vivre libre ou mourir

gelezen: Cette histoire qui a fait l’Alsace tome 9
Allons, enfants… (de 1792 à 1815)

histoire l'alsaceDe meeste boeken over de Franse Revolutie in het Nederlandse taalgebied concentreren zich op Parijs. De Zonnekoning had van Frankrijk de meest gecentraliseerde staat van Europa gemaakt waarbij hijzelf in het middelpunt stond. Het revolutionaire Frankrijk centraliseerde nog verder, de oude regio’s werden vervangen door departementen, er werd een agressieve taalpolitiek in de regio gevoerd en Parijs werd nog meer het administratieve centrum dan het al was. Toch is Frankrijk veel meer dan Parijs. Neem de Elzas, een gebied dat Lodewijk XIV in 1681 op het Duitse Rijk veroverde en wat cultuur betreft (nog altijd!) veel beter aansluit bij de Rijnlandse dan bij de Franse cultuur.

Toen de Franse Revolutie op 14 juli 1789 en definitief op 10 augustus 1792 doorbrak, hoorde de Elzas ruim honderd jaar bij Frankrijk. Maar de bevolking sprak hoofdzakelijk nog een Duits dialect en de gebruiken waren voornamelijk Duits. De Straatsburgse vrouwen droegen bijvoorbeeld een Schneppenhauben, een verzilverde of vergulde kam in het haar. In oktober 1793 toen de Jakobijnen in de Elzas een anti-Duitse koers gingen volgen, moesten alle vrouwen deze inleveren omdat het als nationalistisch symbool werd gezien. De onderstaande (anonieme) prent werd door tekenaar Francis Keller gebruikt voor de omslag van het educatieve stripboek.

Schneppenhauben
Les Strasbourgeoises déposent leurs bonnets d’or et d’argent, “les Schneppenhauben”, comme dons patriotiques.[credits: Musée Carnavalet, Histoire de Paris]

Het is interessant te lezen hoe de Revolutie in de Elzas verliep. De Elzas is altijd een grensgebied geweest met een uitwisseling tussen de Duitse en Franse cultuur. Het was overwegend katholiek maar na de Reformatie waren er ook protestante enclaves ontstaan, bijvoorbeeld binnen de zogenaamde Tienstedenbond (décapolis), tien vrije rijkssteden die van 1354 tot 1648 deel uitmaakten van het heilige Duitse Roomse Rijk. Kort na het uitbreken van de Revolutie vluchtten veel ci-devants (aristocraten) de Rijn over naar Duitsland waar ze zich voorlopig vestigden in de hoop dat de Franse Revolutie een mislukt project zou blijken. De Duitstalige bevolking van de Elzas werd vanaf de linker Rijnoever (Baaden) gevoed met politieke (royalistische!) geschriften om een contrarevolutie te ontketenen. vanuit Parijs werd dit keihard bestreden, want het vaderland heette nu eenmaal “één en ondeelbaar”.

Van de Franse Revolutie in de Elzas kunnen we leren wat de veerkracht van de regio en de traditie kan zijn.

In 1793 werd de guillotine ook in de Elzas geïntroduceerd. De Duitse Franciscaan en hoogleraar Euloge Schneider werd in Straatsburg openbaar aanklager en hij is een van de vele voorbeelden van de revolutionair die anderen naar het schavot verwees maar tenslotte ook zélf “gekopt” werd. Op 25 maart was er in Molsheim een royalistische opstand waarbij luidkeels “vive le roi” werd geroepen. De leiders van deze opstand werden terechtgesteld; het was de eerste keer dat in de Elzas de guillotine gebruikt werd. Het grootseminarie van Straatsburg werd in het voorjaar van 1793 tot gevangenis omgebouwd. Toen op 17 september 1793 in heel Frankrijk de Loi des Suspects werd doorgevoerd, konden gevangenen zonder proces tot de guillotine veroordeeld worden. De terreur, en dus de guillotine, zou daarna op volle toeren gaan draaien.

