door Piet Schreuders en Kenneth Fulton
Het is niet zo moeilijk neerbuigend te doen over de ‘romannetjes’ die bij de kassa liggen. Ook het ‘plaatje’ op de omslag die de pulp tussen de kaften aantrekkelijker moet maken, beschouwen we a priori als kitsch en zeker niet als kunst. Maar er zijn uitzonderingen. Piet Schreuders maakte ons in 2000 al attent op het uitzonderlijke talent van de Amerikaanse ‘paperback artist’ James Avati in een documentaire voor de VPRO. James Avati overleed in 2005, overigens in hetzelfde jaar als zijn collega Robert A. Maguire. Ter nagedachtenis aan de ‘king of the paperback’ was er in het najaar van 2005 een expositie in het Gemeentemusum van Helmond. De derde afgeprijsde tentoonstellingscatalogus die ik vorige week kocht, is een monografie van James Avati die in 2005 naar aanleiding van deze tentoonstelling is verschenen. In de ramsjkrant staat deze nu afgeprijsd van € 29,50 voor € 7,90
Zowel het boek als de documentaire laten de werkwijze van James Avati goed zien. Eerst las hij, vaak met tegenzin, het verhaal en visualiseerde dan de hoofdpersonen in een situatie met een ‘emotional center‘. Aan de hand van schetsen, ensceneerde hij dan deze situaties met modellen en maakte daar een fotosessie van. Zowel zijn vader als grootvader hadden in Italiëal naam gemaakt als fotograaf, dus als kind was Avati al zeer vertrouwd met de camera. Net als een ‘historieschilder’ uit de 16e en 17e eeuw moet een paberback painter niet alleen kunnen schilderen, maar moet hij ook als een regisseur met veel mensenkennis de juiste situatie weten te treffen.
Paperbacks
Gedurende de zogeheten paperbackrevolutie van de jaren 50 van de vorige eeuw werden in Amerika literaire boeken verkocht in „softcover„-edities met een miljoenenoplage. Zo bereikte de echte literatuur een nieuw publiek, dat niet gewend was een roman te lezen. Realistische illustraties op de covers werden gebruikt om de aandacht van het publiek te trekken. James Avati was de eerste en de beste van deze paperback-illustratoren. Zijn collega’s noemen hem dan ook de “King of the Paperbacks“. De afgelopen 25 jaar zijn Avati’s originele schilderijen voor een belangrijk deel gered uit de opslagruimten van de Amerikaanse uitgevers, zoals Signet, Avon, Dell en Bantam. Tegenwoordig mogen we deze schilderijen als echte kunstwerken beschouwen.

De prentkunst maakte in de 16e eeuw een enorme ontwikkeling door en het belang daarvan voor de schilderkunst is moeilijk te onderschatten. Zo hoefde Rembrandt nooit een reis naar Italiëte ondernemen omdat er in zijn tijd een levendige handel in prenten bestond. Hij kon daarom Caravaggio leren ‘kennen’ zonder ooit een schilderij van hem te hebben gezien. Het boek behandelt de periode 1470-1580 waarin aanvankelijk
Clair-obscur houtsnede
De grootheid van de Romeinse architectuur ligt voor Piranesi niet in esthetische perfectie en zuiverheid, maar in de kracht en de bouwkunst. De ruïneuze toestand waarin hij de antieke Romeinse gebouwen ziet toont niet enkel de eindigheid en het verloop van de tijd, maar legt ook de innerlijke constructie en de structuur van de bouwsels bloot die, na al die tijd, nog rechtstaan en hun bovenmenselijke kracht tonen. Zijn basiswerk is zijn vierdelige Le Antichità Romane (1756). Toen enkele jaren na deze publicatie de algemene discussie is losgebarsten over de waarde en originaliteit van de Romeinse (bouw)kunst ten opzichte van de Griekse, heeft Piranesi de verdediging van de Romeinse zaak opgenomen, waarbij hij het principe van de vrijheid van de kunstenaar verdedigt: de waarde en schoonheid van architectuur ligt in haar grootheid en rijkdom en niet in het volgen van proportieregels en de architecturale ordeschema’s.












