Maandelijks archief: april 2013

imago Christi

gisteren gezien op Holland Doc: The Dark Ages – An Age of Light
aflevering 1: The Clash of the Gods (2012)

De titel The Dark Ages – An Age of Light geeft al aan dat deze BBC serie wil afrekenen met ons beeld van de Middeleeuwen als een donkere tijd. Presentator Waldemar Januszczak begint zijn reis toepasselijk in de donkere krochten van vroeg-christelijk Rome maar verzekert ons dat de Middeleeuwen veel lichter waren dan wij doorgaans denken. In de periodisering van de Middeleeuwen hanteert hij een andere interval dan gebruikelijk is. De Middeleeuwen lopen in deze serie niet van 476 (de afzetting van de laatste keizer van het West-Romeinse Rijk) tot 1453 (de val van Constantinopel, hoofdstad van het Oost-Romeinse Rijk), maar van de vierde eeuw tot aan 1066 (Battle of Hastings). Voor het begrip “donkere eeuwen” klopt deze periodisering misschien wel, maar het hoogtepunt van de Middeleeuwen met de kruistochten en gotische kathedralen (12e -14e eeuw) blijft zo buiten beschouwing.

SATOR vierkantDe eerste aflevering The Clash of the Gods gaat over het beeld van Christus in de vroeg-christelijke kunst. In Pompeï, Rome, Ravenna, Lullingstone en Monreale gaat Januszczak op zoek naar overblijfselen van vroeg-christelijke kunst en wijst ons daarbij op de ontwikkeling van de iconografie. Hij begint in Pompeï dat ons een momentopname geeft van het leven in het jaar 79 na Christus. Daar bleken toen al christenen te wonen. We weten dit omdat hier op verschillende plekken een tegel is gevonden met het zogenaamde SATOR-vierkant. Deze Lingo-achtige woordpuzzel is inmiddels ontcijferd als een christelijk cryptogram. De woorden SATOR-AREPO-TENET-OPERA-ROTAS die onder elkaar in en vierkant geschreven zijn, vormen de letters van het woord PATERNOSTER met een extra A en O. Het SATOR-vierkant getuigt van Onze Vader en de Alpha en Omega, van Christus dus.

Tijdens de christenvervolgingen in het Romeinse Rijk, die duurden tot aan het begin van de vierde eeuw, konden de eerste christenen niet openlijk van hun geloof getuigen. In Rome woonden ze in catacomben en zelfs daar moesten ze hun geloof verborgen houden. Zo ontstonden er pictogrammen, zoals een visje (Ichthus) en cryptogrammen zoals het christogram XP (Chi Rho, de eerste letters van Christus). Ook werd Christus vaak afgebeeld door een plaatsvervanger, de profeet Jona.

Tijdens de christenvervolgingen in het Romeinse Rijk, die duurden tot aan het begin van de vierde eeuw, konden de eerste christenen niet openlijk van hun geloof getuigen.

MandilionToen vanaf 313 onder keizer Constantijn het christelijk geloof publiekelijk beleden mocht worden, ontstond de vroeg-christelijke kunst waarin Jezus Zélf afgebeeld mocht worden. Januszczak presenteert zijn visie op de ontwikkeling van de vroeg-christelijke iconografie als dé visie. Zo negeert hij bijvoorbeeld de legende van de Mandilion, de doek waarmee de heilige Veronica volgens de legende het gezicht van Christus zou hebben vastgelegd. Dat de vroege christenen aan de klassieke, naturalistische Romeinse kunst hun voorbeelden ontleenden, zoals Januszczak beweert, is aannemelijk. Het is goed mogelijk dat Apollo, een schone Griekse jongeling, model stond voor sommige vroege afbeeldingen van Christus, met name in de beeldhouwkunst op sarcofagen. Toch gaat de theorie dat Christus bewust als half man-half vrouw werd afgebeeld mij te ver.

