Categorie archief: film

twee Jezusfilms

vrijdag gezien op BBC 2: King of Kings (1961) van Nicholas Ray
en op DVD: Il Vangelo secondo Matteo (1964) van Pier Paolo Pasolini

king of kings DVDDe vier evangeliën in de Bijbel worden synoptische evangeliën genoemd. Ze lopen min of meer parallel en overlappen elkaar gedeeltelijk. Samen vertellen ze het verhaal van Jezus’ leven op aarde. Geldt dat ook voor de ontelbare beelden en afbeeldingen van Jezus? Kunnen we die ook synoptisch noemen? Geven alle iconen, beelden en schilderijen die er van Hem gemaakt zijn, samen een beeld van Jezus zoals Hij is?

Mógen we eigenlijk wel een beeld van Hem maken?

In de achtste en negende eeuw woedde er in het Byzantijnse Rijk een heftige strijd over deze kwestie. De iconoclasten meenden, in navolging van het tweede gebod dat er geen afbeelding van Jezus gemaakt mocht worden. Tegenover de iconoclasten stonden de iconodulen die ervan overtuigd waren dat Jezus wel afgebeeld mag worden en dat de icoon van Christus zelfs een grote en heilige getuigenis van het geloof is. God is immers mens geworden en daarmee heeft God Zélf als het ware het joodse gebod overtreden, dat God volledig transcendent hoort te blijven. Door de menswording van God in Christus, is de afbeelding van Christus én God dus mogelijk geworden.

Tegenover de iconoclasten stonden de iconodulen die ervan overtuigd waren dat Jezus wel afgebeeld mag worden en dat de icoon van Christus zelfs een grote en heilige getuigenis van het geloof is.

De Orthodoxe Kerk volgt nog altijd deze opvatting. In 843 eindigde de iconenstrijd in een overwinning van de icoon. Deze belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van de Kerk wordt ieder jaar op de Eerste Zondag van de Grote Vasten gevierd. De Orthodoxe Kerk omarmt de icoon maar wijst vrijstaande beelden af. Op het platte vlak van de icoon wordt de ruimtelijke illusie vermeden. De icoon moet doelbewust een doorgang blijven naar een geestelijke wereld en mag niet teveel versmelten met de wereld van de zintuigen.

bergrede
Jezus als “rugfiguur” in de bergrede
in King of Kings (1961)

Binnen de Traditie van de Kerk is men zich ervan bewust hoe verwarrend beelden kunnen zijn die ons te dicht naderen. Afgodsbeelden uit de oude culturen zijn voor ons stenen objecten. Maar voor die culturen waren het in de eerste plaats de woonplaatsen van die afgoden. De beelden waren bezield met een macht. Sommigen afgoden vroegen om mensenoffers en ontvingen deze ook.

Theater en film zijn kunstvormen die zich bij uitstek vermengen met de zintuiglijke wereld. We weten dat ze niet echt zijn, al kruipen ze onder de huid. Film is de kunstvorm die misschien wel het dichtst onze dromen benaderd. We kijken naar spookbeelden op een scherm, zoals we in een droom naar spookbeelden in ons hoofd kijken.

De icoon moet doelbewust een doorgang blijven naar een geestelijke wereld en mag niet teveel versmelten met de wereld van de zintuigen.

In elke film over Jezus zien we een Jezus die Jezus niet is. Anders dan bij de Christusicoon is er geen venster op een andere wereld waarin we Christus kunnen ontmoeten zoals Hij is. In een film over Jezus ontmoeten we hoogstens een historische figuur die in een historisch verantwoord Heilig Land rondwandelt.

il vangelo secondo Matteo
Margherita Caruso als de jonge Maria
in Il Vangelo secondo Matteo (1964)

Ik keek weer eens naar twee bekende Jezusfilms van ongeveer een halve eeuw oud. De eerste werd vrijdagmiddag door BBC 2 uitgezonden: King of Kings (1961) van Nicholas Ray. De tweede heb ik op DVD: Il Vangelo secondo Matteo (1964) van Pier Paolo Pasolini. Het zijn twee uitersten. De eerste in breed en kleurrijk Technirama met kamerbrede score van Miklós Rósza, de tweede in sobere grijstinten. King of Kings is een bombastisch Hollywoodproduct met “polygoonstem” van Orson Welles. Il Vangelo secondo Matteo is een droge registratie van het Mattheusevangelie met ingetogen beelden. King of Kings benadert een enorm olieverfschilderij. Il Vangelo secondo Matteo komt in de buurt van een icoon.

