Categorie archief: muziek

vroeger was alles beter [2]

gelezen in Letter & Geest: essay van Elmer Schönberger
in de reeks ‘Vroeger was alles beter’
Elmer SchönbergerHet is voor de luisteraar erg verleidelijk en gemakkelijk om vroeger als beter te beschouwen. Aan vroeger weet je wat je hebt. Vroeger is klaar, het verandert niet meer, het is wat het is, take it or leave it. Je kiest er je favoriete meesterwerken uit, je dierbare net-niet meesterwerken, plus nog wat ditjes en datjes, want het moet wel een beetje gezellig blijven. De rest negeer je gewoon. Geen haan die ernaar kraait. Vroeger is namelijk meer selectie, constructie en interpretatie dan realiteit.
 
Ik koester en wantrouw mijn vroeger in gelijke mate. Zijn de opwindendste premières niet die waarbij je, omdat je te laat geboren bent, eenvoudig niet aanwezig kán zijn? Stel dat ik in de zaal had gezeten, op die beruchte 29ste mei 1913, toen in het spiksplinternieuwe Théàtre des Champs-ElyséesLe sacre du printemps„ in première ging. Wie had er niet bij willen zijn? Dankzij de beschrijvingen van zowel de muzikale uitvoering als de bijbehorende choreografie van Nizjinski hebben we van deze roemruchte première een beeld dat in gedetailleerdheid de herinnering aan vele, zo niet alle door ons lijfelijk bijgewoonde concerten verre overtreft.

Vroeger is klaar,
het verandert niet meer,
het is wat het is,
take it or leave it.
Stravinsky en Diaghilev
Stravinsky met Diaghilev, de impressario voor het balet Le sacre du printemps
Toch – en dit laat zich nauwelijks rijmen met mijn muzikale intuïtie en mijn geflatteerde zelfbeeld als professionele luisteraar – moet ik rekening houden met de mogelijkheid dat ik het stuk maar zo-zo had gevonden, een beetje enerzijds-anderzijds, en dat ik allerlei zogenaamd kritisch-genuanceerde slagen om de arm had gehouden. Of zelfs dat ik er niets van begrepen had. Dat de portee me was ontgaan. Dat ik het allemaal maar overdreven had gevonden. Want één ding mag ik niet vergeten: het mooiste van vroeger is dat het van vroeger is.
 
Vertelde gebeurtenissen zijn mooier dan echte gebeurtenissen, foto’s zijn betoverender dan de gefotografeerde werkelijkheid, opnamen zijn magischer dan reële klanken, mits stammend uit een vroeger dat zich aan of over „de rand van ons geheugen„ bevindt, daar waar het stof van de geschiedenis definitief is neergedaald.
 
Aan de hoogbejaarde Stravinsky werd ooit de vraag gesteld of het componeren tegenwoordig moeilijker was dan vroeger. Ja, luidde zijn antwoord. Maar, voegde hij eraan toe, dat is het altijd al geweest.
 
Zo is het ook met de muziek van vroeger. Ja, die was beter. En dat zal zij altijd en eeuwig blijven. De toekomst is aan vroeger.
 
Bron: trouw.nl

vroeger was alles beter

We leven in doemdenkende tijden. De een voorspelt de rappe ondergang van de planeet dankzij de klimaatverandering. De ander maakt zich zorgen over de seksualisering van de samenleving, of weet zeker dat het onderwijspeil schrikbarend is gedaald. Vroeger, kortom, was alles beter. Of toch niet?

meer essays in deze serie

auteurspagina van Elmer Schönberger bij uitgeverij j.M. Meulenhoff

Revolution in the head

gekocht: Revolution in the Head van Ian McDonald
The Beatles’ records and the sixties

Revolution in the HeadRevolution in the Head met daarin een analyse van alle 178 Beatles songs verscheen voor het eerst in 1994 en is sindsdien een onmisbaar standaardwerk geworden. McDonald stierf in augustus 2003 terwijl de derde druk nog in voorbereiding was, bijna een jaar na het overlijden van George Harisson. Als naslagwerk heeft de derde druk uit 2005 nu een vaste plek gekregen bij mij naast de Beatles LP’s onder mijn draaitafel. Elk Beatlesnummer wordt door McDonald van zowel historisch als muziektechnisch commentaar voorzien en daarbij komen de gegevens over de bezetting en opnamedata. McDonald oogste ook kritiek met zijn benadering. Alles wat er na 1970 in de muziek gebeurd is, blijft voor hem slechts een verwerking van wat er in het decennium daarvoor gemaakt is. Ik vind dat trouwens wel een aantrekkelijke tunnelvisie. De popmuziek uit de sixties is waarschijnlijk de invloedrijkste uitdrukkingsvorm van de counter culture, die sindsdien mainstream is geworden voor bijna iedereen die na 1945 geboren is. En die tegencultuur was doordrenkt van geestverruimende middelen die de revolution in the head een handje hielpen.

In this essay, Mac Donald argues that the Beatles represented a meeting-point between three cultural trends that were crucial to the 1960s (at least in the economically developed world): that is, a materialistic individualism that formed the main stream of popular thought and behaviour; the revolutionary radicalism of the New Left; and the psychedelic pacifism of the so-called „hippy„ movement. MacDonald reaches the unusual conclusion that the New Left and the hippies had little lasting influence upon the mainstream, and that, if anything, they represented reactions against it.
 