Imago Christi
boven: afbeeldingen van Christus in Ravenna (5e eeuw) – onder: afbeeldingen van Christus op Sicilië(12e eeuw)

Wanneer de vroeg-christelijke Kerk vanaf de vierde eeuw institutionaliseert, verandert ook het beeld van Christus: hij wordt ondubbelzinnig mannelijk en krijgt een baard. Dat heeft volgens Januszczak verschillende redenen. In de eerste plaats zou dit komen omdat er in de afbeelding van de Moeder Gods met Christuskind een alternatief komt voor het archetype van de godin. Als voorbeeld zou de Egyptische godin Isis en haar zoon Horus hebben gediend.

Toen men de Madonnafiguur met kind ging afbeelden, was een androgyne Christusfiguur, waarin zowel mannen als vrouwen zich konden herkennen, niet meer nodig. Een tweede reden is dat de Kerk, toen het eenmaal wereldse macht had gekregen, dit ook wilde uitdrukken. Men ging Christus afbeelden als Pantokrator, als Albeheerser. Hij werd groot en machtig boven in de apsis afgebeeld en zat vaak op een troon, als een Romeinse perfect in zijn basilica.

The Dark Ages – An Age of Light
The Clash of the Gods
Waldemar Januszczak shows how Christianity emerged into the Roman Empire as an artistic force in the third and fourth centuries. Early Christians had no art but practised in secret and Januszczak purports the Rotas Square found throughout the Roman Empire such as at Pompeii were early Christian symbols along with the fish and anchor. With no description of Jesus in the Bible the Christians represented their God as a young slightly feminine man until the emergence of Saint Mary and with the adoption of Christianity by the emperor Constantine how Christian artists drew on images of ancient gods for inspiration for a more masculine Jesus and the development of new forms of architecture to contain their art.
 
Bron: en.wikipedia.org

The Clash of the Gods [ bbc.co.uk ] |The Dark Ages [ imdb.com ]

nieuw wereldbeeld

gezien bij VPRO Boeken: Wim Brands in gesprek met Peter Westbroek
over De ontdekking van de aarde (herhaling)

De ontdekking van de aardeDe emeritus hoogleraar geofysiologie Peter Westbroek (1937) schreef vorig jaar De ontdekking van de aarde en kwam daar in december j.l. over vertellen in het programma Boeken. Het werd een mooi gesprek. Deze mediagenieke en bevlogen wetenschapper zou van mij best een avond bij Zomergasten mogen vullen.

Zijn boodschap is eenvoudig: we blijven vastzitten aan een oud wereldbeeld: we benaderen de aarde als een globe waar we macht op kunnen uitoefenen. In de tijd van de ontdekkingsreizen, het kolonialisme en imperialisme verdeelden de kolonialiserende landen de aarde met elkaar. In onze tijd willen we “de aarde redden” en wordt dat onderdeel van een politiek programma. Alweer gaat het om machtsuitoefening dus.

Peter Westbroek pleit ervoor om te kijken vanuit de planeet aarde en niet vanuit onze wil tot macht. Keerpunt en kanteling van het oude wereldbeeld is volgens hem de foto die in 1968 door de Apollo 8 missie werd genomen. Volgens de Duitse filosoof Rüdiger Safranski is deze foto dé icoon van globalisering. Peter Westbroek ziet het zo: in 1968 kreeg de planeet aarde na 45 miljoen eeuwen door de mens zelfbewustzijn.

maanzegel 1968Toen de bemanning van de Apollo 8 in 1968 zijn beelden naar de aarde stuurde, was dat voor Westbroek een soort Eureka-moment. De foto die de astronauten van de aarde maakte, markeert volgens hem het begin van de planetaire zelfkennis: voor het eerste zag de mens de aarde met een oplichtende atmosfeer. Een revolutie. Na Copernicus („de aarde is niet het centrum van de heelal„) een kantelpunt in ons wereldbeeld.
 
De Apollo-foto dwong ons over klimaatverandering na te denken. Volgens Westbroek dachten we voorheen de macht over de aarde te hebben en konden we het niet aanvaarden dat we die macht aan het verliezen waren. Het vormde tevens de kiem voor Earth System Science: de nieuwe wetenschappelijke benadering van de planeet om geologie, biologie en sociale wetenschap samen te voegen. Pas als je weet hoe alle afzonderlijke processen onderling samenhangen en hoe de aarde zich ontwikkelt, kunnen we iets begrijpen van die wonderlijke planeet waarop we leven.
 
