over Vrees en Beven van Soren Kierkegaard
Genesis 22:2

Het religieuze stadium staat op gespannen voet met het ethische stadium, zo laat Kierkegaard zien aan de hand van het verhaal van Abrahams offer. Wanneer Abraham van God de opdracht krijgt zijn enige zoon Izaak te offeren, kan hij hier met niemand over spreken. Men zou hem voor moordenaar uitmaken. In het ethische stadium staat het spreken juist centraal: men moet afspraken maken en verantwoording afleggen. Tegelijkertijd werpt men met het spreken de verantwoordelijkheid juist van zich af door in het publieke domein te treden. De zwijgende Abraham is dus zowel onethisch als ethisch. Dat is volgens Johann de Silentio (het pseudoniem waaronder Kierkegaard Vrees en beven publiceerde) de paradox tussen ethiek en religie.
Een maand na de moord op Theo van Gogh, plaatst de rechtsfilosoof en atheïst Paul Cliteur in Filosofie Magazine van december 2004 Vrees en beven bovenaan in zijn top 5 van gevaarlijke boeken. Zoals we van een redelijk mens mogen verwachten, zegt hij het volgende hierover:
Verder lezen: Wim G. Rietkerk, Ik wou dat ik kon geloven over psychische factoren die een belemmering kunnen vormen voor het vertrouwen op God. Kok Voorhoeve, 1994















