Op 27 juli is het 125 jaar geleden dat Vincent van Gogh zichzelf met een pistool dodelijk verwondde. Hij overleed twee dagen later in Auvers-sur-Oise. Er zijn weinig schilders die zo tot een mythe zijn uitgegroeid en de Hollywoodfilm uit 1956 heeft waarschijnlijk veel bijgedragen aan het beeld dat we ons van Vincent van Gogh hebben gevormd. Het liedje Starry Starry Night van Don McLean vult dat beeld muzikaal aan. Veel meer dan de filmscore van Miklós Rózsa met zijn explosieve orkest, waarmee de componist Van Gogh’s knallende kleuren in muziek heeft willen omzetten.
Ik zag de Lust for life lang geleden en nu ik de film gisteren nog eens zag, viel mij op hoe eendimensionaal het verhaal verteld wordt. Van Gogh wordt gepresenteerd als gepassioneerde eenling met een bijna hysterische Lebensbejahung. Tegelijkertijd was hij een getormenteerde ziel. Hij werd het prototype van de moderne kunstenaar. Als je de mythologisering rond zijn persoon eraf pelt, moet je wel tot de conclusie dat er ontelbare mannen als Van Gogh rondlopen. Wat Van Gogh uniek maakt, is zijn oorspronkelijke blik op de wereld, grenzend aan bezetenheid.

Paint your palette blue and grey,
Look out on a summer’s day,
With eyes that know the darkness in my soul.
Shadows on the hills,
Sketch the trees and the daffodils,
Catch the breeze and the winter chills,
In colors on the snowy linen land.
Bron: vangoghgallery.com

Vlak voor de Eerste Wereldoorlog had De Bazel opdracht gekregen om in Arnhem het hoofdkantoor van de Nederlandse Heide Maatschappij te bouwen. Vanmorgen liepen René en ik er langs. Het is een tamelijk streng en somber gebouw van donkere baksteen, maar weerspiegelt de geest aan het begin van de twintigste eeuw. Deze stond in het teken van het nieuwe bouwen, dat in Nederland vooral in gang gezet was door H.P.Berlage. Niet langer werden historische stijlen eindeloos herhaald en door elkaar geklutst, maar werd het materiaal als uitgangspunt genomen. Vaak waren dat bakstenen. De 