Op 12 september 1793 gaat het revolutionaire Frankrijk aan de Rijn in de aanval. Kehl (aan de overkant van Straatsburg) en Breisach worden allebei onder vuur genomen omdat daar Oostenrijkse troepen liggen. Ook al wordt Breisach in as gelegd, de Oostenrijkers worden niet verdreven. De Oostenrijkse veldmaarschalk Würmser valt via Wissembourg in het Noorden de Elzas binnen en rukt op naar de hoofdstad Straatsburg. De revolutionairen zijn zich bewust van de vijfde colonne die zich op dat moment nog binnen de stadsmuren bevinden en kondigen een ultimatum af op 15 november. Alle ci-devants (lees: royalisten) moeten onmiddellijk de stad verlaten.

De revolutionairen weten het tij te keren. Dan radicaliseert het. Net als de Notre Dame in Parijs wordt de kathedraal van Straatsburg omgedoopt tot de tempel van de Rede. Religieuze beelden en schilderijen worden vernietigd tijdens een jakobijnse beeldenstorm. Ook in Colmar wordt veel christelijk erfgoed kapotgemaakt. De Revolutie toont zijn meest intolerante gezicht: vivre libre ou mourir. In Hitzbach wordt een Mariabeeld rood-wit-blauw opgeschilderd en mag daarom blijven staan. In december 1793 worden straatnamen omgedoopt. De Rue Saint Louis heet voortaan Rue Guillotine en de Quai Saint Nicolas is nu de Quai de Bonnet Rouge .

Tempel van de Rede
Monument élevé à la Nature dans le Temple de la Raison à Strasbourg la 3.me décade de Brumaire l’an 2 de la République

De Franse Revolutie houdt de huidige tijd een spiegel voor. Ook nu zijn er weer krachten werkzaam die straatnamen willen veranderen en die tolerantie en diversiteit prediken, maar in werkelijkheid intolerant zijn en uniformiteit eisen. Van de Franse Revolutie in de Elzas kunnen we leren wat de veerkracht van de regio en de traditie kan zijn.

En 23 ans se succèdent la République révolutionnaire, le Directoire, le Consulat, le Premier Empire, la Première Restauration, les Cent-Jours et le début de la Seconde Restauration ! Chaque changement politique apporte son cortège de revirements, d’épurations et de remaniements. L’Alsace où, à l’époque, très peu de gens savent le français, est pour cette raison souvent suspecte aux autorités parisiennes, surtout après la Grande Fuite de 1793. Pourtant, les départements du Rhin ne sont pas en reste sur les autres pour ce qui est du civisme ! Beaucoup d’alsaciens figurent parmi les généraux de la République et de l’Empire. L’épopée napoléonienne marquera durablement les esprits.
Bron: babelio.com

allons, enfants

vandaag bezochten we het geboortehuis van Rouget de Lisle
de componist van het Franse volkslied

In de Jura merk je niet veel van Quatorze Juillet. De plaatselijke oorlogsmonumenten zijn weliswaar voorzien van tricoleres, maar een feestdag? Misschien sparen de Fransen hun energie voor morgenavond als ze in Moskou wereldkampioen voetbal worden? In ieder geval was de nationale Feestdag voor mij een aanleiding om in Lons-le-Saunier het geboortehuis van Claude Joseph Rouget de Lisle te bezoeken, nu een klein museum. De componist van het Franse volkslied was in de winter van 1791/1792 officier in een garnizoen dat in Straatsburg gelegerd was.

Rouget de Lisle
patriottisch standbeeld van Claude Joseph Rouget de Lisle in Lons-le-Saunier

Het is algemeen bekend dat dit revolutionaire strijdlied zijn naam kreeg doordat garnizoenen uit Marseille dit zongen terwijl ze naar Parijs marcheerden. Maar het werd geschreven in Straatsburg in april 1792. Rouget de Lisle was bevriend met Dietrich, de burgemeester van Straatsburg, die bekend was met het muzikale talent van zijn vriend. In zijn Portraits de Révolutionnaires schrijft Alphonse de Lamartine over de geboorte van de Marseillaise.

Marseillaise
Hoe le Chant de guerre de l’Armee du Rhin vanuit Straatsburg via Marseille naar Parijs kwam

Op de avond van 25 april 1792, terwijl er hongersnood heerste in Straatsburg , zei Dietrich tegen zijn vriend “L’abondance manque à nos festins: mais qu’importe, si l’enthpusiasme ne manque pas à nos fêtes civiques et le courage aux coeurs de nos soldats? J’ai encore une dernière bluteille de vin dans mon cellier.” tegen een van zijn dochters zei hij ” Qu’on l’apporte et buvons-la à la liberté et à la patrie! Strasbourg doit avoir bientôt une cérémonie patriotique: il faut que De Lisle puise dans ces dernières gouttes un de ces hymnes qui portent dans l’âme du peuple l’ivresse d’où il a jailli.”