Bron: boeken.vpro.nl

Westbroek is een bewonderaar van zijn generatiegenoot Lynn Margulis (1938-1911), bekend van de endosymbiose-theorie. Samen met de biochemicus en medicus James Lovelock ontwikkelde ze vanaf 1969 de zogenaamde Gaia-hypothese. Alle leven op aarde wordt daarbij voorgesteld als één organisme. Westbroek die met Margulis bevriend geweest is, is gecharmeerd van deze theorie. Het is een vorm van posthumanisme, die niet de mens, maar de planeet centraal stelt. Wim Brands wees terecht op de paradox dat de mens “een broodkruimel op de rok van het universum”, maar tegelijkertijd ook van onschatbare waarde is, omdat de aarde zichzelf door het oog van de mens kan zien én bewust worden.

De Gaia-hypothese is een (pseudo) wetenschappelijke hypothese, maar heeft onmiskenbaar een spiritueel aspect. Net als de evolutietheorie neemt ze afstand van het antropocentrisme. Het scheppingsverhaal met de mens als kroon van de Schepping, wordt achter ons gelaten. Daarvoor in de plaats komt een onzijdig en onpersoonlijke Universeel Leven. Paradoxaal wordt dit gepersonifieerd door Gaia. Het Universele Leven blijkt dus “een meisje”.

ClintonEr zijn duidelijk connecties met New Age en feminisme: het oude patriarchaat is ten einde gekomen, een nieuwe tijd is aangebroken, waarin we de aarde leren zien als onze Oermoeder die voor ons zorgt. Wanneer we haar proberen te redden, belanden we weer in traditioneel (mannelijk) machtsdenken. Dit zien we bijvoorbeeld op een foto van Bill Clinton in krijtstreep die de aardbol als een baby koestert. Van dit soort machtsdenken, vermomd als zorg, moeten we volgens Westbroek af.

Persoonlijk vind ik de Gaia-hypothese een dwaas Groot Verhaal. Het lijkt voor mij enige verwantschap te hebben met het Grote Verhaal van Richard Dawkins, waarin een eindeloze stroom DNA zich een doelloze weg baant door de miljarden jaren in een pikzwart universum. Niemand heeft deze troosteloosheid ooit zwartgalliger in een beeld weten te vatten dan Arthur Schopenhauer:

In de oneindige ruimte talloze lichtgevende bollen, om elke waarvan zo„n dozijn kleinere cirkelen, door de grote verlicht; ze zijn van binnen heet en overtrokken met een gestolde, afgekoelde korst; op deze korst heeft een schimmellaag levende en kennende wezens voorgebracht – dit is de empirische waarheid, de realiteit, de wereld. Voor een denkend wezen is het hoe dan ook een netelige zaak om op een van die talloze, vrij in de onbegrensde ruimte zwevende bollen te leven, zonder te weten waarvandaan of waarheen, en om slechts één van ontelbare gelijksoortige wezens te zijn die zich daar al ploeterend en tobbend verdringen, die in een vloek en een zucht ontstaan en vergaan, in een tijd zonder begin en zonder einde.
 
uit: De wereld als wil en voorstelling II, Hfdst. 1, p.13. 1859, vertaling: Hans Driessen
… op deze korst heeft een schimmellaag levende en kennende wezens voorgebracht …

Arthur Schopenhauer

Aan de schrijver van De ontdekking van de aarde is dit pessimisme niet besteed. Wim Brands vroeg hem wat er na onze dood gebeurt. “Dan leven we miljoenen verschillende manieren verder”, antwoordde Westbroek. Dat zou voor Schopenhauer een te rooskleurig beeld zijn. Het klinkt op het eerste gehoor positief: miljoenen verschillende manieren associeer je met ontelbare nieuwe mogelijkheden. Maar als ik het concreet wil maken, dringt de onsterfelijke DNA-diarree van Dawkins zich aan mij op. De mens als persoon en ziel moet blijkbaar gekleineerd worden …

boeken.vpro.nl | De Ontdekking van de Aarde [ uitgeverijbalans.nl ]

slechte smaak

is het neoclassicisme fout?

huilend zigeunerjongetjeMeestal hebben we het over “slechte smaak” wanneer iets lelijks mooi gevonden wordt. Maar slecht is een moreel en geen esthetisch oordeel. Bestaat er nu ook zoiets als “slechte smaak” in de zin van moreel slecht? Kan smaak ongezond en kwaadaardig zijn?

