Categorie archief: zomaar…

10 jaar Woest & Vredig

deze blog bestaat vandaag precies 10 jaar

Vandaag is het precies tien jaar geleden dat ik een eerste post deed op deze blog. Tien jaar en ruim 3600 posts verder (bijna dagelijks dus) heb ik steeds meer het gevoel gekregen aan een zelfportret te werken. Deze gedachte kwam voor het eerst bij mij op toen ik het motto las van Geert Mak’s In Europa:

Een mens stelt zich ten doel de wereld in kaart te brengen, In de loop van de jaren bevolkt hij een ruimte met beelden van provincies, van koninkrijken, van bergen, van baaien, van schepen, van eilanden, van vissen, van kamers, van werktuigen, van sterren, van paarden en van personen. Kort voor hij sterft, ontdekt hij dat zich in dat geduldige lijnenlabyrint het beeld van zijn eigen gelaat aftekent.
Jorge Luis Borges

Maar een blog is weer iets anders dan een kaart of een boek. Doordat een blog een levend onderdeel is van het world wide web en daarmee van een onbevattelijk collectief bewustzijn, is het portret gekoppeld aan ontelbare andere portretten. Los verkrijgbare identiteit bestaat niet. We zijn allen ingebed. Kluizenaars incluis.

de eerste post op 28 augustus 2004

“het is maar een spelletje”

… of is oranjekoorts verkapt nationalisme en rechts populisme?
… en komt het liedje Pinches Hollandeses recht uit het hart?

Ik heb nog niet gekeken naar een van de vier wedstrijden van het Nederlands elftal tijdens het WK en schijn daarin een uitzondering te zijn. Rond de 8 miljoen Nederlanders keken telkens naar een wedstrijd met oranje op het WK. Zelfs mensen van wie ik het niet had verwacht, bleken gekeken te hebben. Waarschijnlijk bestaat er niet iets anders dat de Nederlanders dichter bij elkaar brengt dan het Nederlands elftal. Als oranje speelt, sluiten de rijen zich en verdwijnen de verschillen even. Dan is elke Nederlander een oranjesupporter.

Het doet mij denken aan Wilhelm II die op 1 augustus 1914 vanaf het balkon van het stadspaleis in Berlijn de menigte toesprak toen Duitsland ten strijde trok: “Ich kenne keine Parteien mehr, ich kenne nur noch Deutsche!” De verschillen tussen de politieke partijen werden voor even vergeten en er heerste de samenhorigheid van een zwerm vogels of een school vissen.

Alleen de kleur oranje staat tijdens een EK of WK voetbal voor “Nederlanders verenigt u!” en “Aanvallen!” Met oranje gaan “we” voor de overwinning op de ander, zodat we apetrots op “onszelf” kunnen zijn. Wat er tijdens een WK met de oranjegekte gebeurt, lijkt verdacht veel op rechts populisme: Trots op Nederland en Eigen volk eerst.

Wat er tijdens een WK met de oranjegekte gebeurt, lijkt verdacht veel op rechts populisme: Trots op Nederland en Eigen volk eerst.

Nu is voetbal natuurlijk maar een spelletje. Toch is het een spelletje dat in onze samenleving bijzonder serieus genomen wordt. In de voorronden waren er dagen dat er op alle drie de netten van de publieke omroep een voetbalwedstrijd werd uitgezonden, waarvan twee gelijktijdig tussen zes en acht uur ‘s avonds. Het journaal van zes uur moest zowel op Nederland 1 en 2 wijken voor het WK voetbal.

Soms lijkt voetbal wel op oorlog. Maar dat is het natuurlijk niet. Het is een gesublimeerde vorm van confrontatie tussen twee volkeren en we weten dat het er soms hard aan toe kan gaan. Maar de grasmat wordt nooit een slagveld waarbij doden vallen. Daarom is voetbal een veilige krachtmeting. Ook al blijft het “netjes” binnen de grenzen van de spelregels, toch wordt eenzelfde energie ontketend als tijdens een veldslag. Het is er op of eronder. Zonder de vastberadenheid om te winnen en dosis agressie word je nu eenmaal geen kampioen. En er hoort ook peptalk bij, in de kleedkamer rond het veld, op straat en op de buis. “Wij gaan winnen!” en “Wij zijn de beste!” Het is eigenlijk een onbeschaamde uiting van vermeende nationale superioriteit. Normaal gesproken is het taboe om van superioriteit te getuigen, behalve wanneer oranje speelt. Dan behoor je zelfs tot de “landverraders” als je partij kiest voor de meest sportieve speler. Of dat nu het Nederlands elftal is of niet.

