100 jaar Manhattan Bridge (1912-2012)
Kort nadat ik naar Double Indemnity (1944) van Billy Wilder gekeken had, zag ik Once upon a time in America (1984) van Sergio Leone. Tussen beide films en ook tussen beide regisseurs ligt een wereld van verschil. In de eerste plaats is er het verschil tussen het oude Hollywood en het nieuwe Hollywood met zijn expliciete geweld na 1968. Billy Wilder en Alfred Hitchcock waren als regisseur geniaal maar de overgang naar het nieuwe Hollywood was voor hen te groot. Na 1968 was hun tijd voorgoed voorbij. In de tweede plaats is Double Indemnity een film met extreem veel dialogen en Once upon a time in America een film met weinig dialogen. En ten derde is er het verschil tussen de traditie van het Duits expressionisme van de film noir en het Italiaanse nieuwe realisme van de spaghettiwestern. Want in Once Upon a Time in America zijn alle elementen uit de Italiaanse spaghettiwestern aanwezig. Sergio Leone is na Once Upon a Time in the West (1968) veertig jaar in de tijd opgeschoven en heeft zijn decor verplaatst van The Wild West naar Brooklyn. De ingrediënten van zijn meesterwerk uit 1968 worden weer gebruikt: rauwe types, extreme close ups, opvallende camerahoeken, crane shots van massascenes en epische muziek voor de sfeer.
Het is bekend dat Sergio Leone achteraf veel spijt had dat hij het aanbod had afgeslagen om The Godfather te verfilmen. Net als zijn landgenoten Francis Ford Coppola (The Godfather) en Martin Scorcese (Goodfellas, Casino) maakte hij een bikkelharde misdaadfilm. Voor Once upon a time in America werd gekozen voor het Brooklyn van de jaren twintig tot 1933. De hoofdfiguur (een rol van Robert de Niro) kijkt in de jaren zestig terug op zijn jeugd als straatboefje en later als gangster in Brooklyn. De film is ook een soort ode aan Manhattan Bridge. Deze brug werd aan het begin van de vorige eeuw gebouwd, niet ver van Brooklyn Bridge. Het is een imposante stalen constructie met masten van meer dan honderd meter hoog. Op oudjaarsdag 1909 werd de brug al geopend maar in 1912 zou hij pas helemaal voltooid zijn. De episode met de straatboefjes aan de voet van de brug speelt zich ongeveer tien jaar later af.

De iconische Manhattan Bridge is het decor in een van de belangrijkste scenes uit de film. In 1983 was aan de voet van de brug in Washington Street een filmset gebouwd. In 2000 heb heb ik samen met een bevriende fotograaf op een zonnige en rustige zondagmorgen in mei rondgelopen in het gebied onder deze brug dat in Brooklyn DUMBO (Down Under the Manhattan Bridge Overpass) wordt genoemd. Maar twaalf jaar geleden kende ik de film nog niet. Daarom ben ik met Google Streetview nog eens virtueel naar deze locatie teruggekeerd. Het is een prachtige Amerikaanse plek met een hoog Hopper-gehalte. Vanuit Washington Street heb je het mooiste gezicht op de reusachtige brug.



Als sein Hauptwerk gilt der Zwinger in Dresden, den er zusammen mit dem Bildhauer Balthasar Permoser schuf. In diesem formal einzigartigen Gebäude eines befestigten Turnierplatzes kam es zu einer einmaligen, ekstatischen Verbindung von Architektur und Plastik. Des Weiteren erbaute Pöppelmann auch den Japanischen Palais, das Schloss Pillnitz, die Augustusbrücke und die erste nach Pöppelmanns Tod fertig gestellte Dreikönigskirche. 1718 wurde Matthäus Daniel Pöppelmann als Nachfolger von Johann Friedrich Karcher Oberlandbaumeister. Als Oberlandbaumeister im sächsischen Oberbauamt war Pöppelmann aber auch für alle profanen Staatsbauten wie Deiche, Straßen oder Brücken verantwortlich. In dieser Stellung entfaltete er eine umfangreiche Bau- und Verwaltungstätigkeit, welcher Dresden die glänzendste und fantasievollste Schöpfung des Rokokostils verdankt. Etwa ab 1730 zog August der Starke aber für repräsentative Projekte jüngere Architekten vor und Pöppelmann widmete sich vor allem der Leitung des Oberbauamtes. Im Oktober 1734 schied Matthäus Daniel Pöppelmann aus dem Oberbauamt aus. Sein Nachfolger wurde Johann Christoph Knöffel. Pöppelmann wurde einige Monate später schwer krank und starb am 17. Januar 1736. Er wurde in der Gruft der Matthäuskirche in Dresden beigesetzt.














