Categorie archief: geschiedenis

Gangs of New York

vrijdagnacht gezien op RTL 5: Gangs of New York (2002)

Gangs of New YorkHistorische films na 2000 maken vrijwel allemaal gebruik van CGI. Met computer generated imagery wordt het verleden weer tot leven gewekt. Zo herrijst in Agora het Alexandriëuit de vierde eeuw en in The Borgias het Rome omstreeks 1500. Toch blijven filmsets noodzakelijk voor scenes die zich in een bebouwde omgeving maar niet op locatie afspelen. CGI wordt vooral gebruikt voor panorama’s en voor naadloze integratie van trucages, acteurs en decor. Maar reusachtige filmsets waar alles één op één is nagebouwd, zoals de filmsets voor spektakelfilms van D.W.Griffith en Cecil B. DeMille, lijken niet meer van de eenentwintigste eeuw. Toch liet Martin Scorcese voor Gangs of New York (2002) een van de grootste filmsets uit de geschiedenis bouwen. Niet in Hollywood maar in de Cinecittà  Studio in Rome.

Cinecittà Studio
deel van de reusachtige filmset
in de Cinecittà  Studio in Rome

Dat Scorcese in historische films hoge eisen stelt aan geloofwaardige en gedetailleerde reconstructie hebben we bijvoorbeeld in The Age of Innocence (1993) en Aviator (2004) al kunnen zien. In de eerstgenoemde film waant de kijker zich aan de Fifth Avenue van de Gilded Age. Gangs of New York speelt zich twee decennia eerder af en in dezelfde stad. Toch is het decor niet te vergelijken met dat uit The Age of Innocence. Van de brede schatrijke Fifth Avenue kruipt de camera van Gangs of New York in de nauwe, smerige steegjes van de arme wijk van Five Points een beruchte wijk in New York halverwege de negentiende eeuw. Hier woonden de Ierse immigranten en de andere bevolkingsgroepen dicht op elkaar in grote armoede.

Five Points
Five Points geschilderd door George Catlin

Five Points was een melting pot waaruit het kosmopolitische New York is ontstaan. Scorcese is als zoon van Italiaanse immigranten in Lower Manhattan geboren. Met Gangs of New York is hij afgedaald naar de oorsprong van het multiculturele en gewelddadige New York uit zijn eerdere films. Zoals New York de natuurlijke omgeving is in de films van Woody Allen, zo is de New Yorkse onderwereld de biotoop in Mean Streets, Taxi Driver en Good Fellas, films die Scorcese een grote naam hebben bezorgd.

De Italiaanse production designer Dante Ferretti liet in de Cinecittà Studio onder andere een immense replica van vijf blokken van Five Points nabouwen. Daarbij werd gebruik gemaakt van schilderijen die George Catlin rond het midden van de negentiende eeuw in lower Manhattan maakte. Ook de prenten naar schilderijen van Nicholas Calyo vormden een bron van inspiratie. In 1835 teisterde een felle brand een deel van Lower Manhattan. Calyo heeft die brand vastgelegd en op zijn schilderijen is goed te zien dat het New York uit de eerste helft van de negentiende eeuw meer leek op een middeleeuwse stad met veel houten huizen dan op het wolkenkrabberwoud van de twintigste eeuw.

Brand van 1835
de brand van 1835 in Manhattan gravure naar een schilderij van Nicholas Calyo

Ook al zijn de kostuums en set decoration tot in de puntjes verzorgd, Gangs of New York is toch geen historische film geworden. Net als bij Moulin Rouge (2001) of The Prestige (2006) heb je het gevoel naar een circusvoorstelling te kijken. Het beeld is net als bij Batman bewust grotesk. Visueel om je vingers bij af te likken, maar historisch onverantwoord. Om de couleur locale nog wat te versterken, zijn berichten uit New Yorkse kranten en tijdschriften in de film verwerkt. Door historische gebeurtenissen als de New York City Draft Riots van 1863 en historische figuren als William “Bill the Butcher” Poole wordt het verhaal zo historisch gefundeerd.

Herbert AshburyIn 1970, Scorsese came across Herbert Asbury’s The Gangs of New York: An Informal History of the Underworld (1928), about the city’s nineteenth-century criminal underworld, and found it to be a revelation. Scorsese saw the potential for an American epic about the battle for the modern American democracy.
 
