Categorie archief: geschiedenis

Goethe & Co [ 2 ]

Goethe en zijn tijdgenoten: Adam Friedrich Oeser (1717-1799)

In zijn autobiografie Dichtung und Wahrheit schrijft Goethe in de eerste twee delen (Boek I-X) over zijn jonge jaren in Frankfurt, Leipzig en Straatsburg, de jaren zestig van de achttiende eeuw. Daarin passeren een aantal beroemde tijdgenoten de revue. In Goethe. Kunstwerk van het leven weeft Rüdiger Safranski door zijn biografie verschillende minibiografieën van tijdgenoten die invloed hadden op Goethe, zoals Adam Friedrich Oeser

In het tweede hoofdstuk van Goethe. Kunstwerk van het leven schrijft Rüdiger Safranski hoe de zestienjarige Goethe in de herfst van 1765 in Leipzig aankomt om er te gaan studeren. In 1768 gaat hij naast zijn studie teken- en schilderonderwijs volgen bij Adam Friedrich Oeser, een schilder uit Dresden die in 1759 was aangesteld als eerste directeur van de Leipziger Zeichenakademie.

Adam Friedrich Oeser
Adam Friedrich Oeser (1717-1799)

Oeser maakt Goethe enthousiast voor een ongekunstelde manier van schilderen en stuurt hem naar Dresden om de Gemäldegalerie Alte Meister te gaan bekijken. Het zijn de Hollandse schilders van de zeventiende eeuw die de grootste indruk op de jonge Goethe maakten: “Meine Verwunderung überstieg jeden Begriff!

Na de Zevenjarige Oorlog (1757-1763) gaat de zoetige, gekunstelde rococo langzaam plaatsmaken voor een meer realistische manier van schilderen. Dat is goed te zien in het onderstaande groepsportret uit 1766 dat Oeser van zijn kinderen schilderde. Goethe was overigens ook bevriend met zijn dochter Friederike Elisabeth (1748–1829).

Adam Friedrich Oeser
de vier kinderen van Adam Friedrich Oeser
Adam Friedrich Oeser wirkte ab 1759 in Leipzig. Am 6. Februar 1764 wurde er erster Direktor der neu gegründeten Leipziger Zeichenakademie; dieses Amt führte er bis zu seinem Tode aus. Am 13. Februar 1764 wurde er zum kurfürstlich-sächsischen Hofmaler ernannt und im selben Jahr Ehrenmitglied der Leipziger Ökonomischen Societät. Von 1765 bis 1768 zählte zu Oesers Schülern der Student Johann Wolfgang Goethe, für den der freundschaftliche Verkehr mit dem Lehrer und dessen Familie prägend werden sollte Goethe schloss mit Oesers Tochter Friederike Elisabeth (1748–1829) 1765 eine Freundschaft, die sich auch nach seinen Leipziger Jahren noch eine Weile im Briefwechsel erhielt. Oeser blieb auch selbst mit Goethe bis zu dessen Aufbruch nach Straßburg durch Briefe in Kontakt.
 
Bron:de.wikipedia.org

Adam Friedrich Oeser [ goethezeitportal.de ]

Goethe & Co [ 1 ]

Goethe en zijn tijdgenoten: Johann Joachim Winckelmann (1717-1768)

In zijn autobiografie Dichtung und Wahrheit schrijft Goethe in de eerste twee delen (Boek I-X) over zijn jonge jaren in Frankfurt, Leipzig en Straatsburg, de jaren zestig van de achttiende eeuw. Daarin passeren een aantal beroemde tijdgenoten de revue. In Goethe. Kunstwerk van het leven weeft Rüdiger Safranski door zijn biografie verschillende minibiografieën van tijdgenoten die invloed hadden op Goethe, zoals Johann Joachim Winckelmann

Tussen 1765 en 1768 studeerde de jonge Goethe in Leipzig. Via Adam Friedrich Oeser, een schilder bij wie hij lessen volgde aan de kunstacademie in Leipzig, leerde hij het werk kennen van Johann Winckelmann. Zijn leraar kende Winckelmann persoonlijk. Zij waren even oud, hadden elkaar destijds in Dresden leren kennen en waren beiden geïnteresseerd in de antieken. Winckelmann was de theoreticus en werd in 1756 op slag beroemd met zijn Gedanken über die Nachahmung der griechischen Werke in der Malerey und Bildhauerkunst.

De 18-jarige Goethe kwam in de gelegenheid om de beroemde Winckelmann via zijn leraar te ontmoeten. In de zomer van 1768 werd zijn terugkeer uit Italië verwacht en zou hij in Leipzig bij zijn oude vriend Oeser te gast zijn. De schok was groot toen hen het verschrikkelijke nieuws bereikte dat Winckelmann onderweg in Triëst vermoord was.

