Categorie archief: Duitsland

slechte smaak

is het neoclassicisme fout?

huilend zigeunerjongetjeMeestal hebben we het over “slechte smaak” wanneer iets lelijks mooi gevonden wordt. Maar slecht is een moreel en geen esthetisch oordeel. Bestaat er nu ook zoiets als “slechte smaak” in de zin van moreel slecht? Kan smaak ongezond en kwaadaardig zijn?

Als er in die zin “slechte smaak” bestaat, dan moet er ook “foute kunst” bestaan. We zouden daar bijvoorbeeld fascistische en stalinistische schilder- en beeldhouwkunst onder kunnen rekenen. Maar ook de architectuur mogen we dan niet vergeten. In potentie heeft architectuur namelijk alles in zich om het megalomane en totalitaire te dienen. Is fascistische of communistische architectuur per definitie de uiting van slechte, zieke en kwaadaardige smaak?

Het is bekend dat de sobere architectuur van Albert Speer terug gaat naar de neoclassicistische ontwerpen van de Franse architect Claude Nicolas Ledoux (1736-1806). In de tweede helft van de achttiende eeuw werd dit de stijl van de Verlichting. De “edele eenvoud en stille grootsheid” van het neoclassicisme propageerde de idealen van de Verlichting: vrijheid, gelijkheid en broederschap. Ironische genoeg ontwikkelde juist deze stijl zich tot officiële staatskunst en kreeg het despotische trekjes.

Ledoux
Claude Nicolas Ledoux 1770-1771
Pavillon de Mme du Barry in Louveciennes
voor Johann Winckelmann, de vader van het neoclassicisme, had het woord „klassiek„ de betekenis van „edle Einfalt und stille Grösse„

Het neoclassicisme was een reactie op het rococo. In de jaren zeventig van de achttiende eeuw was er met name in Frankrijk een abrupte overgang van het rococo naar het neoclassicisme. De kunst van het rococo beantwoordde aan de smaak van het ancien régime. Het was een lichte en wulpse kunst, gemaakt om te behagen en te vermaken. Na de dood van Lodewijk XV in 1774 begon men het rococo in Frankrijk steeds meer als een uiting slechte smaak te beschouwen. Het neoclassicisme bood het gezonde alternatief.

Als reactie op de frivole en broeierige tafereeltjes van het rococo kwam het neoclassicisme moraliserende voorstellingen die met een koel palet geschilderd waren. Het was een strenge en serieuze stijl die het volk moest verheffen in plaats vermaken. Opvoeding tot zedelijkheid in plaats van zedeloos vermaak. Het neoclassicisme werd de stijl van de Verlichting. Zo was de Franse Verlichtingsfilosoof Denis Diderot een groot bewonderaar van de schilder Jean-Baptiste Greuze. Zijn moraliserende voorstellingen hadden net als de filosofische teksten van Voltaire en Rousseau een opvoedkundige waarde. Dit was in de ogen van Diderot “goede kunst” omdat het uitging van het ideaal de mens te verheffen.

Speer
Albert Speer 1938
Neue Reichskanzlei in Berlijn

Voor de Verlichting was er geen plaats meer voor het rococo. De rococoschilder Fragonard raakte na 1780 volledig uit de gratie. Decennialang zou het neoclassicisme de heersende stijl zijn. In de 19e een 20e eeuw raakte het neoclassicisme besmet omdat het de stijl is waarmee dictators graag imponeren. Waarschijnlijk komt dat omdat deze architectuur herinneringen oproept aan de grootsheid van het Romeinse Rijk. Zo zag Hitler het ook. Zijn Berlijn moest Germania worden, het nieuwe Rome.