MacDonald begins by remarking that the 1960s was the decade in which various cultural phenomena that had been current in elite circles for some time came to spread throughout society. The most significant of these was the collapse of religious belief in favour of a materialistic viewpoint that, according to MacDonald, eroded the idea that happiness was to be deferred until the afterlife, or for future generations. This viewpoint fostered the notion that instant gratification is permissible and is, in any event, made feasible by a period of economic well-being, and by technological developments that made available a wide range of pleasure-giving goods and services – from labour-saving domestic devices to hi-fi systems and hallucinogenic drugs. In short, the deferential, staid 1950s gave way to the sensual, libertarian 1960s.
 
Bron: Revolution in the Head [en.wikipedia.org]

John Lennon door Alan Altridge, 1981Het psychedelische jaar 1967 kwam niet zomaar uit de lucht vallen. In de eerste helft van de zestiger jaren waren de voortekenen al zichtbaar. Voor The Beatles zorgden Rubber Soul (1965) en Revolver (1966) voor de grote ommekeer, de weg naar binnen. Ook heel letterlijk. De reden waarom de band vanaf eind 1965 de studio indook had een even praktische als banale oorzaak. Door de constante massahysterie in het publiek konden ze zichzelf niet meer horen spelen! De weg naar binnen werd paradoxaal ook een weg naar buiten, een ontdekkingsreis door onbekende werelden met tangerine trees and marmalade skies

The Beatles on making Sgt. Peppers

Revolution in the Head bevat een chronologie van bijna 80 pagina’s van januari 1960 (The Quarry Man) tot december 1970 (het officiële einde van The Beatles), met daarin van maand tot maand alle belangrijke data over The Beatles, de overige (pop)muziek en politieke en culturele gebeurtenissen.

The Beatles Channel [ youtube.com ] | The Beatles [nl.wikipedia.org] | thebeatles.com

onheilspellende betovering

geluisterd naar Forever Changes (1967) van Love

Regelmatig luister ik naar een van mijn favouriete psychedelische albums. Gelukkig heb ik geen grote keuze dus mag het blijven bij de volgende vier albums:
Revolver (1966) en Sgt.Peppers Lonely Hearts Club Band (1967) van The Beatles
The Piper at the Gates of Dawn (1967) van Pink Floyd
en Electric Music for the Body and Soul (1967) van Country Joe and the Fish
De laatste drie albums zijn trouwens terug te vinden in Mojos 40 greatest psychedelics of all time en de eerste drie in Rolling Stone Magazine 500 Greatest Albums of All Times.

Forever Changes
de legendarische hoes met
het ontwerp van Bob Pepper

Vorige maand ontdekte ik bijna 41 jaar na dato een album dat in beide charts een hoge positie inneemt (resp. op nummer 2 en 40) en terecht als een meesterwerk beschouwd wordt. Daarom luister ik de laatste weken bijna uitsluitend nog naar Forever Changes (1967) van Love. Misschien ook omdat ik iets goed te maken heb. Want hoe heb ik die plaat vier decennia aan mij voorbij kunnen laten gaan? Forever Changes is een betoverende plaat met barokke arrangementen en pathetische zang van frontman Arthur Lee, die mij in vlagen doet denken aan Richard Harris (Mac Arthur Park). Baroque Pop is een van de namen van het nieuwe geluid dat door Love geïntroduceerd werd en waaruit eind jaren zestig, begin jaren zeventig de symphonische rock tevoorschijn kwam. Zo hoor ik nu pas in de bijna oriëntaalse verfijning in melodielijnen op de vroege Genesisalbums als Selling England by the Pound, Tresspass, Foxtrot en Nursery Crime de invloed van Love. Wanneer ik naar de teksten luister op Forever Changes dan word ik in een stream of conciousness meegetrokken in een unheimische stemming die je eerder verwacht bij punk dan bij flower power .

“Alla God’s chilluns gotta
have dere freedom”

uit: the red telephone

The Red Telephone

Verse 1:
Sitting on a hillside
Watching all the people die
I’ll feel much better on the other side
I’ll thumb a ride
Verse 2/3:
I believe in magic
Why, because it is so quick
I don’t need power when I’m hypnotized
Look in my eyes
What are you seeing (I see…)
How do you feel?
(…you)
I feel real phony when my name is Phil
Or was that Bill?
Bridge:
Life goes on here
Day after day
I don’t know if I am living or if I’m
Supposed to be
Sometimes my life is so eerie
And if you think I’m happy
Paint me (white)(yellow)
I’ve been here once
I’ve been here twice
I don’t know if the third’s the fourth or if the -
The fifth’s to fix
Sometimes I deal with numbers
And if you wanna count me
Count me out
Verse 4:
I don’t need the time of day
Anytime with me’s OK
I just don’t want you using up my time
‘Cause that’s not right
Coda:
[repeat 3X:]
ahh….
[repeat 3X:]
They’re locking them up today
They’re throwing away the key
I wonder who it’ll be tomorrow, you or me?
We’re all normal and we want our freedom
Freedom… freedom… freedom… freedom
Freedom… freedom… freedom… freedom
[continue with Am - A progression as above, to fade]
(spoken:) Alla God’s chilluns gotta have dere freedom

The sessions began in June 1967, with the group (except for Lee and Maclean) replaced by well-known Los Angeles session musicians Billy Strange (guitar), Don Randi (piano), Hal Blaine (drums) and, in most likelihood, Carol Kaye (bass). This studio line-up was put in place due to the regular line-up’s alleged inability to function. The two tracks laid down, “Andmoreagain” and “The Daily Planet“, were later given sparing overdubs by the actual members of Love, who felt the tracks otherwise sufficed.
 
Bron: wikipedia

The 500 Greatest Albums of All Times