Categorie archief: geschiedenis

voorbijganger in Saint Gilles

vrijdag met Michaela een Art Nouveau wandeling gemaakt doorheen Brussel

Saint Gilles was vroeger een zelfstandige gemeente maar vormt sinds 1976 een stadswijk ten Zuiden van Brussel-centrum. De bebouwing dateert uit de tweede helft van de negentiende eeuw en het begin van de twintigste eeuw, toen de bevolking spectaculair groeide. Van een kleine tienduizend inwoners in 1866 tot ruim zestigduizend in 1910. Honderd jaar later is het inwoneraantal met bijna vijftienduizend afgenomen en bestaat de bevolking voor 43% uit allochtonen. Het monumentale gemeentehuis uit 1900-1904 en de voormalige gevangenis in Engelse gotiek uit 1876 domineren het hart van Sint Gillis.

Art Nouveau in Saint Gilles
Michaela maakte meer dan 200 foto’s
van Art Nouveau in Saint Gilles

Maar de wijk is vooral bekend door de Art Nouveau. In het kader van de biennale 2007-2009 zijn er vijf wandelroutes uitgezet langs markante Art Nouveau woonhuizen en gebouwen. Een aantal daarvan zijn ook van binnen te bezichtigen. Wij kozen gisteren voor de route door Saint Gilles, niet alleen de langste maar ook populairste route. In Sint Gilles bevindt zich namelijk het mekka van de Brusselse Art Nouveau, het woonhuis en atelier van de architect Victor Horta uit 1899-1901. Maar Saint Gilles is ook populair omdat deze wijk nog redelijk goed bewaard is gebleven en niet teveel geleden heeft onder de stedenbouwkundige herstructurering van Brussel in de jaren zeventig.

Rosendor Collectie BrusselVooral door de verbinding van het Noord en Zuid station zijn toen vele Art Nouveau panden gesneuveld. Gelukkig waren er toen slopers die zich niet alleen om financiële redenen bekommerden om de Art Nouveau ornamenten. De voormalige sloper Max Rosendor heeft in de jaren zeventig veel hek-, glas-in-lood-, hang en sluit-, houtsnij- en beeldhouwwerk weten te redden en dat in een grote loods ondergebracht. Zijn erfgenamen hebben nu besloten de Rosendor Collectie te verkopen. Vrijdag was de eerste kijkdag en tot 13 april volgen er nog een paar. Ongetwijfeld zullen deze heel wat bekijks trekken, want veel particulieren wensen in hun woning of tuin origineel decoratiewerk. Zolang het het versierde bestaan aantrekkelijk blijft, blijft Art Nouveau dat ook.

Victor Horta moet daar beslist zo over gedacht hebben. De beroemde Brusselse bouwmeester was een estheet pur sang. Wanneer je zijn woning betreedt, kom je in een heiligdom van Jugendstil, een andere benaming van Art Nouveau. In alle cellen van het huis dringt het DNA van deze stijl door. Meer dan welke andere bouwstijl is Art Nouveau een organische stijl. Historisch geïnspireerd door gotiek en rococo maar veel meer nog door de a-historische natuur zelf, is het een plantaardige stijl die geen rechte hoeken kent. De versieringen woekeren als een bonenranken langs de muren die mee lijken te krommen. Een warmer contrast met het modernisme is nauwelijks denkbaar.

de route door Saint Gillles
De route Saint Gilles en Vorst leidt de wandelaar langs 48 panden met Art Nouveau gevels. in Saint Gilles
Brussel is de Europese stad met het rijkste en vooral meest afwisselende Art Nouveau erfgoed. Zowat 500 gebouwen en gevels liggen langs de pleinen en straten van de hoofdstad en illustreren, elk op hun eigen manier, de architectonische talenten van de meesters van de Art Nouveau. Het is tijdens wandelingen in de stad en in deze wijken dat deze gebouwen te ontdekken zijn, maar ook dat duidelijk wordt welke opvatting deze architecten van de eeuwwisseling ingang wouden doen vinden in de wereld van de stad. Laten we dus Brussel gaan verkennen, en als onze gids van de dag de Art Nouveau is, kan hij enkel maar een voorwendsel zijn voor zeer aangename stadswandelingen vol verrassingen.
 