Rouget de Lisle kreeg dus van de burgemeester van Straatsburg de opdracht een lied te componeren “dat de volksziel in de roes brengt waaruit dit lied is opgeborreld.” Patriottischer kun je het niet verwoorden. De vonk vloog over en in de nacht van 25 op 26 april 1792 componeerde Rouget de Lisle het Chant de guerre de l’Armee du Rhin dat in dde zomer van 1792 massaal bekend zou worden onder een andere naam: de Marseillaise.

Musée Rouget de Lisle [ juramuseers.fr ]

levensecht

gisteren gezien: Boyhood (2014)

BoyhoodEen film over het alledaagse leven is altijd een waagstuk. Het project kan gemakkelijk aan twee kanten ontsporen, omdat enerzijds de saaiheid en anderzijds de ongeloofwaardigheid op de loer liggen. Scenario en acteerwerk zijn de pijlers van iedere goede film, maar in een film over het alledaagse leven is het een voorwaarde dat scenario en acteerspel op zo’n natuurlijke wijze in elkaar overvloeien, dat de speelfilm op reality-tv gaat lijken. Als het goed werkt, dan zal de natuurlijkheid van het spel het scenario dragen, en omgekeerd zal het scenario de acteurs maximale ruimte geven. Mike Leigh, de regisseur van Another Year (2010) bereikte dit door zijn acteurs te laten improviseren. Hierdoor konden levensechte situaties ontstaan, die deze film een registrerend, documentair karakter geven. De levendigheid van het moment kan nog versterkt worden door gebruik te maken van de handheld camera.

Een goed scenario met levensechte dialogen kan het alledaagse leven van heel dichtbij besluipen.

Richard Linklater pakt het met Boyhood iets anders aan. Hij laat de werkelijke tijd leven van hoofdrolspeler Ellar Coltrane (1994) gelijk oplopen met de tijd van het gespeelde leven van Mason. We zien in Boyhood de hoofdfiguur over een periode van twaalf jaar opgroeien van jongetje naar jongeman. Dit concept maakte deze film a priori al levensecht. Maar daarmee was Linklater er natuurlijk nog niet. Boyhood is een speelfilm en geen documentaire zoals Seven Up!, een project waarin Michael Apted sinds 1964 de levensloop van veertien kinderen uit verschillende milieus volgt en daar om de zeven jaar een filmisch verslag van uitbrengt. Het werkelijke leven staat hier centraal en de personen vallen dus samen met zichzelf. Het is reality-tv op zijn best.

Richard Linklater schreef zelf het scenario, waarin het bijzondere van het alledaagse en het alledaagse van het bijzondere elkaar telkens raken. Een goed scenario met levensechte dialogen kan het alledaagse leven van heel dichtbij besluipen. Dat zien we ook in de tv-reeks Mad Men. Sally Draper, de dochter van Don Draper, wordt gespeeld door Kiernan Shipka (1999) en we zien haar in de loop van de reeks (2007-2015) opgroeien van een meisje van zeven naar een puber van zestien. Het element van de realtime heeft an Sich al een enorme kracht, maar als dat ook nog eens versterkt wordt met een levensecht scenario, dan komt het gewone leven in zijn volheid naar voren.

Mason: So what’s the point?
Dad: Of what?
Mason: I don’t know, any of this. Everything.
Dad: Everything? What’s the point? I mean, I sure as shit don’t know. Neither does anybody else, okay? We’re all just winging it, you know? The good news is you’re feeling stuff. And you’ve got to hold on to that.
 