In 1979, he acquired screen rights to Asbury‘s book, but it took twenty years to get the production moving forward. Difficulties arose with reproducing the monumental city scape of 19th-century New York with the style and detail Scorsese wanted; almost nothing in New York City looked as it did in that time, and filming elsewhere was not an option. Eventually, in 1999, Scorsese was able to find a partnership with Harvey Weinstein, noted producer and co-chairman of Miramax Films. The production was filmed at the large Cinecittà Studio in Rome, Italy, where sets were produced to create 19th-century New York. Production designer Dante Ferretti recreated over a mile of mid-nineteenth century buildings, consisting of a five-block area of Lower Manhattan, including the Five Points slum, a section of the East River waterfront and two full-sized sailing ships, a thirty-building stretch of lower Broadway, a patrician mansion, and replicas of Tammany Hall, a church, a saloon, a Chinese theater, and a gambling casino. For the Five Points, Ferretti recreated George Catlin‘s painting of the area.
 
Bron: en.wikipedia.org

Gangs of New York [ imdb.com ] | The Killing of Bill the Butcher

rage against the machine

woensdag gezien op Arte: Die Weber (1927)

Die WeberEen belangrijke sociale gebeurtenis uit de Vormärz (1815-1848) is de weveropstand van juni 1844 in Silezië. Deze was een reactie op de sociale uitbuiting er gekomen was als gevolg van de industriële revolutie in de eerste helft van de negentiende eeuw. Door de vrijhandel hadden de ambachtelijke wevers in Silezië zwaar te lijden van de veel goedkopere import uit het geïndustrialiseerde Engeland. De Silezische fabrikanten gingen hun wevers minder loon uitbetalen en stapten over op mechanischering. Daardoor verloren velen hun werk en ontstond er grote armoede. In juni 1844 escaleerde het. De wevers bestormden de villa’s van de fabrikanten en vernielden de weefgetouwen. Voor het negentiende eeuwse socialisme met Karl Marx voorop werd de weveropstand van 1844 het schoolvoorbeeld van klassenstrijd. De Duitse schrijver Gerhard Hauptmann schreef in 1893 het sociaal drama Die Weber. Tijdens de Weimar Republiek werd zijn toneelstuk verfilmd.

Dinsdagnacht was Die Weber van Friedrich Zelnik uit 1927 te zien op het Frans-Duitse ARTE. Het is een van de weinige zenders die zo nu en dan een zwijgende film uitzendt, meestal ‘s nachts voor de liefhebbers. De hoofdrol (fabrikant Dreissiger) wordt gespeeld door Paul Wegener (1874-1948), een pionier van de Duitse stummfilm. Toen de film in 1927 uitkwam, ging het juist weer goed met de Weimar Republiek. Maar de crisis met zijn hyperinflatie (1919-1923) had diepe wonden geslagen. In de opstand van de wevers tegen hun uitbuiters, herkenden de Duitsers in 1927 onmiddellijk hun eigen situatie. Het Verdrag van Versailles had de Duitsers veroordeeld tot gigantische herstelbetalingen. Was dit niet dezelfde uitbuiting?

Die Weber
Die Weber 1927
Am 3. Juni trafen sich etwa 20 Weber aus Peterswaldau und umliegenden Ortschaften auf dem Kapellenberg und berieten, wie man sich gegen die Fabrikanten wehren könne. Sie zogen daraufhin, das „Spottlied Blutgericht“ singend vor die Firma der Gebrüder Zwanziger, die als Verleger tätig waren und die Löhne gekürzt hatten. Die Fabrikanten Ernst Friedrich und August Zwanziger ließen ihre Diener, mit Steinen und Knüppeln ausgerüstet, den kleinen Zug vertreiben und außerdem den Weber Wilhelm Mädler von der Ortspolizei verhaften.
 
