Categorie archief: boeken

De Lage Landen anno 1790

aan het lezen in: Het vuur nog geenszins gedoofd
verslag van een reis door de Lage Landen in 1790 van Georg Forster

Het vuur nog geenszins gedoofd225 jaar geleden maakte de 35-jarige Georg Forster vanuit Mainz een reis naar Londen waarbij hij ook een bezoek bracht aan Brussel, Amsterdam en Parijs. In die tijd maakten alleen kooplieden dergelijke reizen. Voor Georg Forster was het geen grote reis. Tussen 1772 en 1775 had hij James Cook vergezeld tijdens zijn tweede ontdekkingsreis door de Stille Zuidzee en hij behoorde tot een handjevol mensen dat een reis om de wereld had gemaakt. Georg Forster was met het verslag van deze wereldreis uit 1777 als 22-jarige al een beroemdheid. De Landgraaf van Hessen bezorgde hem in 1779 een aanstelling als hoogleraar in de natuurlijke historie in Kassel.

Georg Forster werd gedreven door eenzelfde nieuwsgierigheid als
Goethe, die vier jaar eerder zijn reis naar Italië had gemaakt.

AnsichtenDe wereldreis had het vuur in Georg Forster niet gedoofd. Geenszins. Het verslag van zijn reis door de Lage Landen is boeiend om te lezen. Forster werd gedreven door eenzelfde nieuwsgierigheid als Goethe, die vier jaar eerder zijn reis naar Italië had gemaakt. Goethe liet zich overigens lovend uit over Forsters reisverslag waarvan het eerste deel (Ansichten) al in 1791 verscheen. “Voortreffelijk geschreven en voor een man met uitgesproken meningen altijd nog onpartijdig genoeg”, oordeelde de reus van het Duitse classicisme vanuit Weimar. In 1792 en 1793 werd er al een Nederlandse vertaling uitgegeven door C.Plaat in Haarlem onder de titel Reisen van Georg Forster in den jaare MDCCXC.

Georg Forster (1754-1794) maakte zijn reis overigens samen met Alexander von Humboldt (1769-1859) die op dat moment 20 jaar was. De reis zou grote invloed hebben op de beroemde reizen die Von Humboldt tussen 1799 en 1804 maakte door de oerwouden van Zuid-Amerika. Forster sprak vloeiend Engels, Von Humboldt vloeiend Frans en zelfs een mondje Nederlands.

Voor Brabanders, Hollanders en Vlamingen is Forster‘s reisverslag door de Lage Landen in 1790 interessant om te lezen. België en Nederland bestonden nog niet. Het huidige België bestond uit het Bisdom Luik en de Oostenrijkse Nederlanden, terwijl de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden voor een groot deel samenviel met het huidige Nederland.

Oostenrijkse Nederlanden
De Oostenrijkse Nederlanden in de 18e eeuw

Na de Brabantse Omwenteling (1789) die een direct gevolg was van de Franse Revolutie heerste er in de Oostenrijkse Nederlanden een revolutionaire stemming. In januari 1790 hadden de Oostenrijkse Nederlanden zich als de Verenigde Nederlandse Staten (États belgiques unis) onafhankelijk verklaard. Wanneer Forster begin april 1790 bij Luik de Maas oversteekt en door Brabant naar Leuven, Mechelen en Brussel reist, valt hem op dat la canaille, het volk, de kokarde heeft opgespeld en zich heeft aangesloten bij de geest van de Franse Revolutie. In december 1790 zouden de Verenigde Nederlandse Staten het gezag van de Habsburgse keizer Jozef II weer moeten erkennen.