Bron: imdb.com/quotes
Mason (Ellar Coltrane) is vijf jaar oud als de film begint. Samen met zijn moeder (Patricia Arquette) en zus Samantha (Lorelei Linklater) betreedt hij de weg naar het volwassendom. Gedurende ruim tweeëneenhalf uur wordt de kijker meegenomen in de complete jeugd van Mason. Dit mondt uit in een feest van herkenning. Alle belangrijke, vreugdevolle, gênante en leerzame ervaringen die een jongvolwassene in zijn of haar reis naar zelfstandigheid tegenkomt zijn in Boyhood opgenomen. Maar hierin ligt niet direct de kracht van de film, juist in alle ‘normale’ momenten leren we Mason het best kennen. Juist in deze dagelijkse gesprekken aan de ontbijttafel of discussies over klusjes in huis komt de brille van Linklater naar voren. De spitsvondigheid van de dialogen en de dynamiek van het spel zitten tegen het geniale aan.
 
Bron: cinemagazine.nl

Boyhood [ imdb.com ]

humanitair drama

opnieuw gezien: As linhas de Torres (2012)
The lines of Wellington van Valeria Sarmiento

Lines of WellingtonEen paar jaar geleden zag ik deze Frans-Portugese film voor het eerst en was erg onder de indruk. De grote Chileense cineast Raúl Ruiz (1941-2011) overleed helaas tijdens de productie en zijn weduwe, de Chileense regisseur Valeria Sarmiento regisseerde de film in de geest van haar overleden echtgenoot. De stijl van Ruiz is herkenbaar door telkens terugkerende trage takes met een poëtische lading. In dialogen worden afwisselende close ups meestal vermeden en blijft de camera op afstand registreren binnen het half totaal. Net als in films van Tarkovsky lopen de werkelijke en de filmische tijd vaak gelijk. Door traagheid als verhaalelement te gebruiken, zal As linhas de Wellington het grote publiek waarschijnlijk vervelen. Dat zit te wachten op een veldslag en niet op de kont van een paard die te lang in beeld is. Maar juist dat soort filmische keuzes maken The lines of Wellington voor mij de moeite waard.

official trailer

The lines of Wellington is een oorlogsfilm zonder veldslagen die vooral gaat over de ontreddering die oorlog met zich meebrengt. De wanhoop en de gelatenheid in de eindeloze vluchtelingenstroom die door het Portugese landschap trekt, komt sterk naar voren. Honderdduizenden Portugezen moeten hals over kop hun huis verlaten en zich samen met de Engelsen terugtrekken achter de Linies van Torres Vedras die Lissabon tegen de Franse invasie moet beschermen. Onder de vluchtelingen bevinden zich de meest uiteenlopende types. De meesten zijn boer, maar ook aristocraten zijn op de vlucht. Iedereen is van het een op het andere moment vluchteling geworden.

De Franse invasie van het Iberisch schiereiland was een catastrofe. Maar in plaats van veldslagen, zien we het humanitaire drama achter de gevechtslinies. Dat wordt griezelig concreet gemaakt: rondzwervende bendes deserteurs die alleen nog voor eigen lijfbehoud vechten en gewetenloze bandieten zijn geworden. Portugezen die ‘handballen’ met afgehakte hoofden van Franse soldaten. Lijkenrovers die de laarzen van gesneuvelde soldaten verkopen. Een aristocraat die op de vlucht is en die op een kar twee kasten vol boeken heeft meegenomen zodat hij kan wegvluchten in een boek. Een jongen met een verstandelijke handicap die niemand heeft maar meeloopt met de rest. Door in te zoomen op het individuele leed krijgt de vluchtelingenstroom verschillende gezichten, die diepe indruk maken. Veel meer dan de zoveelste sensationele veldslag in een oorlogsfilm.

By choosing an old-school directing style, Valeria Sarmiento reinforces the solemn dimension of a film that not only aims to be a homage to her late husband (with guest appearances by Catherine Deneuve, Isabelle Huppert, Mathieu Amalric, Michel Piccoli, and Chiara Mastroianni among others), but also a historical record from a grassroots perspective. Indeed, the film focuses very little on the battle’s great figures played by John Malkovich and Melvil Poupaud, and lingers no longer on great explosive battle scenes, even for the film’s ending.
 
Bron: cineuropa.org

linhas de Wellington [ imdb.com ]

Bronson’s blik

gezien op RTL 7: C’era una volta il West (1968)
Once upon a time in the West van Sergio Leone

C'era una volta il WestHet is alweer twaalf jaar geleden dat ik Once upon a time in the West voor het laatst zag. Omdat het dit jaar 50 jaar geleden is dat de film werd uitgebracht, besloot ik gisterenavond weer te gaan kijken, misschien voor de zesde of zevende keer. Dit meesterwerk heeft nog altijd niet al zijn geheimen aan mij prijsgegeven. Deze keer zag ik toch weer nieuwe dingen en wat ik al kende, de fenomenale beginscène, de close ups, de engelachtige muziek, de panorama’s en de sobere dialogen, dat alles bleef indrukwekkend. Niet voor niets keert deze film telkens weer terug in het rijtje best gemaakte films aller tijden.

