Categorie archief: 20e eeuw

Crime has never looked so good

gelezen in Film Noir en Bogart van Taschen

film noirDe aantrekkingskracht van film noir wordt voor mij helemaal bepaald door de vorm. Ik hou van de belichting, de contrasten, de sfeer en het tijdsbeeld van de jaren veertig. Hoe betoverend de buitenkant is, zo rot is de binnenkant. Het universum van film noir wordt bevolkt door gangsters, fatale vrouwen en dolende zielen die met hun cynische mensbeeld hun noodlot tegemoet gaan. Is de esthetiek van de film noir voor mij als de zang van de sirene? Ik ben daar nog niet uit. Voorlopig zal ik nog heel wat bladeren door de fotoboeken Film Noir en Bogart.

Auteur James Ursini schreef samen met duizendpoot Alain Silver een boek over de klassieke Amerikaanse film noir (1941-1958). Het bevat hoofdzakelijk zwart-wit foto’s en alle teksten zijn wit op zwart. Een zwart boek dus. “One of the best introduces to the subject. Crime has never looked so good”, schreef The London Times.

The Maltese Falcon
artikel over The Maltese Falcon, de eerste echte Amerikaanse film noir in het boek Film Noir

BogartEen tweede uitgave van Taschen waarin een (korte) tekst van James Ursini is opgenomen, is een handzaam fotoboekje over Humphrey Bogart in de serie movie icons. Ook hier weer veel fraaie foto’s in zwart-wit en enkele in kleur. De inleiding begint met een reflectie op de icoon: “For centuries religious icons symbolized ideal virtues, such as purity, holiness, and devotion. In the modern age, a secular world has replaced the idols of old with celebrities and called them “icons”. Humphrey Bogart is such an icon.”


Into the shadows [ taschen.com ]

glamourfotograaf

de glamourfotografie van George Hurrell (1904-1992)

George Hurrell kwam aan het einde van de jaren twintig naar Hollywood. Hij werd daar als fotograaf geïntroduceerd door Pancho Barnes en zijn eerste opdracht was een fotosessie van acteur Ramon Novarro. Deze was enthousiast over zijn foto’s en liet ze zien aan Norma Shearer. Vervolgens vroeg zij Hurrell voor promotiefoto’s bij de film The Divorcee (1930), waarop ze haar nieuwe imago als vrijgevochten vrouw aan het grote publiek wilde presenteren. Haar man, de filmproducent Irving Thalberg, was zo onder de indruk dat hij George Hurrell een contract aanbood en hem tot hoofd portretfotografie maakte van de MGM Studio’s.

George Hurrell
georgehurrell.com

In 1932 verliet hij de afdeling portretfotografie van MGM alweer en begon hij een eigen studio aan 8706 Sunset Boulevard. Tot 1938 fotografeerde George Hurrell vrijwel iedere filmster die bij MGM onder contract stond: Dorothy Jordan, Myrna Loy, Robert Montgomery, Jean Harlow, Joan Crawford, Clark Gable, Rosalind Russell, Marion Davies, Jeanette MacDonald, Anna May Wong, Carole Lombard én Norma Shearer.

Aan het begin van de jaren veertig verhuisde hij naar Warner Brothers en fotografeerde daar o.a. Bette Davis, Ann Sheridan, Errol Flynn, Olivia de Havilland, Ida Lupino, Alexis Smith, Humphrey Bogart en James Cagney. Nog later verhuisde hij weer naar Columbia Pictures waar zijn foto’s gebruikt werden om de carrière van Rita Hayworth op te starten.

Biografie van George Hurrell [ georgehurrell.com ]

het naakte bestaan [ 1 ]

Het existentialisme van Brassaï, Sartre en film noir

Wat hebben Brassaï, La Nausée van Sartre en film noir met elkaar gemeen? Ze horen niet alleen thuis in de jaren dertig, maar behoren ook tot de wegbereiders van het naoorlogse existentialisme waarvan Parijs de hoofdstad was. Wanneer ik in La Nausée (Walging) de avondlijke wandelingen van Antoine Roquentin lees, dan zie ik weer de beelden uit Le Quai des brumes. La Nausée en Le Quai des brumes verschenen beide in 1938.

Over de Boulevard de la Redoute was de mist zo dik, dat ik verstandig meende te doen door rakelings langs de muren van de kazerne te lopen; rechts van mij joegen de auto’s een even vochtig licht voor zich uit; het was onmogelijk te weten waar het trottoir eindigde.(…) Na een halfuur bemerkte ik eindelijk een blauwachtige damp. Ik liet mij door deze leiden en kwam weldra aan de rand van een grote glans; in het midden, met zijn lichten de nevel doorborend, herkende ik café Mably.
 
uit: Walging, Zwarte Beertjes 434, (1962)
Brassaï
Brassaï, les pavés (1931-1932)
[Estate Brassaï RMN Grand Palais]
Rechts van mij joegen de auto’s een even vochtig licht voor zich uit; het was onmogelijk te weten waar het trottoir eindigde.

uit: La Naussée (Jean-Paul Sartre)

Brassaï
Brassaï (1931-1932)
[Estate Brassaï RMN Grand Palais]

Het verhaal van Sartre speelt zich af in 1932 in het denkbeeldige Bouvines (een havenstad die vaak met Le Havre geassocieerd wordt). Telkens worden de gedachten van meneer Roquentin doorkruist door de harde werkelijkheid van de stad die verzacht wordt met Sartre‘s sfeertekeningen: dampige kaden, verlaten straten en natte trottoirs in het lantaarnlicht. Het is de rauwe romantiek van het straatleven, die je als in een roes kunt ondergaan.

Maandag
(…) Ik besta. Dat is zacht, zo langzaam. En licht: men zou zeggen, dat het in de lucht hangt. Het zijn vooral kleine aanrakingen die smelten en verkwijnen. Heel zacht, heel zacht. (…) Ik die luister, besta. Alles is vol, overal het bestaan, ondoordringbaar, zwaar en week. Maar aan de andere kant van die waarheid, onbereikbaar, dichtbij en helaas zo ver weg, is die jonge onbarmhartige en heldere noodzakelijkheid.
 
Dinsdag
Niets. Ik heb bestaan.
 
uit: Walging, Zwarte Beertjes 434, (1962)
Le Quai des brumes
Net als La Nausée (1938) speelt Le Quai des brumes (1938) zich af in een Franse havenstad. Het rauwe realisme van Marcel Carné ligt vaak dicht tegen de fotografie van Brassaï aan.

Brassaï [ theredlist.com ]