Categorie archief: geschiedenis

rear window

vier uitzichten van ‘driehoog achter’ van 1794 tot 1844
de ‘snapshots’ van David, Blechen, Daguerre en Menzel

Driehoog achter is het uitzicht uit een klein zolderraam soms het weinige contact dat een (arme) schilder met de buitenwereld heeft. Dat is natuurlijk helemaal zo als je gevangen gezet wordt. Dat overkwam Jean Jacques Louis David in 1794. Een jaar daarvoor had hij nog een tekening gemaakt van Marie-Antoinette op weg naar het schavot. En nu was het hem zelf bijna overkomen. Na de val van Robespierre was er een aanklacht tegen David ingediend en ontsnapte hij tenauwerdood aan de dood. Hij werd gevangen gezet en keek vanuit zijn cel op de Jardin du Luxembourg. Daar maakte hij toen een olieverfschilderijtje van het uitzicht dat tegenwoordig in het Louvre hangt .

Jean Jacques Louis David en Adolph Menzel
boven: Jean Jacques Louis David, uitzicht op de Jardin du Luxembourg (1794) en onder: Adolph Menzel, Hinterhaus und Hof (1844)
Ondanks de droge en niet gemanipuleerde compositie oogt het bovenste tafereel duidelijk als een schilderij, terwijl de onderste voorstelling veel meer van een foto heeft. Tussen beide schilderijen zit vijftig jaar, de periode waarin de fotografie ontstond.

De Duitse realist Adolph Menzel waarover ik al eerder schreef, schilderde vijftig jaar later ook een uitzicht. Hij zat niet gevangen en schilderde het tafereel vrijwillig. Uit overtuiging. Omdat hij realist was. Een schijnbaar onbeduidend uitzicht hoorde er voor hem gewoon bij. Dat was toen nog helemaal niet vanzelfsprekend. Geïnspireerd door de Constables die hij in 1839 in Berlijn had gezien, begon hij schetsmatig in olieverf de wereld om hem heen vast te leggen en Hinterhaus und Hof uit 1844 is daar een prachtig voorbeeld van.

Louis-Jacques-Mandé Daguerre, 1839
Boulevard du Temple Parijs 1839
door Louis-Jacques-Mandé Daguerre

Het nieuwe medium van de fotografie opende vanaf 1840 een nieuw venster op de werkelijkheid. In 1839 maakte Louis-Jacques-Mandé Daguerre de bovenstaande opname, een van de eerste ‘foto’s’ (lees: daguerreotypie) uit de geschiedenis. Dat er op straat geen mensen zijn te bekennen, komt omdat er in 1839 nog een lange sluitertijd nodig was. Alleen de schoenpoetser en zijn klant op de straathoek zijn vereeuwigd, de voorbijgangers zijn vervluchtigd. Dergelijke beelden hadden hun uitwerking op de schilderkunst die zich nu samen met het nieuwe medium tegenover een veel ruimere werkelijkheid bevond. Schijnbaar onbeduidende voorstellingen bleken ook tot het domein van de schilderkunst te horen nu er een soort ‘achterraam op de wereld’ was bijgekomen. De realisten en impressionisten begonnen in navolging van de fotografie de alledaagse werkelijkheid te omarmen. De schilderijen van David (1794), Menzel (1844) en Blechen (1833) zijn bijzonder, omdat zij geschilderd zijn voor 1845, toen realisme en impressionisme nog niet waren ‘uitgevonden’ en de fotografie nog niet of nauwelijks een rol speelde. Daarbij onderscheiden deze taferelen zich ook van het Hollandse realisme uit de 17e eeuw omdat iedere vorm van moralisme achterwege blijft. Het gaat om de naakte feiten, niets meer en niets minder.

Carl Blechen, Blick auf Dächer und Gärten (1833)
Dieses Gemälde zeigt den Ausblick aus einem rückwärtigen Fenster in Carl Blechens (1798-1840) Wohnung in der Berliner Kochstraße. Die Szene ist nicht zuletzt deshalb interessant, weil sie die ungleiche Natur der städtischen Entwicklung Berlins dokumentiert. Die Kochstraße lag nur wenige Häuserblöcke südlich von Schinkels berühmtem Schauspielhaus am Gendarmenmarkt. Ihre Nähe zu den Repräsentativbauten Berlins zeigt sich im linken Bildhintergrund, wo die Rückseiten der prachtvollen Bauten zu sehen sind, welche sich entlang der Friedrichstraße zogen. Der Stadtteil, in dem die Kochstraße lag, war jedoch wesentlich bescheidener und hauptsächlich von Handwerkern und anderen Facharbeitern bewohnt. Obwohl Blechen eine Professur für Landschaftsmalerei an der Berliner Akademie innehatte und die Unterstützung kultureller Größen wie Bettina von Arnim genoss, erzielten seine Gemälde keine besonders hohen Preise und verkauften sich schlechter als er es für angemessen hielt. In den 1880er Jahren wurde Blechen durch eine Retrospektive in der Berliner Nationalgalerie aus der Vergessenheit geholt.

