Categorie archief: geschiedenis

Mex Max

het tragische lot van marionettenkeizer Maximiliaan I van Mexico

Maximiliaan ISoms grijpt het lot van een historische figuur mij plotseling aan. Afgelopen dagen heb ik dat met groothertog Ferdinand Maximiliaan Jozef (1832-1867) van Oostenrijk, een jongere broer van Franz Jozef I (1830-1816). Hij is de geschiedenis ingegaan als keizer Maximiliaan I van Mexico. Misschien is het wel zijn aandoenlijke portretfoto met zijn heraldieke baard waar twee tandjes doorschemeren. In mijn ogen een goedaardig knaagdier, deze sympathieke jongeman die overigens een toegewijd amateur-botanicus was. Hoe dan ook, in 1864 liet hij zich door Napoleon III verleiden om in Mexico als keizer de troon te bestijgen. De Franse keizer had een politiek succesje nodig en met een Franse interventie in het roerige Mexico wilde hij de Franse invloed in de Nieuwe Wereld herstellen. De Verenigde Staten lagen met elkaar overhoop en hadden even geen tijd om toe te zien op de Europese eerbiediging van de Monroe Doctrine. Op 10 april 1864 werd hij door de Mexicaanse conservatieven met militaire steun van Napoleon III uitgeroepen tot Emperador Maximiliano I de México.

Het leek even goed te gaan, maar al snel kwamen de problemen. Toen in 1865 de Amerikaanse Burgeroorlog was afgelopen, begonnen de Verenigde Staten de Mexicaanse republikeinen wapens te leveren. De Fransen zagen zich in 1866 gedwongen uit Mexico terug te trekken, omdat ze niet betrokken wilde raken in een oorlog met de Verenigde Staten. De arme Maximiliaan stond nu met zijn conservatieve achterban alleen tegenover de republikeinse meerderheid van Benito Juarez die zijn gezag nooit had willen erkennen. Het was duidelijk dat Maximiliaan kansloos was. Napoleon III die zich voor hem verantwoordelijk voelde, bood hem een veilige aftocht aan. Maar Maximiliaan weigerde omdat hij zijn conservatieve achterban niet in de steek wilde laten. Daarmee tekende hij zijn doodvonnis. Ondanks vele verzoekschriften van Europese vorsten en prominenten liet Juarez hem op 19 juni 1867 samen met zijn generaals Miguel Miramón en Tomás Mejí­a terechtstellen. De Franse schilder Eduard Manet maakte een schilderij van deze tragische gebeurtenis dat duidelijk geïnspireerd is door Goya’s El fusilamiento del 3 de mayo de 1808.

Maximiliaan I
Eduard Manet 1867
executie van keizer Maximiliaan I en zijn generaals Miguel Miramón en Tomás Mejía
Maximiliaan I
foto van het vuurpeleton die Manet gebruikte voor zijn schilderij

Een andere Franse schilder, Jean-Paul Laurens maakte een minder bekend schilderij, waarbij we de laatste keizer van Mexico zien terwijl hij zijn dodencel verlaat op weg naar de executieplaats.

Maximiliaan I
Jean-Paul Laurens 1882
keizer Maximiliaan I vlak voor zijn executie

De Franse interventie in Mexico (1861-1867) was overigens niet de laatste keer dat een Frans staatshoofd met een interventie zijn prestige wilde vergroten! Voor Napoleon III was zijn Mexicaanse avontuur het begin van zijn ondergang. Doordat de Franse krijgsmacht een deel van zijn kruit in Mexico verschoten had, was het nog niet goed gereorganiseerd toen Frankrijk op 14 juli 1870 aan Pruisen de oorlog verklaarde.

slideshow over het leven van keizer Maximiliaan I en keizerin Charlotte van Mexico met het gierend dramatische Serenata Immortale van Immediate Music

Maximiliaan I van Mexico [ nl.wikipedia.org ]

I am the walrus [ 1 ]

mustaches of the nineteenth century blogspot.com
en century of the beard blogspot.com

Honderdvijftig jaar geleden was de haardracht voor heren tegengesteld aan de huidige haarmode, vooral als we het over de gezichtsbedekking hebben. Tegenwoordig beperkt deze zich tot minimale en gestyleerde streepjes of het friemeltje aan de onderlip. Maar rond 1860 volgde de haarmode voor heren de Victoriaanse horror vacui. Analoog met de ornamentele opvulling in de private en publieke ruimte bedekten de heren hun gezicht met weelderige baarden, snorren en fantasierijke verbindingsstukken. Op ons komt dat soms belachelijk over, maar onze bet-overgrootvaders namen hun haardracht bijzonder serieus.

twee ‘Nietzsches’
bron: mustachesofthenineteenthcentury

SchnauzerZoekend naar portretfoto’s uit de zestiger jaren van de negentiende eeuw, kwam ik twee aardige blogs tegen: centuryofthebeard.blogspot.com en mustachesofthenineteenthcentury.blogspot.com. Er zijn veel mooie oude foto’s te vinden van trotse snor- en baarddragers, vaak met een leuk verhaal erbij. Onder het label The Nietzsche vond ik foto’s van minder beroemde maar niet minder indrukwekkende hangsnorren. De kracht van een snor is niet zomaar iets. Sinds ik de hangende treursnor heb gekoppeld aan de filosoof met de hamer, lijkt de Schnauzer mij diepzinniger dan andere honden.

