Eigenlijk hou ik helemaal niet van misdaadfilms maar voor film noir heb ik een groot zwak. De zwartwit-cinematografie, belichting en het tijdsbeeld zuigen me altijd weer een nieuwe noir binnen. In het public domain staan honderden films waarvan het copyright om verschillende redenen niet verlengd is en die dus legaal via het internet getoond mogen worden, zoals op het YouTube-kanaal Cult Cinema Classics. In maart keek ik naar twaalf film noirs uit de periode 1945-1955. Het zwaartepunt valt in de tweede helft van de jaren veertig omdat het genre toen op zijn hoogtepunt was en de meeste verschenen. In de komende reeks bespreek ik deze twaalf films: 1 uit 1945, 4 uit 1946, 2 uit 1949, 2 uit 1950 en 1 uit 1955. Deze keer: Whirlpool van Otto Preminger. Cinematografie van Arthur Miller.

Whirlpool is een psychologisch drama waarin een echtpaar in een emotionele draaikolk terecht komt, een ervaring die vrijwel alle hoofdpersonages in een film noir treft. Een film noir die “Whirlpool” heet (of “Vertigo”) is een tautologie. Want we weten van tevoren al dat het gaat kolken en duizelen.
Het echtpaar in Whirlpool wordt gespeeld door Richard Conte en Gene Tierney. Conte speelt een psycholoog die geen weet heeft van de kleptomanie van zijn vrouw. Wanneer ze tijdens een winkeldiefstal betrapt wordt, pleit een voorbijganger, gespeeld door José Ferrer haar vrij. Maar niet zonder prijs. De vrouw krijgt nu een afhankelijkheidsrelatie met deze man die een hypnotiseur blijkt te zijn. Hij misbruikt niet haar lichaam maar haar geest door haar onder hypnose te brengen en haar verdacht te maken van moord. Haar echtgenoot is er van overtuigd dat zijn vrouw is vreemd gegaan en vervreemdt van haar.

Vijf jaar na Laura werkte Otto Preminger opnieuw met de mooiste vrouw uit Hollywood, Gene Tierney. Het zou niet de laatste samenwerking tussen Preminger en Tierny zijn. Er volgden nog twee films Where the sidewalks ends (1950) en Advise and consent (1962).
Hollow Triumph is de derde film noir die ik in maart op YouTube bekeek met camerawerk van John Alton. Het signatuur van de meester is duidelijk aanwezig. Het mooiste shot uit de film is ongetwijfeld het moment dat de hoofdrolspeler (een rol van 
The strange love of Martha Ivers speelt zich af in een denkbeeldig fabrieksstadje in Pennsylvania met de naam Iverstown, zo genoemd naar de grootste werkgever: de familie Ivers. Het verhaal begint in 1928 als Martha Ivers dertien jaar is. Ze staat onder voogdij van haar rijke tante en probeert het huis samen met haar vriendje Sam te ontvluchten. Dat mislukt. De tante blijkt een huisdespoot. Als ze op een dag op de trap met haar wandelstok het katje van Martha probeert te slaan, neemt Martha haar stok weg waardoor haar tante ten val komt en haar nek breekt. Martha verzwijgt wat er precies is gebeurd, zodat niemand weet dat zij verantwoordelijk is voor de dood van haar tante. Daarna maakt de film een sprong in de tijd van 17 jaar. Martha is nu dertig en wordt gespeeld door Barbara Stanwyk. Twee jaar na Double Indemnity speelt ze opnieuw een ijzig personage.