Als er in die zin “slechte smaak” bestaat, dan moet er ook “foute kunst” bestaan. We zouden daar bijvoorbeeld fascistische en stalinistische schilder- en beeldhouwkunst onder kunnen rekenen. Maar ook de architectuur mogen we dan niet vergeten. In potentie heeft architectuur namelijk alles in zich om het megalomane en totalitaire te dienen. Is fascistische of communistische architectuur per definitie de uiting van slechte, zieke en kwaadaardige smaak?

Het is bekend dat de sobere architectuur van Albert Speer terug gaat naar de neoclassicistische ontwerpen van de Franse architect Claude Nicolas Ledoux (1736-1806). In de tweede helft van de achttiende eeuw werd dit de stijl van de Verlichting. De “edele eenvoud en stille grootsheid” van het neoclassicisme propageerde de idealen van de Verlichting: vrijheid, gelijkheid en broederschap. Ironische genoeg ontwikkelde juist deze stijl zich tot officiële staatskunst en kreeg het despotische trekjes.

Ledoux
Claude Nicolas Ledoux 1770-1771
Pavillon de Mme du Barry in Louveciennes
voor Johann Winckelmann, de vader van het neoclassicisme, had het woord „klassiek„ de betekenis van „edle Einfalt und stille Grösse„

Het neoclassicisme was een reactie op het rococo. In de jaren zeventig van de achttiende eeuw was er met name in Frankrijk een abrupte overgang van het rococo naar het neoclassicisme. De kunst van het rococo beantwoordde aan de smaak van het ancien régime. Het was een lichte en wulpse kunst, gemaakt om te behagen en te vermaken. Na de dood van Lodewijk XV in 1774 begon men het rococo in Frankrijk steeds meer als een uiting slechte smaak te beschouwen. Het neoclassicisme bood het gezonde alternatief.

Als reactie op de frivole en broeierige tafereeltjes van het rococo kwam het neoclassicisme moraliserende voorstellingen die met een koel palet geschilderd waren. Het was een strenge en serieuze stijl die het volk moest verheffen in plaats vermaken. Opvoeding tot zedelijkheid in plaats van zedeloos vermaak. Het neoclassicisme werd de stijl van de Verlichting. Zo was de Franse Verlichtingsfilosoof Denis Diderot een groot bewonderaar van de schilder Jean-Baptiste Greuze. Zijn moraliserende voorstellingen hadden net als de filosofische teksten van Voltaire en Rousseau een opvoedkundige waarde. Dit was in de ogen van Diderot “goede kunst” omdat het uitging van het ideaal de mens te verheffen.

Speer
Albert Speer 1938
Neue Reichskanzlei in Berlijn

Voor de Verlichting was er geen plaats meer voor het rococo. De rococoschilder Fragonard raakte na 1780 volledig uit de gratie. Decennialang zou het neoclassicisme de heersende stijl zijn. In de 19e een 20e eeuw raakte het neoclassicisme besmet omdat het de stijl is waarmee dictators graag imponeren. Waarschijnlijk komt dat omdat deze architectuur herinneringen oproept aan de grootsheid van het Romeinse Rijk. Zo zag Hitler het ook. Zijn Berlijn moest Germania worden, het nieuwe Rome.

Entartete KunstBestaat er nu slechte smaak en foute kunst? Misschien gaat het juist daar verkeerd wanneer je één bepaalde stijl uitroept tot de officiële staatskunst. Daarom is het postmodernisme gehecht aan pluralisme. Rococo en neoclassicisme kunnen allebei. Realisme en abstractie ook. De ene stijl is niet beter dan de ander. Wanneer de ene stijl zich verheft boven de andere stijl, gaat het op den duur fout. Want neerkijken op de smaak van een ander is jezelf verheffen. En hoogmoed komt voor de val.