Bron: bruxellesartnouveau.be

Victor Horta (1861-1847) heeft het allemaal meegemaakt: het amalgaam van neo-stijlen in de tweede helft van de negentiende eeuw en het ontstaan van de Nieuwe Kunst waarin hij zo’n belangrijk aandeel had. Maar ook de revolutie van het modernisme na de Eerste Wereldoorlog. Hij was een tijdgenoot van Adolf Loos (“Ornament ist Verbrechen”) die de oorlog verklaarde aan het versierde bestaan. Op latere leeftijd zou hij nog met eigen ogen zien wat bewegingen als De Stijl en het Bauhaus voor het moderne stadsbeeld betekenden. In de twintigste eeuw zou de architectuur tot op het bot worden uitgekleed.

Maar Saint Gilles is in bouwkundig opzicht de laatste honderd jaar niet noemenswaardig meer veranderd. Samen met de wijk Josevof in Praag is het een zeer geschikte omgeving voor de wandelaar die wil genieten van Jugendstil. Wanneer je de auto’s en verkeersborden even wegdenkt, lijkt het net een openluchtmuseum.

Rodenbachstraat
Art Nouveau lijkt elitair en alleen bestemd voor villa’s. Toch werd de stijl ook in de sociale woningbouw toegepast. In de Rue Rodenbach zagen we deze in verval geraakte Jugendstil arbeiderswoningen met meerdere woonlagen.

Op de vooravond van de twintigste eeuw bruist Brussel als nooit tevoren. De stad wordt mooier onder impuls van koning Leopold II, nieuwe wijken worden verkaveld in vroegere randgemeentes zoals Elsene, Schaarbeek of Sint-Gillis, waarvan de grenzen in deze van Brussel zelf lijken over te gaan. Als vanzelf trekken de gegoede burgers, de handelaars en de kunstenaars hun huizen op in de modestijl van dat ogenblik : de Art Nouveau. De stijl ontstond in 1893, op aanzet van twee architecten, Victor Horta en Paul Hankar : het Tassel Huis en de privé-woning van Hankar zijn de eerste tekenen van een nieuwe esthetische invulling. De toepassing van metalen structuren biedt ongeziene en gedurfde mogelijkheden, omdat ze de gevels en het interieur opentrekken zodat het licht volop binnen kan stromen. Drie soorten motieven voeren de boventoon : de arabesk, de plant of het dier en het vrouwensilhouet. Rond de eeuwwisseling worden de vormen, onder invloed van de Weense Sezessionstil, geometrischer en zijn combinaties van cirkels en vierkanten schering en inslag. Honderden huizen, maar ook scholen, cafés en winkels wedijveren met elkaar in originaliteit. Ambachtelijk ijzersmeedwerk, houtbewerking, glasramen en mozaïek scheren hoge toppen van kwaliteit. De constructies van Strauven, Vizzavona, Hamesse, Sneyers, Cauchie en vele anderen maken van Brussel een Europese hoofdstad van de Art Nouveau, naast Wenen en Barcelona.
Bron: bruxellesartnouveau.be

bruxelles-art-nouveau.be | bruxellesartnouveau.be | artnouveau-net.eu
geschiedenis van Saint Gilles [www.stgillis.irisnet.be] | rosendor .be

life is pretty in Gazprom City

gisterenavond gezien bij de VPRO: Van Moskou tot Magadan
en In Europa: Rusland, 1991

Een klein avondje Rusland bij de VPRO. Eerst de laatste aflevering van Jelle Brandt CorstiusVan Moskou tot Magadan en daarna de op één na laatste aflevering van Geert Mak‘s In Europa over de val van de Sovjet Unie in 1991 en hoe het achttien jaar later met Rusland gesteld is. Dat leverde mooie televisie op. Jelle Brandt Corstius ontmoette verschillende Russen op weg van Vladikazkav naar Moskou en vroeg hen naar het wezen van de Russische ziel. In Europa ging op zoek in Sint Petersburg en ontmoette daar Misja Borzykin een popmuzikant die in de jaren tachtig al felle kritiek leverde op het systeem en daar onverminderd mee doorgaat, maar zijn toon is nu ironisch geworden: ‘life is pretty in Gazprom City‘.