Entartete KunstBestaat er nu slechte smaak en foute kunst? Misschien gaat het juist daar verkeerd wanneer je één bepaalde stijl uitroept tot de officiële staatskunst. Daarom is het postmodernisme gehecht aan pluralisme. Rococo en neoclassicisme kunnen allebei. Realisme en abstractie ook. De ene stijl is niet beter dan de ander. Wanneer de ene stijl zich verheft boven de andere stijl, gaat het op den duur fout. Want neerkijken op de smaak van een ander is jezelf verheffen. En hoogmoed komt voor de val.

spookbeelden

Der Student von Prag (1913) – de invloed van de donkere Romantiek
op de expressionistische film in Duitsland (1919-1926)

Das Cabinet des Dr. CaligariToen ik Der Student von Prag (1913) zag, merkte ik hoe primitief de cinematografie honderd jaar geleden nog was. Nergens in de film zit een close up, laat staan een dollyshot. Toch kondigt deze film, die zeven jaar voor Das Cabinet des Dr. Caligari (1920) ontstond, de Duitse expressionistische film aan. Meestal denken we daarbij aan formele kenmerken zoals sterke licht-donkercontrasten, diagonalen en uitvergrootte emoties. Maar vaak wordt vergeten dat de Duitse expressionistische film wortelt in de Romantiek en dan blijkt Der Student von Prag een schakel tussen de Romantiek en de expressionistische film in Duitsland.

Expressionistische film is een stijlrichting binnen de filmkunst die in het begin van de jaren twintig in Duitsland ontstond, in de ‘filmhoofdstad’ Berlijn. Het waren stomme films. In Oostenrijk waren er al enkele jaren eerder expressionistische tendensen in de filmkunst doorgedrongen, die zich vanuit literatuurverfilmingen ontwikkelden. Als onderwerp van handeling werden vaak verhalen als volksverhalen, legendes en mythen gebruikt.
 
Bron: nl.wikipedia.org

Inhoudelijk liggen Der Student von Prag, Das Cabinet des Dr. Caligari en Nosferatu dicht bij elkaar. Het zijn namelijk griezelverhalen en het griezelverhaal is een uitvinding van de (donkere) Romantiek. De Duitse schrijver Hanns Heinz Ewers baseerde zijn verhaal Der Student von Prag losjes op verschillende bronnen: de Faust legende, William Wilson (1839) van Edgar Allen Poe, Peter Schlemihls wundersame Geschichte (1814) van Chamisso en vooral Die Geschichte vom verlornen Spiegelbilde (1815) van E.T.A. Hoffmann.

still uit The Student of Prague 1913
still uit Der Student von Prag (1913)
Balduin (Paul Wegener) komt zichzelf tegen
Paul Wegener zag dat dit soort eenvoudige trucages een droomwereld mogelijk maakten, waarin de fantastische en duistere verhalen van E.T.A Hoffmann tot leven konden komen.

In L’ecran demoniaque schrijft Lotte Eisner dat de toneelspeler Paul Wegener, die de student van Praag (Balduin) speelt, gefascineerd was door de mogelijkheden van de film. Er waren in dit nieuwe medium dingen mogelijk die op de planken nooit gerealiseerd konden worden. Dat zien we bijvoorbeeld in Der Student von Prag wanneer we Balduin verbijsterd ziet hoe zijn eigen spiegelbeeld triomfantelijk uit de spiegel stapt. Wegener zag dat dit soort eenvoudige trucages een droomwereld mogelijk maakten, waarin de fantastische en duistere verhalen van E.T.A Hoffmann tot leven konden komen.

In de jaren voor de Eerste Wereldoorlog waarin Wegener in Der Student von Prag (1913) en Der Golem (1914) speelde, was er vooral in Duitsland een grote belangstelling voor de psychoanalyse. Het onderbewustzijn werd artistiek geëxploiteerd, net als honderd jaar eerder toen de romantici zich op het onderbewustzijn stortten. Film bleek een ideale uitdrukkingsvorm om de binnenwereld zichtbaar te maken, want als geen ander medium konden “levende beelden” het etherische karakter van de ziel tot uitdrukking brengen, met name haar angsten en verlangens.

Friedrich en The Student of Prague 1926
still uit Der Student von Prag (1926) inzet: Zwei Männer in Betrachtung des Mondes van Caspar David Friedrich (1824)

Er kwamen verschillende remakes van Der Student von Prag. In de versie van Henrik Galeen uit 1926 zien we dat de art director goed gekeken heeft naar Zwei Männer in Betrachtung des Mondes van Caspar David Friedrich. Dit schilderij toont de romantische fascinatie voor het geheimzinnige. Het schilderij vat in eenvoudige beelden de Romantiek krachtig samen: de volle maan als het symbool van het onbewuste en de grillige boomwortels als beeld van het onnavolgbare van de natuur, waarin de mens geworpen is. We zien bij Friedrich de mens nooit zoals in Renaissancistische portretten als trotse heerser over het landschap, maar altijd als nietig figuurtje dat in de natuur “geworpen” is. Deze “geworpenheid” zien we ook in de Duitse expressionistische film. Het is niet voor niets dat het hoofdwerk van het existentialisme Sein und Zeit (1927) in de vroege jaren twintig ontstaan is. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Romantiek & Expressionisme [ W&V ]

