Categorie archief: architectuur

toch toegankelijk

Rijksmuseum under (re)construction,
virtueel bezoek 24 uur per dag mogelijk

Toen de Educatieve Dienst van het Rijksmuseum in 1998 het virtuele museum ARIA in gebruik nam, ben ik direct gaan kijken. Dat moest toen nog ter plekke omdat het op een intern netwerk draaide. Je zat daar dan in een ruimte achter de Nachtwacht op een monitor te kijken, bizar eigenlijk. Inmiddels kun je met ARIA vanuit je luie stoel thuis, zoals het dus hoort, het Rijkmuseum bezoeken. Altijd handig, nu het grootste deel van het Rijksmuseum nog tot 2008 gesloten is en veel kunstwerken op reis zijn.

Het Rijksmuseum Amsterdam is met bijna 1 miljoen voorwerpen het grootste museum voor kunst en geschiedenis in Nederland. Het bekendste collectie-onderdeel is de Nederlandse schilderkunst uit de 17de eeuw, met 20 Rembrandts en veel andere topstukken zoals Johannes Vermeer, Frans Hals en Jan Steen.Tijdens de renovatie (2003-2008) toont het Rijksmuseum in de Philipsvleugel meer dan 400 Meesterwerken uit de Gouden Eeuw. Grote delen van de overige collectie zijn tijdelijk op Reis.
Het Rijksmuseum na de voltooiing in 1885

Ook al is het Rijksmuseum (behalve de Philipsvleugel) voor jaren gesloten, op de website is de verbouwing uitstekend te volgen aan de hand van maandelijkse webvideo’s. Hier kun je zien hoe men bij deze verbouwing zoveel mogelijk weer het oorspronkelijke ontwerp van Cuypers probeert te reconstrueren.

Presentatietekening van het definitieve ontwerp voor het Rijksmuseum, 1880, met handtekening van Cuypers en van de minister.

Cuypers en het Rijksmuseum [archief NAi]

architectuurvisioenen

De Duistere Steden van tekenaar François Schuiten

Wanneer je laatst nog de verfilming van de Ontdekking van de Hemel hebt gezien, is je opgevallen dat de hemel van Mulish ontworpen is door Piranesi. Zijn architectonische fantasieën hebben in de 20ste eeuw veel navolging gekend bij filmmakers en architecten. Van Metropolis tot Gotham City. Ook in het beeldverhaal heeft het architectuurvisioen vorm gekregen. Het mooiste beeldverhaal waarin decors de hoofdrol spelen, vind ik de reeks de Duistere Steden van de Belgische tekenaar François Schuiten. Hij concentreert zich op misschien wel de meest opwindende episode uit de architectuurgeschiedenis, toen neostijlen, art nouveau en art deco de hemel inschoten, de tijd waarin de klassieke wolkenkrabbers ontstonden tussen grofweg 1905 en 1930.

Schuiten
De reeks speelt zich af op de z.g.n. Tegenaarde, een hypothetische, vanaf de aarde onzichtbare planeet die de baan van de aarde volgt maar diametraal aan de andere kant van de zon ligt. Toch is de wereld van de Duistere Steden in veel opzichten eerder een vervormde afspiegeling van onze eigen aarde. De reeks heeft kenmerken van een alternatieve geschiedenis, waarin de uitwerking van een alternatieve technologische en architectonische ontwikkeling wordt verkend. Stuk voor stuk zijn de steden imposante bouwwerken vol gigantische wolkenkrabbers. Het toneel wordt gedomineerd door zeppelins, luchtballonnen en andere veelal in onbruik geraakte vervoermiddelen.
 