De hieromonnik Otetsj Aleksej doet in In Europa (op 6 januari, Theofanie ) een traditionele kruisduik in een wak, terwijl de soundeditor van In Europa daarbij het “I am the Gazprom Fighter” van Misja Borzykin laat horen. Een treffend beeld van het huidige Rusland: tussen traditie en vertwijfeling.

De herhaling van In Europa is te zien aanstaande zaterdagmiddag 21 maart om 13.40 en de herhaling van Van Moskou tot Magadan op 4 april om 15.00. Maar daarna zijn beide uitzendingen hier en hier permanent te zien.

Blueberry [ 4 ]

herlezen: de avonturen van Luitenant Blueberry
Het IJzeren Paard tot en met Generaal Geelkop 1970-1971

Gov. StanfordNa de man met de zilveren ster beginnen Charlier en Giraud in 1970 weer met een cyclus van ditmaal vier albums Het IJzeren Paard - de man met de Stalen Vuist – Vlakte der Sioux – Generaal Geelkop. Het verhaal speelt zich deze keer niet af in Arizona en New Mexico maar voornamelijk in de noorderlijker gelegen staten Wyoming, Nebraska en Colorado, het grondgebied van de Sioux en Cheyennes. Charlier gebruikt de historische gebeurtenissen opnieuw als decor. Zo gaat het IJzeren Paard over de episode in de Amerikaanse geschiedenis vlak na de Bugeroorlog toen de Union Pacific (Railroad) en de Central Pacific (Railroad) de oost- en de westkust met elkaar gingen verbinden. Hierboven een foto van de Gov. Stanford (het IJzeren Paard) die door de Central Pacific (Railroad) werd gebruikt .

start Union Pacific Railroad
De directie van the Union Pacific Railroad kwam in oktober 1866 bijeen op de 100e meridiaan, waar nu Cozad (Nebraska) ligt, ongeveer 400 km ten westen van Omaha, (Nebraska Territory)

Gov. Stanford is a 4-4-0 steam locomotive originally built in 1862 by Norris Locomotive Works. It entered service on November 9, 1863 and it was used in the construction of the First Transcontinental Railroad in North America by Central Pacific Railroad bearing road number 1. It was Central Pacific‘s first locomotive and it is named in honor of the road’s first president and ex-California governor, Leland Stanford. Bron: en.wikipedia.org

Het IJzeren Paard
de beginscene uit Het IJzeren Paard doet mij enigszins denken aan de slotscene van Sergio Leone’s Once Upon a Time in the West
kaart Wyoming
de tweede cyclus van Blueberry speelt zich af in en rond fort Laramie in Wyoming , Nebraska en Colorado

Ook voert Charlier weer historische figuren ten tonele. Zo herkennen we in generaal McAllister (Generaal Geelkop) overduidelijk George Armstrong Custer.

George Armstrong CusterGeorge Armstrong Custer
Remaining in the army after the war, in 1866 he was appointed Lt. Col. of the newly authorized 7th Cavalry, remaining its active commander until his death. He took part in the 1867 Sioux and Cheyenne expedition, but was court-martialed and suspended from duty one year for paying an unauthorized visit to his wife. His army career ended June 25, 1876, at the battle of Little Big Horn, which resulted in the extermination of his immediate command and a total loss of some 266 officers and men. On June 28th, the bodies were given a hasty burial on the field. The following year, what may have been Custer’s remains were disinterred and given a military funeral at West Point.

Bron: civilwarhome.com

albums 7,8,9,10
De tweede cyclus Blueberry verhalen:
Het IJzeren Paard – De man met de ijzeren Vuist – Vlakte der Sioux – Generaal Geelkop

voorgaande posts | Blueberry [ official website ] | Blueberry [ moorsmagazine.nl ]