Categorie archief: Frankrijk

demonen en wonderen

gisteren gezien op TV5: Jacquot de Nantes (1991)
biografische film over de Franse cineast Jacques Demy van Agnes Varda

Jacquot de NantesDrie weken geleden overleed de Franse filmregisseur Agnes Varda (1928-2019), sinds 1990 weduwe van de Franse regisseur Jacques Demy (1931-1990). Vlak voor zijn dood maakte ze de biografische film Jacquot de Nantes waarin ze haar man als jongetje portretteert in zijn vaderstad Nantes tijdens en kort na de Tweede Wereldoorlog.

Al op jeugdige leeftijd wist Demy dat hij filmmaker wilde worden. In de etalage van een rommelwinkeltje in de fotogenieke Passage Pommeraye in Nantes (die figureert in zijn film Lola) vond hij zijn allereerste filmcamera. Deze moest nog met een slinger bediend worden. Hiermee maakte hij zijn eerste filmpje waarbij kinderen uit de omgeving figureerden. Zijn ambities om cineast te worden botsten met de wil van zijn vader die een klein garagebedrijf had en zijn zoon naar de polytechnische school wilde sturen zodat hij zijn vader kon opvolgen in de garage. Op een zoldertje boven de werkplaats van zijn vader bouwde Jacquot zijn eerste ‘studio’ waar hij stop motion filmpjes maakte met papieren figuurtjes.

Jacquot de Nantes
Jacques Demy als jongetje bij de garage van zijn vader in Jacquot de Nantes (1991)
Mais dans tes yeux entrouverts
Deux petites vagues sont restées

uit: Démons et merveilles
van Jacques Prévert

Bij Demy vallen zijn liefde voor film en zijn liefde voor zijn geboorteplaats met elkaar samen. Zoals Bertolucci intens verbonden is met zijn vaderstad Parma en Edgar Reitz met de Hunsruck, zo speelt in de auteursfilms van Demy de havenstad Nantes en de zee altijd wel een rol. En als hij filmt in andere havensteden, zoals Cherbourg (1964) of Rochefort (1967), dan is dat voor hem toch een beetje Nantes. Steeds zien we weer de matrozen die hij zo goed kende uit zijn jeugd.

Varda filmt net als Edgar Reitz in Heimat afwisselend in zwart-wit en kleur. Ze tast graag in extreme close ups oppervlakten af. Zo eindigt de film ook, met een wandeling van de camera langs het schuim en zeewier in de branding. Totdat we Jacques Demy zelf op het strand zien zitten, vlak voor zijn dood gefilmd toen hij al doodziek was. Het gedicht Jacques Prévert Démons et merveilles (demonen en wonderen) wordt daarbij zachtjes gezongen. Een gedicht dat Demy op zijn lijf geschreven was.

Jacques Demy zag altijd het betoverende in het aardse, maar de betovering stond nooit op zichzelf en was steeds verbonden met de pijn van het afscheid nemen. Agnes Varda zei over zijn films: “Zijn films doen van het leven houden. Ze geven vreugde en de kracht om te wachten”. Maar ze hebben een dubbele persoonlijkheid: enerzijds zijn het ernstige gevoelsfilms met diepe wortels, anderzijds zulke lichte bloemen dat het zonnige sneeuwvlokjes lijken”

Démons et merveilles, vents et marées
Au loin déjà la mer s’est retirée
Et toi comme une algue
Doucement caressée par le vent
Dans les sables du lit
Tu remues en rêvant
 
Démons et merveilles, vents et marées
Au loin déjà la mer s’est retirée
Mais dans tes yeux entrouverts
Deux petites vagues sont restées
 
Démons et merveilles, vents et marées
Deux petites vagues pour me noyer

Demonen en wonderen, wind en getijden / In de verte heeft de zee zich al teruggetrokken / En je houdt van een stukje zeewier / voorzichtig gestreeld door de wind / in het zand van het bed / Je beweegt je terwijl je droomt / Demonen en wonderen, wind en getijden / In de verte heeft de zee zich al teruggetrokken / Maar in je halfopen ogen / bleven er nog twee golfjes over / Demonen en wonderen, wind en getijden / Twee golfjes om me te verdrinken

Jacquot de Nantes [ imdb.com ] | the essential Jacques Demy [ criterion.com ]

De graaf van Monte-Cristo

de eerste 40 hoofdstukken gelezen van De Graaf van Monte Cristo (1844)

De Graaf van Monte CristoDe Graaf van Monte Cristo behoort tot de beroemdste romanfiguren van de negentiende eeuw. Ik kende hem alleen nog van de film en zag dan Richard Chamberlain of Gerard Depardieu voor mij. Maar ik wilde Edmond Dantes zien zoals ik Julien Sorel, Fabrizio del Dongo, Jean Valjean of Raskolnikov kan zien: zoals Stendhal, Hugo en Dostojewsky hun personages oorspronkelijk gezien hebben. Dus besloot ik het boek toch maar eens te gaan lezen. Weliswaar veertig jaar te laat, want de roman van Alexandre Dumas is eigenlijk een jongensboek dat je op je vijftiende zou moeten lezen. Dumas schrijft met een sneltreinvaart en neemt geen tijd voor filosofische bespiegelingen zoals Hugo of voor fijne psychologische observaties zoals Stendhal en Dostojewsky. Het is geschreven met een behangerskwast.

