Maandelijks archief: april 2013

Bach & Couperin

geluisterd naar Suite in F Minor (BWV 823) van J.S. Bach (1715)

J.S. BachAfgelopen week luisterde ik naar klavierwerken van J.S. Bach uit de periode 1700-1715. Van 1708 tot 1717 was Bach in Weimar hoforganist, kamermusicus en later ook concertmeester van hertog Willem Ernst van Saksen-Weimar. Deze regeerde tamelijk autoritair, zoals in de tijd van het absolutisme gebruikelijk was. Hij was ook een beschermheer van kunstenaars. Bach was een virtuoos op het orgel en het klavecimbel. Zo zou Bach op het orgelpedaal loopjes hebben kunnen spelen die de meeste organisten niet eens met de handen gespeeld kregen. De hertog betaalde hem vorstelijk voor zijn diensten. De suite in F mineur componeerde Bach in 1715. Daarin meen ik invloed van François Couperin te horen. We weten dat zijn theoretische werk L’art de toucher le clavecin (1716) grote indruk maakte op Bach. De Suite in F Mineur is twee jaar na Le Premier livre de pièces de clavecin (1713) van Couperin gecomponeerd. In de uitvoering van Christiane Wuyts klinkt deze meditatief, abstract en verrassend modern.

Suite in F Minor [ youtube.com ] | Couperin & Bach [ bach-cantatas.com ]

Robert des Ruines

Hubert Robert (1733-1808) en de antieke erfenis

Door de opgravingen van Herculaneum en Pompeï in de eerste helft van de achttiende eeuw waren ruïnes een modeverschijnsel geworden. Niet alleen archeologen en wetenschappers doken er bovenop, maar ook tekenaars, schilders en grafici. De Italiaanse schilder Giovanni Paolo Panini (1691-1765) droeg zijn liefde voor antieke Romeinse oudheden over op zijn leerlingen Giovanni Battista Piranesi (1720-1778) en Hubert Robert (1733-1808). Toen Robert na een verblijf van tien jaar in Italiëin 1764 naar zijn vaderland terugkeerde, kreeg hij in Frankrijk de bijnaam Robert des Ruines.

Hubert Robert
Hubert Robert
Felsengrotte mit antiker Architektur (Courtesy of Robert M. Edsel and the Monuments Men Foundation)
Hubert RobertHubert Robert studeerde eerst aan het Collège de Navarre en was daarna leerling van de beeldhouwer Michel-Ange Slodtz. In 1754 ging hij naar Rome waar hij tien jaar verbleef. Hij werkte ook in Napels. In Rome onderging hij de invloed van Giovanni Battista Piranesi en Giovanni Paolo Pannini. Na terugkomst in Parijs werd hij lid van de Académie française. Hij was vanaf 1779 conservator van de koninklijke schilderijenverzameling, die toen al gehuisvest was in die delen van het paleis die later de bestemming van museum zouden krijgen. In 1794 werd Robert betrokken bij plannen tot de oprichting van een museum. Als hoffunctionaris werd hij tijdens de Franse Revolutie gevangengenomen, maar hij overleefde de terreur van Robespierre en kreeg in 1799 een leidende rol bij de inrichting van het Louvre tot museum. Eén van zijn belangrijkste ideeën was de belichting van de zalen van bovenaf om de juiste condities te scheppen voor schilders; het Louvre was aanvankelijk vooral gedacht als atelier.
 
Bron: nl.wikipedia.org

456 werken van Hubert Robert op Joconde [ culture.gouv.fr ]

innemend

János Rombauer (1782-1849)

Op wikimedia.org vond ik een afbeelding van een houten paneel (54 x 81.5 cm) dat in 1803 geschilderd is door de Hongaarse schilder János Rombauer, Het bestaat uit 24 kleine schilderijtjes van de tuin bij het kasteel Csáky in Hotkóc (Oost-Hongarije). Het lijkt wel een blad met contactafdrukjes en die indruk wordt versterkt doordat de “snapshots” genummerd zijn. Geen grote kunst, maar wel erg innemend.

Rombauer
János Rombauer 1803
Engelse tuin bij het kasteel Csáky in Hotkóc