Categorie archief: filosofie

de volgende twee eeuwen

Bijzondere filmopname van Friedrich Nietzsche omstreeks 1899

Spookachtige beelden uit de kraamtijd van de film. Een unieke opname van de zieltogende profeet van het nihilisme. Inmiddels twee eeuwen later zien we hem daar nog steeds liggen, weggezonken in een geestelijke schemering en met uitgedoofde blik. Terwijl we in de kudde op youtube.com langs de afgronden van het bestaan grazen, vrolijk onszelf aan het broadcasten zijn en allang niet meer beseffen wat hij beseft heeft.

“Waar ik het relaas van doe is de geschiedenis van de volgende twee eeuwen. Ik beschrijf wat zal komen, wat niet meer te vermijden valt: de opkomst van het nihilisme.”
Men kan het nu al beschrijven, want noodwendigheid is aan het woord hier. De toekomst spreekt al in honderden tekenen in het heden, en overal wordt dit noodlot aangekondigd. Voor de muziek van de toekomst zijn de oren nu al gespitst. Sinds enige tijd is Europa als op weg naar een katastrofe, de spanning stijgt met het verstrijken van elk decennium; als een rivier dat de monding wil bereiken gaat de stroom voort: rusteloos, gewelddadig en hals over kop. Gelijk een stroom die naar het einde raast, die zich niet meer bezint, maar bang is om zich te bezinnen.
“Hij die hier spreekt heeft niets anders gedaan dan nadenken. Hij heeft het instinct van een eenzame filosoof, hij is iemand die met opzet liever aan de zijlijn staat,
er buiten staat, geduldig, voorovergebogen, achterblijvend.”
Als geest vol durf en aangetrokken tot experimenteren, heeft hij al kennis gemaakt met ieder labyrint van de toekomst: als een voorspellende vogelgeest die terugkijkt om te gaan vertellen over wat zal komen. Hij is de eerste volkomen nihilist in Europa, die het gehele nihilisme is doorgewandeld en tenslotte heeft achtergelaten, buiten zichzelf.”
 
Bron: Wil tot Macht

Profetische woorden over de 20ste eeuw. Had zijn blik nog iets verder gereikt tot in onze tijd, dan had hij niet alleen gesproken van een stroom die naar het einde raast, maar ook van een web dat ons allemaal inspint in onze individuele behoeften. Wordt het geen tijd om de computer even uit te zetten en even aan de zijlijn te gaan staan?

youtube.com

geen systeembeheerder

Was für eine Philosophie man wähle, hängt davon ab,
was für ein Mensch man ist. ( Johann Gottlieb Fichte )
Het vergaat de meeste systeemfilosofen met hun systeem als de man die een groot kasteel gebouwd heeft en er zelf in het koetshuis naast gaat wonen

( Søren Aabye Kierkegaard )

Hegel Kierkegaard
De systeemfilosoof G. W. F. Hegel en de levensfilosoof Søren Aabye Kierkegaard
Søren Aabye Kierkegaard war der Sohn eines dänischen Kaufmanns. Unter dem Einfluss seines frommen Vaters wurde er in der Kindheit stark von der lutherischen Theologie beeinflusst. Nach einem Studium der Theologie und Philosophie betätigte er sich als Magister und Prediger in Kopenhagen. Weil er seinen hohen Ansprüchen nicht zu genügen glaubte, löste er seine Verlobung mit Regine Olsen auf und zog sich aus dem beruflichen Leben zurück.
 
Von 1841-42 lebte Kierkegaard in Berlin, wo er den Vorlesungen Schellings beiwohnte, die ihn mit den Gedanken Hegels vertraut machten. Bald zog er jedoch nach Kopenhagen zurück, wo er nun als Schriftsteller wirkte und sich in polemischen Schriften mit der dänischen Staatskirche anlegte, der er eine Verkehrung des biblischen Christentums vorwarf.
 
In Auseinandersetzung mit der Dialektik Hegels wandte Kierkegaard sich durch einen radikalen Individualismus gegen spekulative Systeme. Das philosophische Werk trägt stark autobiographische Züge; wie sein Vater litt auch Kierkegaard zeitlebends an Schuldgefühlen, die ihn immer wieder in schwere Depressionen stürzten. Seine Werke reichen von fiktiven Romanen bis zu theologischen Streitschriften und sind meist in der Dialogform gehalten. Zudem gab er sie unter wechselnden Pseudonymen heraus, die häufig lediglich einem Buchstaben entsprachen, wie “A” oder “B”. Zentral in Kierkegaards Werk sind die Begriffe Existenz und Angst, sowie Freiheit und Wahl/Entscheidung.
 
Bron: raffiniert.ch/skierkegaard.html

Aforismen van Kierkegaard

het www onder de hersenpan

Augustinus over de onpeilbare diepten van de geest
Wat ben ik dan, mijn God? Wat ben ik voor een wezen? Leven ben ik, veelsoortig, veelvormig leven, leven van een geweldige onmetelijkheid!
Groot is dat vermogen dat mijn geheugen is: het is op de een of andere manier iets huiveringwekkendst, mijn God, die diepe, onbegrensde veelvoudigheid! En dat geheugen is mijn geest, dat ben ik zelf! Wat ben ik dan, mijn God? Wat ben ik voor een wezen? Leven ben ik, veelsoortig, veelvormig leven, leven van een geweldige onmetelijkheid! En zie, in de velden en grotten en de holen van mijn geheugen, ontelbare vele en in ontelbare veelheid gevuld met ontelbaar veel dingen, die zich daar bevinden door hun beelden, zoals alles wat stoffelijk is, of door hun eigen aanwezigheid, zoals wetenschap en kunst, of door ik weet niet wat voor begrippen of merktekens, zoals de aandoeningen van de geest, die de geest, ook terwijl hij ze niet meer ondergaat, door het geheugen vasthoudt, aangezien alles wat zich in het geheugen bevindt zich in de geest bevindt-daar, te midden van al die dingen loop ik heen en weer, vlieg ik her en der; ik dring er ook tussen, zover ik kan, en nergens is er einde of een grens: zo groot en zo machtig is het geheugen, zo groot en zo machtig is het leven in de mens, die aan de dood onderhevig leeft.
 
(Bron: Belijdenissen van Augustinus, Tiende Boek)
het geheugen
En zie, in de velden en grotten en de holen van mijn geheugen, ontelbare vele en in ontelbare veelheid gevuld met ontelbaar veel dingen, die zich daar bevinden door hun beelden