtigen hoor. Maar ik ben het er niet mee eens dat ze tot de zangvogels worden gerekend. In de film Berlin hoor en zie je Lou Reed op zijn best: als een introverte, gevoelige en onderkoelde man.

Lou Reed and his fans waited thirty-three years for the concert presented in this film. Following his glam hit “Walk on the Wild Side,“ in 1973 Reed recorded Berlin, an ambitious concept album that came as a sharp and unexpected contrast. Scored with orchestral arrangements, it traced the same characters through several songs, exploring themes of jealousy, rage and loss. Harsh initial reviews dashed the hopes Reed and his producer Bob Ezrin had of performing the album live. But critical assessment went through a dramatic turnabout: tracks like “How Do You Think it Feels?“ and “Sad Song“ became classics; Rolling Stone, which once excoriated Berlin, now ranks it among their top five hundred albums.
Reed, now in his sixties, remains a totem of cool

So thirty-three years later, Reed and Ezrin finally got their wish: they teamed up with music producer Hal Willner (who also mounted the concert recorded in 2005’s Leonard Cohen I„m Your Man) to stage Berlin in venues around the world. Julian Schnabel art-directed the staging and filmed the production over five nights at St. Ann’s Warehouse in Brooklyn, New York. (Schnabel’s film Le Scaphandre et le papillon is also at this year’s Festival, in the Special Presentation programme.) Schnabel’s daughter Lola shot impressionistic films for the performance that are projected on stage and enhance the music’s narrative elements.
 
Cinematographer Ellen Kuras, a concert veteran who shot Neil Young: Heart of Gold: and Dave Chappelle’s Block Party, captures the action onstage unobtrusively, giving us the best seat in the house. Reed, now in his sixties, remains a totem of cool. The band is superb, joined by the haunting back-up vocals of the Brooklyn Youth Chorus. Celebrated singer Antony (of Antony and the Johnsons) comes on for a version of “Candy Says“– one of a handful of Velvet Underground songs also featured in the concert – that is performed so sweetly it brings a smile to Reed’s stoic face.
 
A lot has changed since 1973. The very title Berlin references a divided city that has since been reunited. Yet the passage of time makes these songs even more special and enduring. By the finale, “Sweet Jane,“ it all feels very much worth the wait.
 
Bron: tiff07.ca

loureed.com | Lou Reed [ nl.wikipedia.org ]

hoe sterk ben je?

zaterdagavond met Michaela gezien: Das Experiment (2001)

Das Experiment DVDTijdens het proces tegen Adolf Eichmann in 1961 werd de wereld geconfronteerd met wat Hannah Arendt de banaliteit van het kwaad heeft genoemd: de brave ambtenaar die kwaadaardige bevelen van hogerhand blindelings opvolgt. In diezelfde tijd publiceerde Stanley Milgram zijn onderzoeksrapport behavioral study of obedience dat gebaseerd is op een omstreden psychologisch experiment. Hij toonde daarmee aan dat de meeste mensen tot blinde gehoorzaamheid in staat zijn. De film Das Experiment is gebaseerd op een ander omstreden psychologisch experiment uit 1971 aan de Stanford University in Californië.

In een onderzoekslaboratorium wordt een gevangenis gebouwd waarin 20 mannen worden geplaatst om gevangenen en bewakers te spelen. De gevangenen worden opgesloten en moeten een aantal regels opvolgen; de bewaarders moeten de orde handhaven zonder geweld gebruiken. Iedereen is vrij om te stoppen wanneer ze willen, maar als ze dat doen, geven ze wel hun loon op. In het begin is de stemming tussen de twee groepen jolig en ontspannen. Maar langzaam aan ontstaat er ruzie, en gaan de bewakers over tot drastische straffen om hun overwicht te bewaren.
 
Bron: moviemeter.nl
Das Experiment
still uit Das Experiment

The Stanford Prison Experiment
In 1971 voerde professor Zimbardo aan de Stanford University in Californiëeen psychologisch experiment uit, dat erin bestond twintig mensen in een geïmproviseerde gevangenis te zetten. Acht bewakers, twaalf gevangenen die in principe volledig aan hun bewakers waren overgeleverd. Het experiment liep zeer snel uit de hand en moest na zes dagen worden stilgelegd, toen bleek dat de bewakers hun rol iets te ernstig namen. Ze gingen zich te buiten aan mentale vernederingen van de gevangenen, die het dan ook steeds moeilijker gingen krijgen en tekenen van depressie gingen vertonen.

Over de loop der jaren is het verhaal van dit experiment uitgegroeid tot een soort van legende – mensen vertelden het aan elkaar door, en tegen de tijd dat wij ervan hoorden, waren er al een paar doden gevallen. Het boek ‘Black Box’, waarvan ‘Das Experiment’ een verfilming is, lijkt eerder gebaseerd op de door geruchten aangedikte versie van de feiten dan op de realiteit.
( Bron: digg.be )

Abu GhraibMet de beelden van Abu Ghraib nog vers in ons geheugen, kruipt Das Experiment onder de huid. Wat gebeurt er met ons wanneer we het spel van verdrukkers en onderdrukten gaan spelen. Welke psychologische mechanismen treden in werking? Hoeveel verleiding en hoeveel vernedering kun je verdragen?
Hoe sterk ben je?