Op 25 maart 1790 vertrok Georg Forster, dan al een beroemd man en lid van de vooraanstaande British Royal Society, met de jonge Alexander von Humboldt voor een ruim drie maanden durende reis langs Aken, Brussel, Leuven, Antwerpen, Amsterdam en Londen om uiteindelijk in het revolutionaire Parijs te arriveren. Eerder al vergezelde hij James Cook op diens beroemde zeiltocht rond de wereld. In Het vuur nog geenszins gedoofd beschrijft Forster zijn ervaring van zijn reis door Europa. Dit boek wordt beschouwd als zijn meest briljante tekst en het wordt gezien als een panorama van het oude Europa in de schaduw van de Franse revolutie. Zijn beleving van steden en landschappen en zijn inzichten in het leven en het karakter van dat ‘bezige volkje met veel handelsgeest en voorliefde voor een goed glas’ vormen ruim tweehonderd jaar na dato nog altijd verrassende en zelfs schitterende lectuur. Forster verbindt wetenschappelijke precisie aan een groot beeldend en stilistisch vermogen.
 
Bron:uitgeverijcossee.nl

vader van de palmen

de botanicus Carl Friedrich Philipp von Martius (1794-1868)

Ik kwam Carl Friedrich Philipp von Martius voor het eerst in 1981 tegen in het Album der Zeitgenossen van de Münchner fotograaf Franz Hanfstaengl (1804-1877). Daarin staat zijn portret uit de jaren vijftig van de negentiende eeuw. Een sympathiek ogende oudere heer, die enigszins lijkt op mijn grootvader. Dat hij in Hanfstaengl‘s Album der Zeitgenossen is opgenomen, een soort galerij der groten uit Beieren anno 1853-1863, heeft hij voornamelijk te danken aan een bijzondere prestatie die hij leverde in de jaren 1817-1820 toen hij een ontdekkingsreis maakte naar Brazilië, dat in die jaren als koninkrijk nog in een personele unie met Portugal verbonden was.

Von Martius
Carl Friedrich Philipp von Martius in het Album der Zeitgenossen van de Münchner fotograaf Franz Hanfstaengl

Toen in 1817 Maria Leopoldina, de vierde dochter van keizer Franz I van Oostenrijk, trouwde met Dom Pedro (vanaf 1822 de eerste keizer van Brazilië), werden de handelsbetrekkingen tussen Oostenrijk en Brazilië verstevigd. Zo werd de Österreichische Brasilien-Expedition ondernomen die van 1817 tot 1835 duurde. Het expeditieteam bestond uit wetenschappers en kunstenaars, maar het voornaamste doel was economisch: het vinden van inheemse producten voor de Europese afzetmarkt.

Brasilienreise
Titelblad van Reise in Brasilien 1823

Carl Friedrich Philipp von Martius reisde als botanicus mee, samen met 14 anderen waaronder de Oostenrijkse schilder Thomas Ender (1793-1875) die ongeveer even oud was als hij. Von Martius stond onder bescherming van de Beierse koning Maximiliaan I die in 1815 al een Zuid-Amerikaanse expeditie had gepland. In 1917 sloot hij zich aan bij de Oostenrijkse expeditie.

Von Martius - Book of Palms
illustratie uit Historia naturalis palmarum: opus tripartitum het magnum opus van Von Matrius

Von Martius verkende samen met Johann Baptist von Spix het Amazonegebied. Ze deden uitgebreid onderzoek naar de tropische flora. Von Martius besteedde daarbij bijzondere aandacht aan palmbomen, zodat hij bekend werd als de “vader van de palmbomen”. In totaal bracht het tweetal 85 geconserveerde zoogdieren, 350 vogels, 150 amfibieën, 116 vissen, 2.700 insecten en 6.500 planten en zaden van hun reis mee naar München. Von Martius is altijd in de schaduw blijven staan van Alexander von Humboldt die twintig jaar eerder een reis naar Zuid-Amerika maakte.

The Book of Palms [ taschen.com ]

saudade [ 2 ]

gezien: Os Misterios de Lisboa (2010) van Raul Ruiz
naar de gelijknamige roman uit 1854 van Camilo Castelo Branco

BrancoOs Misterios de Lisboa van de Portugese schrijver Camilo Castelo Branco (1825-1890) verscheen oorspronkelijk als feuilleton in 1853 in een dagblad van Porto. In 1854 werd het in boekvorm gepubliceerd. Met zijn tweede roman was de reputatie van de 29-jarige schrijver in Portugal gevestigd. In het voorwoord schrijft de auteur dat Os Misterios de Lisboa eigenlijk geen roman is maar een registratie van dagelijks leed.