Blechen
Carl Blechen
Blick auf Dächer und Gärten, 1833

Wie Adolf von Menzel, wurde auch Blechen später von Kritikern und Künstlern gelobt, deren modernistischer Kunstgeschmack sie nur einen begrenzten Teil des großen Schaffens dieses Malers schätzen ließ. Diese Ansicht von Dächern und Gärten wäre von ihnen beispielsweise für den groben Pinselstrich, das einfache, alltägliche Thema und den willkürlichen Bildausschnitt gelobt worden. Wie auch Menzels Balkonzimmer, das mehr als ein Jahrzehnt später entstand, scheint der Blick auf Dächer und Gärten aus dem reinen Festhalten des Künstlers seiner persönlichen Wahrnehmung der engsten Umgebung hervorgegangen zu sein. Die Vorstellung, dass ein Kunstwerk in erster Linie als Ausdruck der einzigartigen, subjektiven Idee des Künstlers geschätzt werden sollte – nicht als Darstellung einer Geschichte, einer Form des Lobes Gottes oder der Monarchie oder der Darstellung eines schönen Anblicks – ist natürlich auf die Romantik zurückzuführen.

Bron: germanhistorydocs.ghi-dc.org

zum 60. Geburtstag

vandaag viert Duitsland de zestigste verjaardag van de Bundesrepublik

Vlak voordat Michaela en ik een rondreis gaan maken door de Duitse Bundesländer Nordrhein-Westfalen, Niedersachsen, Mecklenburg Vorpommern, Brandenburg, Berlin en Sachsen Anhalt viert Duitsland vandaag de zestigste verjaardag van de Bundesrepublik. Dagblad Trouw staat daar dit weekend in een Duitsland special bij stil en stelt zich de vraag hoe onze verhouding met de Duitsers de afgelopen zestig jaar veranderd is.

60 Jahre BRD 1949-2009

60 Jahre BRD [ br-online.de ] | 60 Jahre Bundesrepublik [ zdf.de ]
60 Fragen zu 60 Jahren (quiz)

A.D. 1506

aan het lezen: 1506 door Henk Boom (Uitgeverij Balans, 2005)

1506Na de film over Luther gekeken te hebben en na muziek over Johanna de Waanzinnige geluisterd te hebben, heb ik ‘s avonds voor het slapen mijn tenten maar weer eens opgeslagen in de roerige tijd rond 1500. De journalist Henk Boom, buitenland correspondent in Spanje voor De Tijd en Het Financiële Dagblad, schreef in 2004 een boek over het jaar 1506. Hij doet dat op een originele manier, door zijn alterego en correspondent Hendrick Vandenzavel kriskras door Europa te laten reizen. Geert Mak avant la lettre dus. Hoe ligt Europa er bij in 1506? De journalist op het breukvlak tussen Middeleeuwen en nieuwe tijd heeft genoeg aan zijn pen te likken wanneer hij beroemdheden ontmoet als Machiavelli, Michelangelo, Dürer, Erasmus en Jeroen Bosch. Jammer wel dat Vandenzavel geen afspraak maakt met Lucas van Leyden, weliswaar nog een knaap, maar al wel een wonderkind. Honderd jaar voordat in Leiden de geniale molenaarszoon geboren wordt, is de jonge Lucas in zijn vaderstad al een plaatselijke beroemdheid. De twintig jaar oudere Albrecht Dürer zal hem later, tijdens zijn reis door de Lage Landen (1520-21), zelfs met een bezoek vereren.

De journalist Boom heeft bewust geen nieuw onderzoek gedaan; hij baseert zich volledig op de kennis die voorhanden is. Wel is duidelijk dat hij alle verhalen die rond 1506 spelen met plezier heeft geabsorbeerd, om ze in Vandenzavels kroniek terug te kunnen laten komen. Dat heeft geleid tot een leuke en vooral erg leesbare geschiedenisles, waarbij enige voorkennis wel gewenst is, maar met algemene kennis kom je al heel ver in 1506. Boom let er op zijn personages helder te introduceren, en legt mogelijke moeilijkheden uit in de noten. Dat doet hij echter zonder het geheel eenvoudig te maken; diepgaande filosofische beschouwingen kent 1506 misschien niet, maar een sterk inleidend karakter heeft het boek zeker.
 
Bron: 8weekly.nl

Juliana Stolberggebeurtenissen in 1506
18 april – de eerste steen voor de nieuwe Sint Pieter wordt gelegd
30 april – Philip van Bourgondiëen Engeland tekenen een handelsovereenkomst
19 mei – Columbus kiest zijn zoon Diego als enige erfgenaam
7 oktober – Paus Julius II en Frankrijk bezetten Bologna
geboren in 1506
11 februari – Juliana van Stolberg de moeder van Willem van Oranje
gestorven in 1506
20 mei – Christoffel Columbus
13 september – Andrea Mantegna
25 september – Philips I (de Schone)