Kino 1913

dinsdagnacht gezien op Arte: Der Student von Prag (1913)

Paul WegenerIn haar boek L’ ecran démoniaque schrijft Lotte Eisner over Der Student von Prag:

“When The Student of Prague came out, it was immediately realized that the cinema could become the perfect medium for Romantic anguish, dream-states, and those hazy imaginings which shade so easily into the infinite depths of that fragment of space-outside time, the screen.”

In 1913 stond de cinematografie nog in haar kinderschoenen. De shots zijn vaak langer dan een minuut en de camera beweegt niet, alsof je in de zaal naar een toneelstuk zit te kijken. Expressiemiddelen zijn er nauwelijks. Waar je een close up verwacht, blijft de statische camera het totaal vasthouden. Toch opende Der Student von Prag de weg naar de expressionistische Duitse film.

Loosely inspired by Edgar Allan Poe’s short story “William Wilson” and the classic legend of “Faust”, the story of Der Student Von Prag was conceived by German writer Hanns Heinz Ewers, a master of horror literature and one of the first writers to consider scriptwriting as valid as any other form of literature. Written at a time where cinema in Germany was still being developed as an art form, Der Student Von Prag shows a real willingness to actually use cinema to tell a fully developed story beyond a camera trick or a series of scenes. Like most of the scriptwriters of his time, Ewers screenplay is still very influenced by theater, although Der Student Von Prag begins to move away from that style. (Bron: w-cinema.blogspot.nl)
Der Student von Prag
still uit Der Student von Prag 1913
met Paul Wegener in de hoofdrol
Der Film entstand unter der Regie von Hanns Heinz Ewers (1871-1943), assistiert von dem dänischen Regisseur Stellan Rye (1880-1914). Aufgeboten wurde die Elite der deutschen Schauspieler vom Deutschen Theater Berlin: Paul Wegener in der Titelrolle des Studenten Balduin, seine damalige Frau Lyda Salmonova (Lyduschka) und Grete Berger (Comtesse Margit von Schwarzenberg), sowie John Gottowt in der Rolle des mysteriösen Scapinelli.
 
Die Dreharbeiten fanden in Berlin und Prag statt. Die Motivation zu diesem Filmprojekt war eine programmatische. Der vielseitig talentierte Hanns Heinz Ewers, zu seiner Zeit sehr populär als Autor fantastischer Geschichten zwischen Traum und Wahnsinn, hatte sich schon länger für die Ausdrucksmöglichkeiten des jungen Mediums Film interessiert. Er entdeckte in dieser Zeit das Kino als Ort irisierender Trugbilder, in denen sich das Unbewusste und Abgründige verfängt: Wenn es wahr ist, dass das Auge, dass die leise Geste der Hand dasselbe – und manchmal mehr – sagen kann, als das schönste Dichterwort, dann ist die Möglichkeit da, auch ohne Worte die Seele sprechen zu lassen.
 
Die Berliner Produktionsfirma Bioscop bot ihm an, sein eigenes Skript zu verfilmen, und so entstand eine perfekte Mischung aus Grusel-Kino, künstlerisch ambitionierter Regie und technischer Avanciertheit dank der Kamera-Arbeit von Guido Seeber. Gekrönt wurde das ganze Unternehmen dadurch, dass die Bioscop den prominenten Pianisten Josef Weiss mit einer Filmmusik beauftragte, die als Klavierauszug mit vielen Synchronangaben gedruckt wurde. So war es theoretisch möglich, den Film überall mit seiner Originalmusik aufzuführen, wenn nicht der Komponist selbst zur Verfügung stand, wie Kritiken aus Berlin, Breslau, Stuttgart und Düsseldorf belegen.
 
Bron: arte.tv

Der Student von Prag [ imdb.com ] | de.wikipedia.org