The origins of violence in a peaceful society | The Stanford Prison Experiment

boze wereld vol slechteriken

gezien: The Good, the Bad and the Ugly (1966)

DVDLos van de overtuigende cinematografie en filmmuziek viel mij op dat het in deze western juist niet om geloofwaardigheid gaat. Net als in James Bond-films gaat het om de mythe van ‘de man-die-alles-kan’. Dit ‘alles’ wordt gemakshalve even beperkt tot het koelbloedige neerschieten van de tegenstander. De man als rover en revolverheld.

Eigenlijk zijn alle films waarin mensen worden vermoord walgelijk en het moet gezegd: vrouwen willen dat doorgaans veel beter inzien dan mannen. De man is een jager en onder de andere mannen veroordeeld tot jager onder de jagers. Door competitie wordt het killerinstinct aangesproken. Dat maakt in principe elke man tot tegenstander. Homo homini lupus. Zo gezien kan de man in het Wilde Westen waar elke moraal versmald is tot the survival of the fittest (de snelste, de wreedste, de gemeenste, enz…) eigenlijk geen vrienden hebben, maar is elke soortgenoot een tegenstander.

The Good, the Bad and the Ugly
de blik van het roofdier

Dit is het boze universum waarin The Good, the Bad and the Ugly zich afspeelt. De man moet koelbloedig, genadeloos en snel zijn en mag de ander nooit vertrouwen. Wanneer we als filmkijker de moraal achter ons laten en ons in de drie bandieten verplaatsen (dus alleen nog maar aan onszelf denken) hebben we de inwonende slechterik in onszelf gevonden. In deze film is hij er in drie uitvoeringen en kunnen we eventueel kiezen: een échte slechte, een weerzinwekkende maar grappige slechte én een slechte die eigenlijk zo slecht nog niet is. Met The Good (gespeeld door Clint Eastwood) wordt het verlangen naar rechtvaardigheid, ook in deze wereld vol slechterikken, enigszins nog bevredigd.

The Good, the Bad and the Ugly vertelt het verhaal over drie criminelen die tijdens de Amerikaanse burgeroorlog jacht maken op een goudschat. Hoewel ze elkaar voortdurend haten, worden ze door een samenloop van omstandigheden steeds gedwongen tot samenwerking. The Good, the Bad and the Ugly is een studie naar de hebzucht in de mens. Iedereen in de film is hebberig, achterbaks, corrupt en a-moralistisch. Leone schetst een wereld vol chaos waarin iedereen individueel zijn hoofd boven water moet houden. Het verhaal wordt verteld in een vreemde combinbatie van experimentele stijloefeningen, cynische humor, keiharde acties, opera-achtige dramatiek en episch-historische scènes. Volgens velen is The Good, the Bad and the Ugly een van de beste westerns ooit gemaakt.
 
Bron: wikipedia
The Good, the Bad and the Ugly
v.l.n.r. Clint Eastwood, Eli Wallach en Lee van Cleef als the Good, the Ugly en the Bad

The Good, the Bad and the Ugly Na a Fistful of Dollars en For a Few Dollars More is deze film de definitieve afsluiting van het drieluik. Leone’s regiestijl is nu tot in het perfecte doorgevoerd. Ontelbare close-ups, talloze langzaam opgebouwde scènes en talloze vreemde totaalshots maken van deze film een experimenteel staaltje avant-garde cinema. Het verhaal is volledig ondergeschikt gemaakt aan het beeld. Het is slechts dit keer een achtervolging door het wilde westen waarbij de personages van de ene locatie naar en van de ene actiescène naar de andere lopen. Terwijl de vorige twee delen zich nog afspeelden in een niet nader genoemde periode, is deze film duidelijk geplaatst tegen een historische setting. De Amerikaanse burgeroorlog is een perfecte achtergrond voor het verhaaltje van hebzucht en verraad. Het is een duidelijke studie naar het slechte in de mens en de aanwezigheid van een zinloze oorlog geeft de film een extra dimensie.

De muziek van Ennio Morricone is zowaar beroemder geworden dan de film zelf en het fluitdeuntje wordt tegenwoordig door iedereen geassocieerd met het wilde westen. In deze film is de muziek nog nadrukkelijker aanwezig dan de vorige delen. De combinatie tussen beeld en muziek begint hier zelf opera-achtige proporties aan te nemen. Voor een aantal scènes is aparte muziek geschreven die speciaal bij die ene scène past. Die scènes worden dan gedragen door de muziek zoals zangpartijen dat bij een opera doen.

Volgens Leone zelf was de aanwezigheid van Tuco (Eli Wallach) de grootste bijdrage aan de film. Hij zorgt voor een komische noot en geeft tegengas aan de sombere dramatiek en al het geweld. Eastwood en Van Cleef kopiëren eigenlijk hun rollen uit de eerdere twee films. Eli Wallach zet als hyperactieve, druk pratende, diepgelovige, laffe, achterbakse, hebzuchtige en vooral smerige bandiet een humoristisch personage neer dat nog niet eerder in een western voorkwam. Hij is eigenlijk een soort parodie op de slechtheid van de mens.
( Bron: wikipedia)

The Good, the Bad and the Ugly [ moviemeter.nl ] [ movie2movie.nl]
Once Upon a Time in the West [woest & vredig]