de geest uit de fles

komende vrijdagavond in: de ijzeren eeuw: stoom

De Schotse ingenieur James Watt (1736-1819) wordt beschouwd als de vader van de moderne stoommachine. We vergeten vaak dat Thomas Newcomen (1663-1729) de eigenlijke uitvinder van de stoommachine is. In 1712 ontwierp hij de eerste werkende stoommachine in de geschiedenis en deze werd vooral gebruikt om in de mijnbouw water uit mijnen te pompen. Vijftig jaar later zou James Watt het mechanisme van de stoommachine van Newcomen verbeteren en daar in 1769 patent op aanvragen. Deze verbeterde stoommachine van Watt wordt beschouwd als het begin van de industrialisering. De drijvende kracht achter de industriële revolutie was stoom. In de twintigste eeuw zou de elektriciteit het proces verder versnellen.

de ijzeren eeuw
Het fraai vormgegeven online tijdschrift bij de tv-serie de ijzeren eeuw deel 3: stoom

De IJzeren Eeuw is vrijdagavond gewijd aan de industriële revolutie en de sociale gevolgen daarvan. Het uitstekende lesmateriaal bij deze serie is 24 uur per dag toegankelijk via de ijzereneeuw.nl. Presentator Hans Goedkoop legt uit dat stoomkracht een vervanger werd van paardenkracht, de grootste kracht die de mens tot dan toe ter beschikking stond. Het vermogen van een machine werd vroeger uitgedrukt in paardenkracht. 1PK stond gelijk aan 21 mankrachten. Een machine van duizend PK had dus evenveel vermogen als 21.000 arbeiders. Met het stoomtijdperk leek in theorie een gouden toekomst aangebroken, maar voor de massa gebeurde precies het omgekeerde. Parallel aan de industrialisering ontwikkelde zich een proletariaat.

Na 1850 ging het hard. Was het totale vermogen van de stoommachines in de wereld dat jaar rond de honderdduizend “paardenkracht”, de nieuwe maat PK, in 1880 waren dat er rond de vijftig miljoen en twintig jaar daarna, de eeuwwisseling, was dat alweer verdubbeld tot zo’n honderd miljoen. Eén paardenkracht stond volgens schatting voor de kracht van 21 gezonde mannen, dus dat kwam neer op 2,1 miljard werklieden erbij. Die 24 uur per dag inzetbaar waren. Zonder ooit te staken. Zonder ziek te worden. Volmaakte slaven, vrijwel onbeperkt in aantal.
 
Bron: ijzereneeuw.nl/stoomkracht-in-nederland

Fabian de Bont laat in het zware arbeidersleven enkele arbeiders aan het woord, zoals Gerrit Bennink die in 1890 in een Twentse textielfabriek werkte: “Het is een arm bestaan, zonder maar ook één perspectief op beter leven: Elf uur lang verrichten ze in een bedompte fabriek eentonige arbeid. Elke dag weer. Het loon is niet veel en in elk huishouden moet ieder kind werken om het hoofd boven water te houden.”

ijzereneeuw.nl/stoom | ijzereneeuw.nl/stoomkracht-in-nederland/

5 mei 1975

herinneringen aan bevrijdingsdag 1975

1975Op 5 mei 1975 was ons land dertig jaar bevrijd. Als twaalfjarige kon ik mij bij dertig jaar nog niets voorstellen. Mijn vader keek toen terug op de meidagen van 1940 en 1945 met een kortere afstand die ik nu heb ten opzichte van 5 mei 1975. Ik kan mij deze dag nog tamelijk goed herinneren. In de zesde klas van de lagere school kregen we allemaal een poster in harde “jaren-zeventig-kleuren” waar “30 jaar vrij” op stond. Jarenlang heeft deze op de deur van mijn kamer gehangen. Ook verscheen een postzegel in grijswaarden met een veelzeggende voorstelling: een oog dat over prikkeldraad verwachtingsvol naar de toekomst kijkt. Vrijheid is niet vanzelfsprekend, ook in 1975 niet.

1975
30 jaar vrij (1975)

Voor mijn vader die van 1930 is, zijn de oorlogsjaren altijd goed in zijn herinnering gebleven. Inmiddels kan hij 75 jaar terugkijken en herinnert hij zich nog erg goed de dag van de Duitse inval. Hij moest met mijn opa en oma hals over kop evacueren vanwege de Slag om de Grebbeberg die de volgende dag zou losbarsten.

1975
mijn herinneringen worden vooral opgewekt en versterkt door muziek. hierboven de eerste vijftien platen uit de Top 40 van 10 mei 1975.

who the *) is … ? [ 11 ]

Claire Élisabeth Jeanne Gravier de Vergennes de Rémusat (1780-1821)

In het Rijk van de Geest is alles tegenwoordige tijd en alleen daar ben je onsterfelijk. Dat geldt in het bijzonder voor schrijvers. Immers, wie schrijft die blijft. Zolang we hen blijven lezen en gedenken, leven zij voort. En wanneer ze zijn weggezonken in het collectieve geheugen, kunnen ze met een lemma op wikipedia weer even tot leven worden gewekt. Vandaag: Claire Élisabeth Jeanne Gravier de Vergennes de Rémusat (1780-1821)

Madame de RémusatClaire Élisabeth Jeanne Gravier de Vergennes begon op haar eenentwintigste in 1802 als hofdame te werken voor Joséphine Bonaparte. Haar memoires uit de periode 1802-1808 werden in 1880 in twee delen uitgegeven door haar kleinzoon Paul de Rémusat. Deze memoires vormt een van de voornaamste primaire bronnen over het leven van Joséphine Bonaparte. Ook de meest recente biografie over Joséphine uit 2014 van Kate Williams maakt gebruik van “De Rémusat”. Een andere primaire bron waar uit geput wordt, is Mémoires de Napoleon door Louis Antoine Fauvelet de Bourrienne.

schaken met Napoleon
als hofdame was je vanzelfsprekend bereid om met Napoleon te schaken. Een schaakpartij uit 1805 tussen Napoleon en Claire de Rémusat is bewaard gebleven. In veertien zetten was Madame van het bord gespeeld.

Mémoires de Madame de Rémusat [ gutenberg.org ]