Wie ein Donnerschlag
bei klarem Himmel
fiel die Nachricht
von Winckelmanns Tode
zwischen uns nieder.

Dichtung und Wahrheit, Buch VIII

Goethe zou Winckelmann dus nooit ontmoeten. De invloed van Winckelmann was groot, in het bijzonder op het neoclassicisme. In 1805 bezorgde Goethe een uitgave van Winckelmann‘s brieven onder de titel Winckelmann und sein Jahrhundert. In Dichtung und Wahrheit (Boek VIII uit 1812) schrijft Goethe:

Winckelmann genoß einer solchen allgemeinen, unangetasteten Verehrung, und man weiß, wie empfindlich er war gegen irgend etwas Öffentliches, das seiner wohl gefühlten Würde nicht gemäß schien. Alle Zeitschriften stimmten zu seinem Ruhme überein, die besseren Reisenden kamen belehrt und entzückt von ihm zurück, und die neuen Ansichten, die er gab, verbreiteten sich über Wissenschaft und Leben.
 
Bron: zeno.org
Johann Joachim Winckelmann
Johann Joachim Winckelmann (1717-1768)
Anton Raphael Mengs schilderde meerdere portretten van zijn vriend Winckelmann, hier als een gevierd kunsttheoreticus.
Winckelmann heeft veel invloed gehad en hij heeft ons dan ook zijn ‘grondige, rationele en systematische chronologisch opgezette aanpak van de antieke kunstgeschiedenis’ nagelaten. Hij dacht dat de geschiedenis een proces was wat bestond uit opgang en neergang. Zijn visie op kunst kwam hiermee overeen. Ook in de kunst kon je namelijk opgang en neergang herkennen. Winckelmann vond dat er na de Griekse beschaving alleen nog maar verval was geweest.
 
Bron: nl.wikipedia.org
Leo von Klenze
de Duitse architect Leo von Klenze (1784-1864) bouwde in het eerste kwart van de 19e eeuw München om tot het “Athene aan de Isar.” Op een foto van Franz Hanfstaengl, genomen rond 1860, wijst Von Klenze via een brokstuk op de Griekse beschaving die Winckelmann boven de Romeinse beschaving had gesteld. De Duitsers voelden zich, mede door Winckelmann’s theorieën, de culturele erfgenamen van de Grieken.

Johann Joachim Winckelmann [ de.wikipedia.org ]
Winckelmann und sein Jahrhundert [ digi.ub.uni-heidelberg.de ]

Barok in Vlaanderen

biografieën van Vlaamse barokschilders

De Vlaamse barokschilderkunst, met name die van de Antwerpse School, zie ik meestal als de noordelijke interpretatie van de Venetiaanse schilderkunst van de 16e eeuw. De grote Venetiaanse schilders, Bellini en Titiaan voorop, importeerden de olieverftechniek uit Vlaanderen. Ze voegden daaraan echter iets toe wat de Venetiaanse schilderkunst uniek maakt. In plaats van op een lichte ondergrond met heldere kleuren te schilderen, werd op een donkere ondergrond geschilderd met vele lagen over elkaar die de heldere kleuren “breken” in zogenaamde tertiaire kleuren. Dit zijn kleuren zoals we deze in de natuur tegenkomen. Voor het eerst werd de schilderkunst zinnelijk en kwam er atmosfeer in de voorstelling. Dit ging ten koste van het detail waar de Vlaamse schilderkunst in uitblonk.

Zo leerden de Venetiaanse schilders van de Vlamingen in de 15e eeuw de olieverftechniek kennen. Op hun beurt leerden zij de Vlamingen in de zestiende eeuw hoe je levensechte kleuren moest schilderen. De heldere kleur moest “vuil” gemaakt worden met glaceringen. Titiaan gebruikte soms wel veertig laagjes over elkaar. Verder lieten de Venetiaanse schilders zien hoe je grote indrukwekkende schilderijen kon maken. Panelen waren te zwaar voor een groot formaat, dus spanden de schilders linnen op een raam.

Een van de voornaamste bronnen over Vlaamse barokschilders in het Nederlands (en Engels. Een Franse versie ontbreekt vooralsnog.) is Barok in Vlaanderen. Deze website is een onderdeel van vlaamsekunstcollectie.be. Je vindt hier niet alleen de biografieën van de wereldberoemde meesters van de Antwerpse School, maar ook van minder bekende schilders als Jan Boeckhorst en Jan van den Hoecke.

barok in Vlaanderen
de website Barok in Vlaanderen

barokinvlaanderen.vlaamsekunstcollectie.be