Zoals de naam al aangeeft, bestaat de wereld van de Duistere Steden (in de reeks zelf meestal Het Continent genoemd) vooral uit steden; van een leven op het platteland schijnt nauwelijks sprake te zijn. Het aantal steden is bovendien beperkt: er wordt gerefereerd aan een aantal grote tot zeer grote steden en enkele kleinere, maar niet meer dan hooguit enkele tientallen in totaal. Sommige van deze steden zijn duidelijk gebaseerd op of verwant aan een stad in de echte wereld (Brüsel, Pâhry, Københaven), andere vertegenwoordigen eerder een idee, stijl of concept (Blossfeldtstad, Urbicande, Xhystos, Mylos, Galatograd).
( … )
De stijl van de Duistere Steden is rijk en zeer gedetailleerd. Indrukwekkend zijn de enorme wolkenkrabbers die de steden kenmerken. Elke stad is bovendien geënt op een esthetische stroming, zoals de Art Nouveau in het geval van Xhystos en de Art Deco en de Bauhaus in het geval van Urbicande. Ook de kleding van de personnages is geheel in de sfeer van het begin van de twintigste eeuw.
 
Bron: nl.wikipedia.org

ebbs.net | schuitenpeeters.beeldbeeld | urbicande.be

de Bazel in Amsterdam

Gemeentearchief Amsterdam verhuist naar de Vijzelstraat

Wanneer ik in de jaren zeventig als kind met mijn ouders meeging naar Amsterdam, reden we altijd door de Vijzelstraat naar het centrum. Daar passeerden we dan het reusachtige gebouw van de Nederlandsche Handels Maatschappij gebouwd tussen 1920 en 1926 en ik voelde me er altijd onbehagelijk bij. Te groot, te ongenaakbaar, te gesloten.

De BazelVeel later toen ik mij in theosofie begon te verdiepen, ontdekte ik dat dit monolitische gebouw geconstrueerd is volgens theosofische principes. De architect en theosoof K.P.C. de Bazel (1869-1923) [zie foto] liet zich o.a. inspireren door hindoeïstische tempelbouw. Het gebouw wordt overigens in de volksmond genoemd naar zijn schepper. Maar de Amsterdammers hebben wellicht nog om een andere reden gekozen voor deze naam: door zijn ritmische opbouw van verschillende kleuren steen en inspringingen maakt de monoliet een indruk van gebazel in de ruimte.

De Bazel
De Bazel wordt het nieuwe onderkomen van het Gemeentearchief Amsterdam
Architect K.P.C. de Bazel ontwierp in 1920 het nieuwe hoofdgebouw van de Nederlandsche Handel-Maatschappij in de Vijzelstraat. Het enorme bouwwerk vult de hele ruimte tussen de Herengracht en de Keizersgracht. Het gebouw is 31 meter hoog. Doordat de gevels aan de bovenzijde trapsgewijs terugwijken, wordt die enorme hoogte een beetje verdoezeld. De lange gevel aan de Vijzelstraat heeft 5 vooruitspringende partijen, die ook in de twee inspringende bovenste verdiepingen terugkomen. De muren hebben een patroon van afwisselend baksteen en natuursteen. Bij dit bouwwerk, dat als het belangrijkste gebouw uit de jaren twintig en als het grootste van de door De Bazel verwezenlijkte projecten beschouwd kan worden, werden opnieuw veelvuldig Egyptische en Assyrische motieven toegepast.
 
Het ruim 100 m. lange gebouw is voorzien van een betonskelet dat, in tegenstelling tot Berlages kantoorgebouw voor De Nederlanden van 1845 in Den Haag (1930), door een omkleding van natuur- en baksteen aan het gezicht is onttrokken. Als gevolg van gelukkig gekozen verhoudingen maakt de lange voorgevel een levendige indruk. Deze indruk wordt nog versterkt door het afwisselend gebruik van natuur- en baksteen en door de rijke toepassing van beeldhouwwerk. De Bazel maakte de voltooiing van het bouwwerk, in 1926, niet meer mee.
 
Bron: stationsweb.brinkster.net
Ingang
De ingang met aan weerszijden beelden die Europa en Aziësymboliseren

Het grootste gemeentearchief ter wereld, het gemeentearchief van de stad Amsterdam, gaat verhuizen naar dit voormalige bankgebouw. Op de website van het gemeentearchief staat een mooie fotopresentatie van het gebouw in 1926

gemeentearchief.amsterdam.nl