We moeten niet vergeten dat C’era una volta il West een Italiaanse film is en niets met Hollywood te maken heeft. De scenaristen, regisseur, art-director, componist en producers zijn allemaal Italianen. Deze spaghettiwestern werd, met uitzondering van de scène in de iconische Monument Valley, niet in de Verenigde Staten gedraaid maar in Europa. De Desierto de Tabernas in Andalusië is de enige woestijn in Europa en hier zijn al honderden westerns gedraaid. In de jaren vijftig draaiden Amerikaanse filmmaatschappijen vanwege de lage productiekosten al in Spanje of Marokko. Bovendien kostten de figuranten er bijna niets. Zo ontwikkelden zich filmsets die uitgroeiden tot themaparken: Oasys is Andalusië en Atlas Studios in Ouarzazate (Marokko).

Het Italiaanse in C’era una volta il West wordt voor mij in de eerste plaats vertegenwoordigd door La Cardinale (in april dit jaar 80 geworden!). Maar het is in veel meer elementen in de film terug te vinden. Het meesterwerk van Leone is ook een opera. De hoofdpersonen hebben allemaal hun Leitmotiv, een muzikaal thema. Beeld en geluid vormen een eenheid, zeker niet alleen in de scenes met Claudia Cardinale waarin de engelen wenen, maar ook in de scenes zonder de score van Ennio Morricone, zoals in de kale beginscene waarin we naast het piepen van de ijzeren windmolen enkel wat droge, geïsoleerde woestijngeluiden horen.

Cinematografisch is C’era una volta il West vernieuwend geweest door de enorme close ups. De ogen van Charles Bronson in superbreed (2.35:1) Techniscope. Italiaans door de schilderkunstige benadering van Tonino Delli Colli die niet zozeer de belichting als wel het rauwe realisme van Caravaggio heeft nagevolgd. Er komen nauwelijks gewassen en geschoren mannen in de film voor.

Close up Bronson
de blik van Charles Bronson

Het duel tussen de mysterieuze Harmonica, gespeeld door Charles ‘Leatherface’ Bronson en Frank, gespeeld door Henry Fonda, vond ik ditmaal de meest indrukwekkende scène. Het niveau van de western wordt hier overstegen. Hier gaat het om grote thema’s als gerechtigheid, manlijkheid, leven en dood. Wie houdt zijn zenuwen het langst in bedwang? De close ups laten de registrerende, priemende blik zien. Er is een duidelijk verschil tussen de houding van Harmonica en Frank. Harmonica blijft ontspannen staan, terwijl Frank gespannen tegenover hem loopt. De blik van Bronson en de brede glimlach op zijn lippen, geven hem veel van een wijze Indiaan of een oosterling die volmaakt in het hier-en-nu is en daardoor het beslissende moment kent.

Once upon a time in the West [ imdb.com ]

koningin zoekt boerderij

gisteren gezien op Arte: Marie Antoinette und die Geheimnisse von Versailles

De Zonnekoning was al zeventig jaar dood toen de koningin van Frankrijk, Marie Antoinette, in de tuin van Versailles haar droom liet realiseren: een boerendorpje waar ze zichzelf letterlijk even kon bevrijden van het knellende korset van het protocol. Hier kon ze even vrij adem halen, van een geïdealiseerd boerenleven genieten en met haar koninklijke handen de koeien melken of de (geparfumeerde!) schapen hoeden. Een boerderij op Versailles, Lodewijk XIV zou zich omdraaien in zijn graf.

