…en niet in staat iets t
Categorie archief: zomaar…
vlammende liefde
Deze regel kwam ik gisteren tegen in PHP4 het complete handboek geschreven door Tim Converse en Joyce Park. Er zijn blijkbaar mensen die een hartstochtelijke liefde opvatten voor een computertaal. Ze spreken dan zelfs in de taal van een verliefde: over de elegantie van het script, de soepelheid van de variabelen, de helderheid van de syntax en ga zo maar door. Op het web verzamelen ze zich in communities en forums om met elkaar hun passie te delen.
Ik ben zelf een newby in PHP maar ik begrijp dat enthousiasme wel. Een helder script kan in één keer de geest verlichten, net zoals een gedicht daartoe in staat is.
dat wil zeggen
eenvouds verlichte waters
de ruimte van het volledige leven
tot uitdrukking te brengen
(Lucebert)
Eigenlijk geloof ik niet in de tegenstelling alphatype-betatype. Wel zijn er twee verschillende sferen in ons bewustzijn: zo gloeit het hart doorgaans eerder op van “ik hou van jou” dan van “e=mc2″. Maar het hoofd en het hart maken deel uit van één lichaam en zijn dus nooit van elkaar gescheiden. Nu er in het maatschappelijk debat over de Islam zo vaak het woord Verlichting valt, zou daar wel eens wat meer aandacht aan mogen worden besteed.
Er bestaat geen Verlichting zonder Verwarming.
humor?
Dit weekend dook ik weer eens in mijn verstofte verzameling cassettebandjes en viste daar een plaat uit van Kamagurka en de Vlaamse Primitieven: De pijn van het zijn, gemaakt in de tachtiger jaren van de vorige eeuw. Kamagurkiaanse meligheid op z’n hoogtepunt en indertijd een van mijn lievelingsbandjes. Maar de tijden zijn veranderd en ik ben zelf veranderd. Sommige teksten zijn voor mij na al die jaren gevleugelde oneliners gebleven:. “Wat een combinatie, spinazie met spinazie.”, “overbevolking, ik doe er niet aan mee, maar waar je ook bent, je volgt gedwee…” en “neuzen volgen vingers.” Zijn gevoel voor absurde humor is grenzeloos en overschrijdt vaak de grenzen van de goede smaak. Een meezinger als “moord eens een volksken uit” is zo over the top dat je het eigenlijk nooit serieus wilt nemen en al helemaal niet als je met een strak gezicht beweert dat het dodelijke ernst is met deze tekst.
Maar in een tijd waarin spreekkoren op de voetbaltribunes en haatprediking op Internet zijn ingeburgerd, moeten we deze ironie juist wéll serieus nemen. Kwaadaardigheid is met het masker van de ironie op voor sommigen misschien charmant en geestig, maar het blijft eigenlijk iets heel vreemds dat er om gelachen kan worden. Is die lach misschien het intieme pact dat het kwaad sluit met degene die de kwaadaardigheid uit onbenul ( of is het toch kwaadaardigheid? ) niet veroordeelt?
Over twee weken zal jong Nederland waarschijnlijk massaal op de nieuwste Nederlandse bioscoopfilm vet hard duiken. De trailer die ik zaterdagavond in de bioscoop zag, bewees weer eens dat je met extreme grofheid extreem gelach en gebulder kunt opwekken.