imdb.com | en.wikipedia.org | Il Vangelo secondo Matteo [ imdb.com ]

into the shadows

100 all-time favorite film noirs and neo-noirs
van Paul Duncan en Jürgen Müller verschijnt in mei 2014 bij Taschen
film-noir-taschenEnter a world populated by private eyes, gangsters, psychopaths, and femmes fatales, where deception, lust, and betrayal run rampant. The first film-by-film photography book on film noir and neo-noir, this essential collection begins with the early genre influencers of German and French silent film, journeys through such seminal works such as Double Indemnity, The Postman Always Rings Twice, and Vertigo, and arrives at the present day via Chinatown, Pulp Fiction, Heat, and the recent cult favorite Drive.
 
Entries include posters, tons of rare stills, cast/crew details, quotes from the films and from critics, and analyses of the films. Film director, film noir scholar, and Taxi Driver screenwriter Paul Schrader provides the introduction to this feast of noir worship. Populated by the genre’s most revered directors, like Hitchcock, Wilder, Welles, Polanski, Mann, and Scorsese, the book also pays homage to its iconic faces, including Mitchum, Bogart, Hayworth, Bergman, Grant, Bacall, Crawford, Nicholson, Pacino, and so many more.
 
Bron: taschen.com

kauwgomballen

maandag op BBC2 : Bye Bye Birdie (1963)

Bye Bye BirdieVóór de Beatlesmania had je in Amerika de gekte rond Elvis Presley. Sindsdien zijn rages onder teenagers een vast bestanddeel van onze massacultuur geworden. Deze rages baseren zich op hormonen en het verlangen om ergens bij te horen. Hun uitwerking vinden ze in groepshysterie. Dat jonge meisjes de meest dankbare slachtoffers zijn, weet iedere marketeer. Jeugdidolen zijn bijna altijd het product van marketingstrategie. Ze verleiden niet alleen jongeren maar ook fabrikanten die hun merknaam graag verbinden met deze idolen.

In 1978 was John Travolta dé ster. Ik was 15 en had de ideale leeftijd om een tieneridool na te volgen. Maar wij jongens hadden het niet bepaald op John Travolta die “onze meisjes” afpikte. Deze jaloezie bracht sommige jongens ertoe een vette kuif te nemen en een zwart leren jack te dragen in de hoop te delen in zijn succes bij de chicks.

bybye birdie still
Ann-Margret als Kim in Bye Bye Birdie

De musicalfilm Bye Bye Birdie uit 1963 heeft de makers van Grease (1978) duidelijk geïnspireerd. Vrouwelijke hysterie en mannelijke coolness worden in deze film over the top getild. Het idool is Conrad Birdie, een stoere rock ‘n roller, in de markt gezet om jonge meisjes in extase te brengen, zodat ze kritiekloos alles willen hebben wat men hun “vogeltje” te maken heeft.

Het aardige van musicalfilms vind ik altijd de kleurrijke beelden. Bye Bye Birdie begint met een smekende Ann Margret op een lopende band voor een hardblauwe achtergrond die gebruikt wordt voor zogenaamde chroma keying. Dat is een techniek waarbij je in één handeling de volledige achtergrond veranderen kan, terwijl de bewegende figuur op de voorgrond daarin naadloos geïntegreerd is.

Bye Bye Birdie
Ann-Margret in titelsong Bye Bye Birdie

Begin jaren zestig is dit harde blauw vooral bekend door de Franse kunstenaar Yves Klein. De zachte pasteltinten uit de jaren vijftig verdwijnen langzaam uit beeld en aan het begin van de jaren zeventig zullen vooral harde kleuren de sfeer bepalen. Bye Bye Birdie laat een overgang te zien.

Felgekleurde effen achtergronden zoals in Bye Bye Birdie zie je ook in The West Side Story.(1961) Het zal ook te maken hebben met de inburgering van de kleurentelevisie in Amerika. Zoals er in de beginjaren van de talkie enorm veel gekwebbeld werd in de film, zo werd het beginjaren zestig letterlijk heel bont gemaakt.

ins Blaue hinein | Bye Bye Birdie [ nl.wikipedia.org ]