Veel Franse romans uit de negentiende eeuw nemen hun aanvang bij Napoleon. De Kartuize van Parma (1839) begint met de intocht van Napoleon in Milaan op 15 mei 1796, Les Miserables (1862) begint in 1815. Ook De Graaf van Monte Cristo begint in 1815 en wel op 27 februari, vlak voor de landing van Napoleon in de Golfe-Juan op 1 maart 1815. Dumas gebruikt de geschiedenis als decor en lijkt daarin meer op Stendhal dan op Hugo. Hij probeert de geschiedenis niet te begrijpen en schetst in een paar streken de situatie. De graaf van Monte Cristo treedt pas veertien jaar na de aanvang van het verhaal naar buiten, waardoor het meeste zich eigenlijk pas na 1829 afspeelt. Maar je hoort Dumas niet over Louis-Philippe (1830-1848) of de politieke situatie in zijn land.

Alexandre Dumas (1802-1870) is niet geïnteresseerd in de sociale misstanden van zijn tijd zoals zijn leeftijdsgenoten Victor Hugo (1802-1885) en Eugène Sue (1803-1857). Hij houdt er meer van om de extravagante levensstijl van zijn hoofdpersonage, de graaf van Monte Cristo, te beschrijven. Ongetwijfeld een alter ego van zichzelf. De succesvolle Dumas liet voor zichzelf een kasteeltje bouwen, het Château de Monte-Cristo. Zijn fantasie was een beetje werkelijkheid geworden. Uiteindelijk zou hij door zijn roekeloosheid alles weer verliezen.

De graaf van Monte Cristo [ nl.wikipedia.org ]

capriccio

vandaag is het de 211e sterfdag van Hubert Robert

Hubert Robert door Elisabeth Vigee-LebrunWanneer je in Nederland vraagt een Franse schilder uit de achttiende eeuw te noemen, zal het antwoord meestal luiden: Jacques-Louis David, de grote classicistische schilder aan het einde van de achttiende en het begin van de negentiende eeuw die zo ernstig brak met het kokette rococo. Of men noemt Watteau, de Noord-Franse schilder helemaal aan het begin van de achttiende eeuw die Rubens weer tot leven wekte in een heel nieuwe en lichte vorm van barok die bekend zou worden onder de naam rococo, de stijl die de achttiende eeuw tussen 1730 en 1770 in zijn greep zou krijgen. Chardin, Boucher en Fragonard zouden eventueel nog genoemd kunnen worden. Maar de naam van Hubert Robert (1733-1808) hoor je in Nederland niet zo gauw. Toch behoort hij tot de grote Franse schilders van de achttiende eeuw.

Hubert Robert had een specialisme waar hij zijn bijnaam Robert des ruines aan te danken had: het schilderen van ruïnes. Halverwege de achttiende eeuw had hij dit geleerd in Rome waar hij van zijn 21e tot zijn 33e woonde (1754-1765). De eeuwige stad was toen naast Florence en Venetië de hoofdbestemming van de Grand Tour, de Italiaanse reis die rijke Engelsen graag maakten. De wieg van het moderne toerisme lag in de achttiende eeuw in Italië. Hier ontwikkelde zich toen al een toeristenindustrie, voornamelijk gericht op schatrijke Engelsen. Omdat er nog geen fotografische ansichtkaarten waren, was er veel vraag naar gravures van antieke ruïnes.

In Rome en Venetië ontstond een aparte bedrijfstak die zich bezighield met het tekenen en schilderen van ‘toeristenkiekjes’ de zogenaamde vedute. De allerberoemdste veduteschilder uit de achttiende eeuw is ongetwijfeld Canaletto. Hij was een van de honderden en waarschijnlijk duizenden veduteschilders die rond het midden van de achttiende eeuw werkzaam waren in Rome of Venetië.

Pannini
capriccio van Giovanni Paolo Pannini uit 1758

De jonge Hubert Robert heeft het schilderen van vedute afgekeken bij Giovanni Paolo Pannini (1691-1765). Oorspronkelijk was Pannini decoratieschilder. Door de toenemende vraag naar Romeinse stadsgezichten door Engelse toeristen stapte hij over op de lucratieve handel in vedute. Vanuit zijn ervaring als decoratieschilder nam Panini het niet zo nauw met de werkelijkheid. Hij gebruikte de ruïnes van het antieke Rome voor gefantaseerde taferelen, zogenaamde capricci.

Hubert Robert
capriccio van Hubert Robert

Capriccio of veduta?
Een capriccio is een gefantaseerde voorstelling met architectonische elementen die aan de werkelijkheid zijn ontleend. Een veduta is een stadsgezicht dat topografisch vaak correct is. De fantastische etsen van Piranesi zijn een schoolvoorbeeld van capricci terwijl de heldere en topografisch nauwkeurige stadsgezichten van Canaletto een goed voorbeeld zijn van vedute.