Het is jammer dat er geen postzegel verschijnt ter gelegenheid van de 250e geboortedag van François-René de Chateaubriand. In 1948 verscheen ter gelegenheid van zijn 100e sterfdag nog wel een postzegel. En twintig jaar later volgde Monaco met een postzegel ter gelegenheid van de 200e geboortedag.

Chateaubriand was een voorbeeld voor schrijvers en kunstenaar uit de romantiek. In 1802 werd hij in één klap beroemd met zijn Genie du christianisme dat in 1808 al in het Nederlands vertaald werd onder de titel Schoonheden van den Roomsch-Katholijken Godsdienst. Na de afschaffing van het christendom door de Franse Revolutie keerde dit boek van Chateaubriand in Frankrijk het tij, mede doordat Napoleon het gebruikte voor zijn toenadering tot de paus. Napoleon was een opportunist die de godsdienst voor zijn eigen karretje spande. Tijdens zijn veldtocht in Egypte deed hij zich voor als verdediger van de islam. Maar als consul en later als keizer verdedigde hij juist weer het christendom. In ieder geval was de waardering van Chateaubriand voor het christendom wel oprecht. Misschien dat hij door zijn reactionaire houding in onze tijd niet meer zo in de belangstelling staat.

societe-chateaubriand.fr | Annee Chateaubriand [ letelegramme.fr ]
In het veertiende “boek” (eigenlijk hoofdstuk) van Mémoires d’Outre-Tombe beschrijft Chateaubriand zijn eerste ontmoeting met Napoleon in 1802. De schrijver had in datzelfde jaar grote bekendheid gekregen door de publicatie van zijn 
We horen het niet graag, maar populisme, demagogie en schrikbewind zijn onlosmakelijk verbonden met het ontstaan van onze democratische rechtsstaat. Als ik weer iets nieuws over de Franse Revolutie lees, gaat er meestal een beerput voor mij open. Zo ook tijdens het lezen van het ooggetuigeverslag van François-René de Chateaubriand in Boek IX van Memoires van over het graf.
“De meest mismaakte types van deze bende hadden voorrang op het spreekgestoelte. In onze troebelen van destijds hebben gebreken van lichaam en geest absoluut een rol gespeeld; gekwetste eigendunk heeft grote revolutionairen voortgebracht. [...] Hierna passeerde, in rangorde van afschuwelijkheid, en zich mengend onder de fantomen van de Zestien, een lange reeks gorgonenkoppen de revue. De voormalige arts van de lijfwacht van de Comte d’Artois, het Zwitserse embryo Marat, zijn blote voeten gestoken in klompen of met ijzer beslagen schoenen, hield als eerste, op grond van zijn onbetwistbare rechten, een redevoering. In zijn rol van nar aan het hof des volks, schreeuwde hij, met een uitgestreken gezicht en zo’n flauw beleefdheidsglimlachje dat iedereen met een ouderwetse opvoeding destijds op zijn gezicht droeg: “Het volk moet nog 270.000 koppen afhakken!” Na deze achterbuurt-Caligula kwam de atheïstische schoenmaker Chaumette aan de beurt”.