Mit dem Ziel, die Freilassung Wilhelm Mädlers und eine Lohnerhöhung zu erreichen, bildete sich am 4. Juni 1844 ein Protestzug, dem sich fast alle Heimweber der Umgebung anschlossen. Die Weber wählten zur Verhandlung eine Delegation; das Gespräch mit dem Landrat des Kreises Reichenbach blieb allerdings ergebnislos. Als sie vor dem Gebäude der Zwanzigers ankamen, waren diese allerdings abwesend. Die Menge stürmte daraufhin wütend das Haus der Zwanzigers und zerstörte die gesamte Einrichtung. Ebenso wurde im Verwaltungs-, im Lagerhaus und in der Fabrik gewütet. Die Familie Zwanziger floh daraufhin nach Breslau. Der Fabrikant Wagenknecht blieb hingegen unbelästigt und wurde wegen des „gerechten“ Lohnes sogar gelobt.
Die Weber
Käthe Kollwitz 1897
Ein Weberaufstand (cyclus van zes bladen)
Käthe Kollwitz Museum, Keulen
Am 5. Juni 1844 konnten sich die Fabrikanten Fellmann und Hoferichter durch Geldzahlungen, Brot und Speck „freikaufen“. Die Schar zog weiter nach Langenbielau zu den Fabrikanten Andretzky und Hilbert. Diese waren verhasst, ihre Anwesen wurden verwüstet. Dierig, der auch wegen der ausschließlich dort beschäftigten auswärtigen Arbeiter ins Visier der Aufrührer geraten war, bezahlte die eigenen Arbeiter, um gegen die anrückenden Weber vorzugehen. Zudem versuchten die Gebrüder Dierig durch Geldausteilungen die Menge zu beruhigen.
 
Eine königliche Kabinettsorder wies den Kriminalsenat des Oberlandesgerichts Breslau an „mit allem Fleiß … die Aufwiegler zu entdecken und zur Bestrafung zu ziehen”.Zwischenzeitlich hatten die Behörden das Eingreifen des preußischen Militärs veranlasst und die Situation geriet außer Kontrolle. Es wurden elf Menschen (darunter eine Frau) erschossen, weitere 24 schwer verletzt. Dieses Vorgehen schürte eher noch die Wut und es kam zu Plünderungen. Die Einheit wich zunächst der mit Knüppeln und Steinen bewehrten Menge, nach dem Eintreffen der Verstärkung wurde der Aufstand am 6. Juni 1844 niedergeschlagen.
 
Bron: de.wikipedia.org

Die Weber 1927 [ imdb.com ]

Toscaanse Lente

gelezen in : Renaissance in mei van Hélène Nolthenius
Florentijns leven rond Francesco Landini (1956)

Renaissance in meiNa het lezen van Duecento van Hélène Nolthenius, kocht ik bij antiquariaat Dove è Dante? een ander boek van haar over Italiaanse geschiedenis. Renaissance in mei – Florentijns leven rond Francesco Landini behandelt niet de dertiende (duecento) maar de daarop volgende eeuw (trecento). De nieuwe geest die ontluikt in de eeuw van Petrarca en Boccaccio komt vooral in de stad Florence overal tot uitdrukking. Kunsthistorici noemen deze tijd de proto-Renaissance en Nolthenius gebruikt de uitdrukking Toscaanse Lente. In de geest van Huizinga´s Herfsttij der Middeleeuwen schrijft ze in het inleidende hoofdstuk Over de zon en de regen van een Florentijnse mei :

Dat niet enkel de stad maar ook de historie haar seizoenen kent, kan geen reiziger door het verleden ontgaan.

NoltheniusRenaissance in mei verscheen vijf jaar na Duecento en is in dezelfde rijke beeldende stijl geschreven. Ditmaal introduceert Hélène Nolthenius een gids die ons rondleidt door het Florence van de veertiende eeuw. In het eerste hoofdstuk Waarin een eeuw ontwaakt (1317-1333) lezen we hoe Iachopo, de vader van de blinde organist en componist Francesco Landini, uit Casentino wegtrekt en in Florence aankomt. Rond 1317 was dat een wereldstad. In negen hoofdstukken zien we Florence in het Trecento opbloeien naar de zomer van het Quattrocento. Waar Huizinga de Herfst van de Middeleeuwen ziet, ziet Nolthenius juist de Lente van de Nieuwe Tijd, die we later de Renaissance zijn gaan noemen.

Wij willen Firenze beschrijven in de meidagen van haar geschiedenis. De veertiende eeuw slaat ons tegen met alle heftigheid van een Toscaanse lente, vandaag in stromen en slagregens, morgen in een overrompeling van licht en kleuren die de ogen pijn doen, maar altijd levendig, luidruchtig, animaal. Golven van bestaansdrift overspoelen het dal, de mens weet er niet goed raad mee, maar ten slotte bezwijkt hij ervoor. Eeuwenlang stond onthechting boven aan zijn levensprogramma, eeuwenlang was het opwaartse, bovenzinnelijke, de enige richting waarin hij koerste. Nu ploft hij neer op de aarde en ervaart voor het eerst wat de zwaartekracht wil zeggen.
 
uit: Over de zon en de regen van een Florentijnse mei in Renaissance in mei

Renaissance in mei [ dbnl.org ] | Dove è Dante? [ dantesk.nl ]