Categorie archief: film

de kat met de negen levens

Deze maand met Michaela gezien: Spectre (2015) in Pathe IMAX
en Skyfall (2012) en bij RTL4

In 2012 vierde de James Bondfilm zijn vijftig jarige bestaan. Met Skyfall werd een passend jubileum gevierd en alle registers werden opengetrokken. Samen met een portemonnee met tweehonderd miljoen dollar. Honderd maal zoveel als het budget van Dr. No in 1962. De nieuwste James Bondfilm, met de vertrouwde titel Spectre, kostte driehonderd miljoen dollar. Als je de superspectaculaire openingsscenes van Spectre (2015) en Skyfall (2012) gezien hebt, dan weet je waar al die miljoenen naar toe zijn gegaan. De eerste tien minuten van een James Bondfilm zijn waarschijnlijk de duurste minuten in de filmindustrie.

Skyfall
James Bond is toegesneden op de huidige doelgroep: the global teenager, die een hard en donker imago cool vindt.

James Bond is na Sean Connery (1962–1971 en 1983), George Lazenby (1969), Roger Moore (1973–1985), Timothy Dalton (1987–1989) en Pierce Brosnan (1995–2002) aangekomen bij versie 6.0. Bewust is de James Bond van de eenentwintigste eeuw tegen het traditionele Bond-karakter in gecast. De rauwe Daniel Graig is eerder een ruwe Russische bolster dan een Britse gentleman. Met zijn karakter is ook de sfeer in de James Bondfilm veranderd. Het zonnige optimisme van de jaren zestig heeft plaats gemaakt voor de grimmigheid van terrorisme. De scenes zijn vaak ondergedompeld in grauwe grijsblauwe tinten. De invloed van 7even en Batman is groot.

Spectre
Spectre is grimmiger dan zijn voorgangers. De invloed van 7even en Batman is groot.

Ook de andere personages zijn met de tijd meegegaan: M, Moneypenny en vooral Q. De legendarische Q was een uitvinder van het type Edison, een grijze knutselaar. De nieuwe Q is een puisterige wizkid die met één Enter meer schade kan aanrichten dan James Bond in zijn hele loopbaan. High tech is een van de ingrediënten van de James Bond-recept en in de jaren zestig leek het alsof deze zich ontwikkelen kon dankzij de missies van 007. James Bond was hip. Maar nu zijn de Bondfilms uit de jaren zestig vermakelijk. De boordnavigatie in zijn 1964 Aston Martin DB5 ziet er primitief uit vergeleken met onze TomTom. High Tech is niet met James Bond meegegroeid, maar omgekeerd. De mythe is intussen gebleven: James Bond is de onsterfelijke held, de man die alles kan.

Skyfall | Spectre [ www.imdb.com ]

pinterest 1946

gezien bij Close Up: documentaire over Rita Hayworth
Met haar rol van de roodharige Gilda in de gelijknamige Hollywood-film (1941) werd ze wereldberoemd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog gold ze als de favoriete pin-up van de geallieerde soldaten. Maar het geluk in de liefde bleef tot het einde toe onbereikbaar voor haar. Zelf weet ze dat aan het verblindende effect van haar glamoreuze imago: ’Mannen gaan naar bed met Gilda en worden wakker met mij.’
 
web.avrotros.nl
Tijdens de Tweede Wereldoorlog gold ze als de favoriete pin-up
van de geallieerde soldaten.
Ladri di biciclette
Je kon Rita ook aanplakken…
stills uit Ladri di biciclette (1948)
Shawshank Redemption
Ook in de Shawshank Redemption (1994)
gaat Rita tegen de muur…

Rita Hayworth [ nl.wikipedia.org ]

het denkende shot

zondagavond gezien op TV5: A bout de souffle (1960)

A bout de souffleIn Close Up – wereldgeschiedenis van de film wijdt Mark Cousins een hoofdstuk aan de nouvelle vague onder de titel Het geëxplodeerde verhaal. De nouvelle vague maakte een einde aan een stijl die Cousins het “gesloten romantische realisme” noemt, de dominante stijl van de mainstream film. Deze films zijn 1. gesloten, omdat de acteurs een parallel universum lijken te bewonen en niet naar de camera kijken en zelden een open einde hebben. 2. romantisch, omdat de emoties meestal hoog oplopen en de protagonisten op een bepaalde manier heroïsch zijn en 3. realistisch, omdat de mensen, ondanks deze kunstmatigheid herkenbaar menselijk zijn en de afgebeelde samenleving op de onze lijkt.

In de jaren zestig werd het “gesloten romantische realisme” gesloopt door de jonge honden van de nouvelle vague. De film die als de oerfilm van de nouvelle vague gezien wordt, is de low budget film A bout de souffle. Vijfenvijftig jaar later is het niet direct meer te zien waarom deze film zoveel betekenis kreeg voor een nieuwe generatie filmmakers. Maar Mark Cousins legt in zijn boek uit wat er zo vernieuwend was aan À bout de souffle. Godard introduceerde iets nieuws in de cinema. Je zou dit “het denkende shot” kunnen noemen.

À bout de souffle
Jean-Paul Belmondo en Jean Seberg
Mark Cousins legt uit wat er zo vernieuwend was aan A bout de souffle. Godard introduceerde iets nieuws in de cinema. Je zou dit “het denkende shot” kunnen noemen.

In de nouvelle vague wordt de film zich ervan bewust dat ze film is, zoals in het impressionisme het schilderij zich ervan bewust wordt dat het een plat vlak is met daarop kleurige vegen. Film is in de eerste plaats een aaneenrijging van shots en die shots kunnen zich verzelfstandigen. Het shot is niet langer de slaaf van een actie, maar het shot wordt autonoom. Zo zit er in A bout de souffle een beroemde sequens van jump cuts van Jean Seberg in de auto naast Jean-Paul Belmondo. Haar markante korte koppie is van achteren gefilmd. Maar de camera filmt niet één shot, maar blijft vanuit meerdere posities vanaf de achterbank in haar nek kijken. De shots schuiven en tuimelen over elkaar heen.

Jean-Luc Godard (1930) wordt met zijn generatiegenoten Jacques Rivette (1928), François Truffaut (1932-1984) en Claude Chabrol (1930-2010) tot de jonge cineasten van de nouvelle vague gerekend. De wegbereider van deze nieuwe manier van filmen was Robert Bresson (1901-1999), die een generatie ouder was. Éric Rohmer (1920-2010) en Alain Resnais (1922-2014) zaten er tussenin.

It is difficult to imagine the history of cinema without A Bout de Souffle. The film had a profound effect, after its release and still today. After the birth of the New Wave, between the years 1959 and 1960, the number of entries of film increased in millions. Furthermore, there was a regular and rapid increase of investment in film until the 1980s. A Bout de Souffle was filmed on location which reduced the studio expenses and was filmed without expensive, famous actors. Godard showed that filming was possible for anyone. He inspired young people and encouraged them to make their own films – even at a small budget.
 
Bron: the-artifice.com

A bout de souffle [ imdb.com ]