Beards 19th Century [ cabinetcardgallery.wordpress.com ]

Glans en glorie

Tien eeuwen Russisch-orthodoxe kerk en kunst
a.s. zaterdag 19 maart opent de tentoonstelling Glans en Glorie
in het Hermitage aan de Amstel t/m 16 september 2011
Благословите их, кто любит красоту Вашего дома!

Heilig hen, die de schoonheid van Uw Huis liefhebben. Deze tekst spreekt vaak in mijn hart wanneer ik een prachtige orthodoxe kerk binnentreed. Zoals zes jaar geleden de kathedraal van Pskov met zijn iconostase van zeven verdiepingen hoog, 42 meter de hemel in. Gelovigen in orthodoxe landen houden van hun kerk op een wijze die voor ons nuchtere Hollanders vreemd is. Nadat ergens in Griekenland een parochiekerkje in vlammen was opgegaan, jammerde een vrouw: “Was dit maar met mijn huis gebeurd!” Tenslotte is onze natie verrezen op de kaalslag van de beeldenstorm in de zestiende eeuw. Wij zijn toch het land van Mondriaan, van ‘minder = meer’. Voor barok moet je bij onze Zuiderburen zijn. In ons land waren de kerkmuren honderden jaren zo blank en zo kaal als een oosterse meditatieruimte. Daar hoort ook een godsbeeld bij, dat geen beeld (meer) mag zijn, een ‘(mind)er = meer’ tussen hemel en aarde.

Mag men beelden vereren of niet? De uitspraak was : Geen latreia, wel dulia, geen aanbidding, maar wel verering.

Afgelopen Zondag vierden we in de Russische parochie van de heilige Tychon in Nijmegen de Zondag van de Orthodoxie. Op deze Zondag vieren we de Triomf van de Orthodoxie in het jaar 843. Onder invloed van de islamitische expansie in de zevende en achtste eeuw waren er in het Byzantijnse Rijk felle disputen ontstaan over het vereren van iconen. Zondigde men daarin niet tegen het Tweede Gebod? Gij zult u geen gesneden beeld maken noch enige gestalte van wat boven in de hemel, noch van wat beneden op de aarde. De tegenstanders van iconen werden iconoclasten genoemd, de voorstanders iconodulen. De beeldenstorm in de Lage Landen in het jaar 1566 was dus geen nieuw verschijnsel. In 730 ontbrandde tussen beide groepen een strijd met als inzet de icoon. Pas na vele decennia werd door keizerin Irene in het jaar 787 het Tweede Concilie van Nicea bijeengeroepen. De vraag was : Mag men beelden vereren of niet? De uitspraak was : Geen latreia, wel dulia, geen aanbidding, maar wel verering. Toch duurde in de Oosterse Kerk de beeldenstrijd voort tot het jaar 843. Na 113 jaar (!) strijd, wonnen tenslotte de iconenschilders die meestal monnik waren. Sindsdien is de icoon de belangrijkste visuele getuigenis van het Orthodoxe (of Oosterse) Christendom.

hermitage.nl
hermitage.nl

De tentoonstelling Glans en Glorie die overmorgen in het Hermitage aan de Amstel opent, zal een bijzondere tentoonstelling zijn waarop ik mij zeer verheug. In het hart van Amsterdam zijn we in de gelegenheid om aankomend voorjaar en deze zomer kennis te maken met tien eeuwen Russisch-orthodoxe kerkelijke kunst. Aan de tentoonstelling Spiegel van de Russische Ziel in het Nijmeegse Valkhofmuseum in 2004 met vele kostbare iconen uit de School van Pskov bewaar ik goede herinneringen. De inrichting was intiem gehouden in donkere ruimten waarin de iconen als edelstenen fonkelden. De inrichting van de tentoonstelling Glans en Glorie in het Hermitage lijkt dit te gaan volgen. Kerkelijke kunst vraagt ook om een andere opstelling dan profane kunst.

Iconen staan vaak met elkaar in een specifieke context. Een iconostase laat dit duidelijk zien. De Christusicoon en de icoon van de Moeder Gods hebben een vaste plaats aan weerszijden van de Koninklijke Deuren. De icoon van Johannes de Doper en de heilige aan wie de kerk is opgedragen, komen daarnaast. De aartsengelen Gabriël en Michaël komen daar weer naast. In de Orthodoxe Traditie zie je meestal ook een Deësis boven en een Annunciatie op de Koninklijke Deuren. En zo heeft elke icoon zijn vaste plek. Niet alleen in de kerk, maar ook in het museum.

In het museum zijn iconen plotseling „kunst„ en „cultureel erfgoed„ en staan er bordjes bij: „Please, don„t touch!„

Voor orthodoxe gelovigen zijn iconen gebruiksvoorwerpen die vereerd worden met buigingen, een lichte aanraking, een kus. In het museum zijn iconen plotseling ‘kunst’ en ‘cultureel erfgoed’ en staan er bordjes bij: ‘Please, don’t touch!’ Toen ik in 1997 in Thessaloniki de tentoonstelling Treasures of Mount Athos in het Museum of Byzantyne Culture bezocht, was dat een vreemde ervaring. Vooral omdat ik eerst drie weken lang kloosters op de Berg Athos had bezocht en daar dagelijks iconen had vereerd. In het museum waren ook enkele monialen. Zij konden op deze manier participeren aan de rijkdommen van de Berg Athos, een plek waar vrouwen niet mogen komen. Maar ook zij mochten de iconen niet aanraken en kussen. In een museum heb je contact met een icoon als met een gevangene, door een onzichtbare wand van elkaar gescheiden.

hermitage.nl | Hermitage Lecture Series [ aceot.nl ]