Branco was net als zijn Franse tijdgenoot Stendhal een realist. Hij nam de sociale werkelijkheid van zijn tijd als uitgangspunt en verwerkte daarin feiten (Stendhal noemde ze “être vrai”) zoals deze in de krant te lezen waren. Toch is Os Misterios de Lisboa minder op werkelijke feiten gebaseerd dan Branco’s andere romans. Zoals in de meeste naturalistische romans uit de negentiende eeuw is er een veelheid aan personages (hier meer dan veertig!) die vaak allemaal hun geschiedenis te vertellen hebben.

De schrijver is een jonge edelman die zijn verhaal begint met de zin: “Era eu um rapaz de catorze anos, e não sabia quem era” (Ik was jongen van veertien en wist niet wie ik was.) In de zoektocht naar zijn identiteit speelt Padre Dinis een centrale rol. Wanneer João, zoals de veertienjarige wees zichzelf heeft genoemd, na een vechtpartij met een andere jongen uit het weeshuis door Dinis wordt bezocht, begint de ontrafeling van het verleden.

Os Misterios de Lisboa
Era eu um rapaz de catorze anos
e não sabia quem era

eerste zin uit Os Misterios de Lisboa

Hij blijkt de onwettige zoon van Ângela en Pedro da Silva, die oprecht van elkaar hielden maar hun liefde bleek toch onmogelijk omdat Ângela‘s vader, de Markies de Montezelos, geen toestemming gaf voor een huwelijk. Deze wilde per se een rijke echtgenoot voor zijn dochter. Toen Ângela zwanger bleek te zijn van Pedro, gaf haar vader opdracht een huurmoordenaar de opdracht de baby te doden. Dinis vermomde zich als zigeuner en benaderde de huurmoordenaar. Hij bood hem tachtig cruzeiros aan voor de levende baby.

Zo hoort de jonge edelman dat Ângela zijn moeder is, dat zijn vader Pedro da Silva dood is en dat Padre Dinis hem veertien jaar geleden van het leven gered heeft en hem naar een weeshuis heeft gebracht. Maar na dit eerste geopenbaarde geheim begint de ontrafeling pas echt. De levens van de jonge edelman, zijn moeder, Padre Dinis en de huurmoordenaar blijken intens met elkaar vervlochten.

Os Misterios de Lisboa
Ângela en Pedro, de ouders van de jonge edelman die in Os Misterios de Lisboa op zoek gaat naar zijn identiteit en in een web van vervlochten levens verstrikt blijkt te zijn.

Saudade, de Portugese versie van het Duitse Welschmerz, speelt in deze Portugese naturalistische roman uit de negentiende eeuw een grote rol. De levensverhalen zijn bijna altijd tragisch, maar er is ook loutering. Zo wordt Ângela na haar ongelukkige liefde met Pedro door haar vader gedwongen met een liefdeloze graaf te trouwen. De graaf behandelt haar slecht, maar komt op zijn sterfbed tot inkeer en maakt haar tot erfgenaam. Ângela weigert de erfenis, omdat ze het een oneerbaar bezit vindt en besluit in te treden in het klooster.

Anacleta dos Remédios is een hoer die het met een priester houdt van wie ze drie kinderen heeft. Op een dag vergiftigt ze hem. Haar loutering komt nadat haar godvruchtige dochter zelfmoord pleegt nadat ze door haar eigen moeder tot prostitutie is gedwongen. Als een boetvaardige Maria Magdelana trekt Anacleta zich in het bos terug en geneest er zieken die van alle kanten toestromen. De Markies de Montezelos ontloopt zijn lot ook niet. Hij verliest al zijn bezittingen en eindigt als bedelaar.

Saudade [1] | misteriosdelisboa.com