over de verfilming van De Da Vinci Code
De Boer en Graas zeggen haast in koor dat Jezus zelfs in de alleroudste geschriften al goddelijkheid werd toegeschreven, en dat er eigenlijk alleen onenigheid bestond over de wijze waarop zijn goddelijke en menselijke natuur zich tot elkaar verhielden. Dáárover werden tijdens „Nicea„ knopen door gehakt.
„Maar ja, tamelijk ridicuul hoe dat er in die film uitziet, met schreeuwende bisschoppen die elkaar aanvliegen“, zegt Graas.
„Dat vond ik juist wel realistisch“, zegt De Boer. „Uit de conciliegeschriften blijkt dat het er bepaald niet zachtzinnig aan toeging hoor.“
Bron: trouw.nl/deverdieping
Zij tonen ons de geloofsbelijdenis
Ik geloof in één God, de almachtige Vader,
Schepper van hemel en aarde,
van alle zichtbare en onzichtbare dingen.
In één Heer Jezus Christus, de eengeboren Zoon van God,
Die uit de Vader geboren is voor alle eeuwen.
Licht uit Licht, waarachtige God uit een waarachtige God.
Geboren, niet geschapen,
één in wezen met de Vader, door Wie alles gemaakt is.
Die om ons mensen en om onze verlossing uit de hemel is nedergedaald
en vlees heeft aangenomen door de Heilige Geest en de maagd Maria
en mens geworden is.
Die voor ons onder Pontius Pilatus geleden, gekruisigd en begraven is,
Die de derde dag verrezen is volgens de Schriften,
Die opgevaren is ten Hemel, gezeten aan de rechterhand van de Vader
en zal wederkomen om te oordelen de levenden en de doden,
aan Wiens Rijk geen einde zal zijn.
en in de Heilige Geest, de Heer, de Levendmakende,
Die uitgaat van de Vader,
Die aanbeden en verheerlijkt wordt tezamen met de Vader en de Zoon,
Die door de profeten gesproken heeft in één heilige, katholieke en apostolische Kerk.
Ik belijd een doop tot vergeving der zonden,
Ik verwacht de opstanding van de doden
en het leven der toekomstige eeuwigheid.
Amen.
geloofsbelijdenis van Nicea
an orthodox answer to the Da Vinci Code
In het boek Metabletica van God van J.H.van den Berg, staat een passage over de bouw van de nieuwe Sint Pieter in Rome (1506-1626) Om deze kolos te kunnen bouwen, moest eerst de Constantijnse basiliek worden gesloopt. Deze was gebouwd op de plaats waar de beenderen van Petrus lagen en stond er al vanaf 324, op dat moment dus al bijna 1200 jaar. Paus Julius II stelde Donato Bramante aan als bouwmeester en deze begon eerst als een waanzinnige te slopen. Wat onmiddellijk opvalt bij het ontwerp van Bramante, is dat hij centraalbouw voor ogen had. De nieuwe Sint Pieter zou het grondplan krijgen van een Grieks kruis (een kruis met gelijke armen). In tegenstelling met de oude basilicavorm zou er dus geen langwerpig schip meer zijn.


Het complete verhaal over het meest kostbare bouwwerk aller tijden. James-Charles Noonan vertelt in De Basiliek over de zeventien eeuwen omspannende geschiedenis van de unieke cultuurschat die het hart vormt van de machtigste kerk ter wereld.