Dat hier nooit een punt van gemaakt wordt, komt misschien omdat we voetbal scheiden van het echte leven. Als een volksvertegenwoordiger in Den Haag bekent trots te zijn op Nederland, dan is zij of hij een rechtse populist. Maar als je dat zegt in een voetbalstadion, dan is ben je een oranjesupporter, een rechtgeaarde Nederlander. Toch komt in beide gevallen exact hetzelfde gevoel naar buiten: vreugde en trots. Bij een overwinning krijgen “we” het gevoel “beter” te zijn dan de ander voetbalnatie. Natuurlijk is het allemaal maar een spelletje en dat “beter” moet absoluut gerelativeerd. Maar ondertussen.

“Pinches Holandeses” van de 15-jarige dizzymissdc is op youtube al meer dan een miljoen keer bekeken.

Ondertussen voelt het andere volk teleurstelling, vernedering en zelfs pijn. Dat is de schaduw van de triomf van het ene volk. Het hoort allemaal bij het spel en is daarom legitiem. In het echte leven zou je discrimineren of zelfs racistisch zijn als je voor je eigen volk bent ten koste van het andere volk. Nee, bij voetbal staat het echte leven even tussen haakjes. (“Die klote Nederlanders hebben het WK van ons gestolen met hun klote scheidsrechter en hun gefingeerde strafschop. Onze heldendaad, te gronde gericht door een klootzak. Robben is een groot toneelspeler en de scheidsrechter was blind.”)

Om de Mexicaans-Nederlandse handelsbetrekkingen (het echte leven) niet te schaden, heeft het 15-jarige Mexicaanse meisje haar felle woorden van het liedje Pinches Holandeses gerelativeerd. In een verklaring schrijft ze: “Ik heb niets tegen Robben en ik haat Nederland en het Nederlandse elftal niet, maar ik hield alleen niet van de wedstrijd. Ik doe dat liedje gewoon voor de lol, niet om te beledigen of om te discussiëren wie nu de schuldige was. Tenslotte gaat het om zingen en niet om huilen. Relax. Peace!”

Met andere woorden: “het is maar een liedje”.

“No estoy contra Robben, no odio a Holanda ni a su selección, sólo no me gustó el partido. Hago la canción por diversión y porque hay que saber reírse de la derrota, no para que se ofendan o para debatir de quién fue la culpa. Después de todo, canta y no llores. Relájense. Paz”
 
Bron: elfinanciero.com.mx

nieuwe ogen

bij een citaat van Marcel Proust
Le véritable voyage de découverte ne consiste pas à chercher de nouveaux paysages, mais à avoir de nouveaux yeux.

Marcel Proust

“De ware ontdekkingsreis bestaat niet uit het zoeken naar nieuwe landschappen,
maar uit het hebben van nieuwe ogen.”

Ook al reis ik graag en ben ik in bijna veertig landen geweest, ik weet dat je ook thuis vanachter de begonia’s echte ontdekkingsreizen kunt maken. Proust’s citaat gaat over het onbekende in het bekende, het nieuwe in het oude. Het is mij op het lijf geschreven, samen met een citaat van L.P.Hartley: “The past is a foreign country: they do things differently there”. Reizen door de geschiedenis via boeken, schilderijen, foto’s en films doe ik bijna fulltime. Je hoeft er fysiek niet voor te bewegen. De geest gaat op reis.

giraffeMet nieuwe ogen bedoelt Proust ook een nieuwe geest. Het oog zorgt voor de receptie, maar de geest voor de perceptie. Tijdens de perceptie worden er laden en deurtjes geopend in ons geheugen. Zien we een giraffe, dan matchen we dat met het beeld van de giraffe dat in ons geheugen ligt opgeslagen. In de herkenning kunnen we het beeld vervolgens labelen als “giraffe”. De allereerste keer dat we in de dierentuin een giraffe zagen, ligt bedolven onder een diepe laag “matches” van al die keren dat we daarna een giraffe zagen. Het is misschien jammer dat de oorspronkelijke sensatie die we als kind hadden bijna onbereikbaar is geworden, maar om te overleven is het noodzakelijk. Als je het verschil tussen de heksenboleet en de satansboleet niet kan zien, kan het je leven kosten!

De nieuwe ogen (of de open geest) van een kind hebben volwassenen niet meer, maar toch geloof ik dat je nog steeds iets kan zien van die allereerste keer. (kijk, giraffe!) Er is alleen vervreemding voor nodig. Wanneer we een giraffe zouden zien vanuit een vreemde hoek, in een vreemde context of alleen een detail van het beest, dan kan het nieuwe zich weer openbaren. Je ziet iets dat je niet verwacht had, zeker niet van een giraffe…

Marcel Proust zit in mijn geheugen opgeslagen in hetzelfde kastje als de titel van zijn boek a la recherche dun temps perdu dat ik nooit gelezen heb. Het is een zoektocht naar zijn jeugd, de verloren tijd. Het schijnt dat Proust herinneringen opwekte door terug te keren naar plekken uit zijn jeugd, er geuren bij wilde ruiken die hem gemakkelijker toegang zouden geven tot die herinneringen. Dat verlangen naar het verloren paradijs herken ik.

Naar binnenglippen gaat niet meer. Maar het oog kan het. Als het nieuw wordt.