Hameau de la reine
Hameau de la reine
… ontmoeting tussen rococo en romantiek …

En toch had de stichter van Versailles onbedoeld de aanzet hiertoe gegeven. Hij was de bedenker van een hofcultuur waarin hij de complete adel van Frankrijk in een soort bijenkorf gevangen hield en deze vervolgens om hem heen liet zwermen. Wie het best zijn rol speelde, werd beloond door bijvoorbeeld ‘s morgens aanwezig te mogen zijn tijdens het koninklijk toilet. Er ontstonden ontelbare regels die de etiquette aan het hof bepaalden en waarin iedereen zat ingesponnen. Het korset van de dames was een materialisatie van dat andere korset: de etiquette. Degenen die zich het beste aanpasten, hadden de meeste kansen om op Versailles te overleven én om hogerop te komen.

Deze hofcultuur waarbij alles draaide om de rol die men behoorde te spelen, moest wel tot een heftige reactie leiden. Versailles was in feite een theater en de hovelingen waren de acteurs. De mens zou door een mens in opstand komen tegen dit nepleven. Die mens heette Jean-Jacques Rousseau. De wal had voor hem het schip gekeerd. De Franse cultuur, die inmiddels de toenmalige beschaafde wereld in zijn greep had gekregen, was overgecultiveerd geworden en moest terug naar de natuur.

Het appèl van Rousseau vond overal gehoor. In de jaren zeventig van de achttiende eeuw nam zijn invloed steeds meer toe en toen hij in 1778 stierf, brak er een Rousseau-mania uit. Marie Antoinette was toen 23 jaar en al acht jaar gekneed aan het hof van Versailles. Ze droeg belachelijk hoge kapsels die in de tweede helft van de jaren zeventig mode waren geworden. De rol van koningin die ze vanaf 1775 moest spelen, was de hoogste rol die er voor een vrouw was en dus een voorbeeld voor alle andere vrouwen aan het hof.

In 1775 had ze van haar gemaal Lodewijk XVI het Petit Trianon cadeau gekregen, een klein paleisje dat op afstand lag van het grote paleis van Versailles. Door zich daarin terug te trekken, kon ze ook afstand nemen van alle etiquette waarin het leven aan het hof van Versailles verstrikt was. Na 1780 ging er een andere wind waaien. De ideeën van Rousseau en andere Verlichtingsdenkers kregen steeds meer invloed. Ook de koningin van Frankrijk wilde terug naar de natuur.

Marie-Antoinette
Op een portret uit 1783 dat Elisabeth Vigée-Lebrun van Marie-Antoinette schilderde, draagt de koningin een jurk van dunne stof, een hoed van stro en misschien wel het opvallendst van alles: ze draagt geen juwelen. Dit portret is een statement waarmee de koningin wil laten zien dat ook zij een volgeling van Rousseau wil zijn: terug naar de natuur.

De afkeer van het protocol aan het hof van Versailles en de terugkeer naar de natuur zouden er komen. Rond 1785 werd achter het Petit Trianon een Engelse tuin aangelegd met daarin een pittoresk boerendorpje. Het telt een tiental huizen waaronder een watermolen (die verder geen functie heeft), een schapenstal en een boerderij. Of Marie-Antoinette nu een authentiek mens was geworden, valt te betwijfelen. Ze speelde nu gewoon af en toe ook een andere rol, die van boerin.

Hameau de la reine
Hameau de la reine
Den Höhepunkt ihres Gestaltungswillens und ihrer Sehnsucht nach Privatsphäre bildet das tief im englischen Landschaftsgarten verborgene Hameau – von außen ein beschauliches Bauerndörfchen, doch im Inneren ein echtes Schmuckstück. In gerade einmal 20 Jahren hat Marie Antoinette Versailles ihre ganz persönliche Prägung verliehen: Zwar wurde das Schloss von Ludwig XIV. erbaut, doch die Innenarchitektur trägt die Handschrift der Königin. Nach der Revolution begann der Zahn der Zeit am Hameau de la Reine zu nagen. Nach umfangreichen Restaurierungsarbeiten ist er nun in alter Pracht wiedererstanden und erstmals seit dem 18. Jahrhundert der Öffentlichkeit zugänglich. Kunsthandwerker legen im restaurierten Hameau letzte Hand an, Möbel und Nippes finden ihren ursprünglichen Platz. Aus dem Halbdunkel beobachtet eine einsame Marie Antoinette das Geschehen. Der letzten Königin von Frankreich wurde zum Verhängnis, dass sie ihrer Zeit voraus war und für sich das Recht auf Glück in Anspruch nahm.
 
Bron: arte.tv
Hameau de la reine
Hameau de la reine