In 1954 verfilmde Edward Dmytryk de roman The Caine Mutiny van Herman Wouk die in 1951 de Pulitzer Prize won. Het verhaal gaat over loyaliteit en lafheid. Ik keek de film tegen de achtergrond van de communistenjacht in de VS, die in 1954 op zijn hoogtepunt was. Met een beetje fantasie kun je in het karakter van de paranoïde kapitein Queeg (gespeeld door Humphrey Bogart) de Amerikaanse senator Joseph McCarthy herkennen. Overigens was regisseur Edward Dmytryk in de late jaren veertig lid van de Amerikaanse communistische partij, stond hij op de Hollywood Blacklist en zat hij zelfs even gevangen. Maar in 1954 had hij zijn blazoen weer gezuiverd en mocht hij voor Columbia Pictures de bestseller The Caine Mutiny verfilmen.
Bron: nl.wikipedia.org
In deze Franse variatie op Misdaad en Straf is Raskolnikov een zakkenroller. Het is een droge, existentialistische film, maar mist wat mij betreft de diepte van Dostojevsky’s roman. De zwart-witbeelden zijn prachtig. De zwijgzame Michel doet mij enigszins denken aan Antonio, de vader in 
Een film uit het begin van de jaren zestig in zwart wit kijk ik eigenlijk altijd. Soms met het geluid uit, alleen voor de beelden. Het is voor mij als het opsnuiven van nestgeur. Ik ben van 1963 en alles van een halve eeuw oud getuigt van mijn historische oorsprong. Françoise Dorleac in zwart-wit (1964), haar 














