Categorie archief: film

de ontwaakte camera

gisteren gezien op Arte: A bout de souffle (1960)

A bout de souffleGisterenavond nog eens gekeken naar de moeder van alle nouvelle vague films. Dit genre ontstond aan het einde van de jaren vijftig en werd vertegenwoordigd door Agnes Varda, Robert Bresson, Claude Chabrol, Alain Resnais, Jacques Rivette, Éric Rohmer, François Truffaut en Jean-Luc Godard.

De filmtaal van de nouvelle vague berust voor een deel op de deconstructie van de traditionele filmtaal. Zo worden er moedwillig as-fouten gemaakt. Dit betekent dat er tegen de 180-graden regel gezondigd wordt, waarbij in dialogen de personen in een hoek van 180 graden (dus recht) tegenover elkaar staan.

Stijlmiddelen van de Nouvelle Vague
Er wordt met een handcamera gefilmd, De personen spreken tegen de camera, Bewuste vergrijpen tegen de continuïteit, Gebruikmaken van springers (zogenoemde ‘jump-cuts’) en as-fouten, Doorgedreven ellipsgebruik, Klankband, Men hoort verschillende geluiden, Het geluid is niet synchroon, Het geluid gaat op en neer, Soort muziek: jazz (bedoeld om de kijker geconcentreerd te houden), auteur staat centraal (auteurstheorie) Bron: nl.wikipedia.org

Een ander stijlmiddel uit de nouvelle vague is de zogenaamde jumpcut, een haperende montage waarbij ook de filmhoek verandert. Deze stijlmiddelen geven aan de film een rommelige natuurlijkheid. Bij Godard laat de camera het kunstmatige van de aangeleerde filmtaal achter zich en gaat op zoek naar het echte leven.

Het denkende shot [ W&V ]

demonen en wonderen

gisteren gezien op TV5: Jacquot de Nantes (1991)
biografische film over de Franse cineast Jacques Demy van Agnes Varda

Jacquot de NantesDrie weken geleden overleed de Franse filmregisseur Agnes Varda (1928-2019), sinds 1990 weduwe van de Franse regisseur Jacques Demy (1931-1990). Vlak voor zijn dood maakte ze de biografische film Jacquot de Nantes waarin ze haar man als jongetje portretteert in zijn vaderstad Nantes tijdens en kort na de Tweede Wereldoorlog.

Al op jeugdige leeftijd wist Demy dat hij filmmaker wilde worden. In de etalage van een rommelwinkeltje in de fotogenieke Passage Pommeraye in Nantes (die figureert in zijn film Lola) vond hij zijn allereerste filmcamera. Deze moest nog met een slinger bediend worden. Hiermee maakte hij zijn eerste filmpje waarbij kinderen uit de omgeving figureerden. Zijn ambities om cineast te worden botsten met de wil van zijn vader die een klein garagebedrijf had en zijn zoon naar de polytechnische school wilde sturen zodat hij zijn vader kon opvolgen in de garage. Op een zoldertje boven de werkplaats van zijn vader bouwde Jacquot zijn eerste ‘studio’ waar hij stop motion filmpjes maakte met papieren figuurtjes.

Jacquot de Nantes
Jacques Demy als jongetje bij de garage van zijn vader in Jacquot de Nantes (1991)
Mais dans tes yeux entrouverts
Deux petites vagues sont restées

uit: Démons et merveilles
van Jacques Prévert

Bij Demy vallen zijn liefde voor film en zijn liefde voor zijn geboorteplaats met elkaar samen. Zoals Bertolucci intens verbonden is met zijn vaderstad Parma en Edgar Reitz met de Hunsruck, zo speelt in de auteursfilms van Demy de havenstad Nantes en de zee altijd wel een rol. En als hij filmt in andere havensteden, zoals Cherbourg (1964) of Rochefort (1967), dan is dat voor hem toch een beetje Nantes. Steeds zien we weer de matrozen die hij zo goed kende uit zijn jeugd.

Varda filmt net als Edgar Reitz in Heimat afwisselend in zwart-wit en kleur. Ze tast graag in extreme close ups oppervlakten af. Zo eindigt de film ook, met een wandeling van de camera langs het schuim en zeewier in de branding. Totdat we Jacques Demy zelf op het strand zien zitten, vlak voor zijn dood gefilmd toen hij al doodziek was. Het gedicht Jacques Prévert Démons et merveilles (demonen en wonderen) wordt daarbij zachtjes gezongen. Een gedicht dat Demy op zijn lijf geschreven was.

Jacques Demy zag altijd het betoverende in het aardse, maar de betovering stond nooit op zichzelf en was steeds verbonden met de pijn van het afscheid nemen. Agnes Varda zei over zijn films: “Zijn films doen van het leven houden. Ze geven vreugde en de kracht om te wachten”. Maar ze hebben een dubbele persoonlijkheid: enerzijds zijn het ernstige gevoelsfilms met diepe wortels, anderzijds zulke lichte bloemen dat het zonnige sneeuwvlokjes lijken”

Démons et merveilles, vents et marées
Au loin déjà la mer s’est retirée
Et toi comme une algue
Doucement caressée par le vent
Dans les sables du lit
Tu remues en rêvant
 
Démons et merveilles, vents et marées
Au loin déjà la mer s’est retirée
Mais dans tes yeux entrouverts
Deux petites vagues sont restées
 
Démons et merveilles, vents et marées
Deux petites vagues pour me noyer

Demonen en wonderen, wind en getijden / In de verte heeft de zee zich al teruggetrokken / En je houdt van een stukje zeewier / voorzichtig gestreeld door de wind / in het zand van het bed / Je beweegt je terwijl je droomt / Demonen en wonderen, wind en getijden / In de verte heeft de zee zich al teruggetrokken / Maar in je halfopen ogen / bleven er nog twee golfjes over / Demonen en wonderen, wind en getijden / Twee golfjes om me te verdrinken

Jacquot de Nantes [ imdb.com ] | the essential Jacques Demy [ criterion.com ]

Saudade [ 3 ]

opnieuw gezien: Os misterios de Lisboa (2010) van Raul Ruiz

Camilo Castelo BrancoVan Simon Vestdijk wordt wel eens gezegd dat hij niet geleefd maar geschreven heeft. Zijn literaire productie was zo buitengewoon groot dat er voor het echte leven maar weinig tijd overbleef. Bij de Portugese schrijver Camilo Castelo Branco (1825-1890) kun je dat moeilijk zeggen. Ook hij produceerde enorm veel (honderden romans, toneelstukken en essays) maar had daarnaast een veelbewogen leven. Os misterios de Lisboa, een van zijn bekendste romans, die oorspronkelijk in 1853 als feuilleton verscheen in een dagblad in Porto, liet al zien dat Branco ‘kleinmenselijk’ drama van binnenuit kende.

Met deze roman vestigde hij op 29-jarige leven zijn reputatie als romancier en had toen al een dramatisch verleden achter de rug. Op zijn vierentwintigste werd hij gearresteerd omdat hij zijn overleden jonge vrouw had opgegraven. Het zou niet de laatste keer zijn dat hij in de gevangenis belandde. Later werd hij opnieuw, en nu voor langere tijd, opgesloten omdat hij een affaire had met een getrouwde vrouw. Tijdens zijn tweede verblijf in de gevangenis schreef hij in 1861 Amor de perdição (Noodlottige Liefde), een van zijn bekendste romans. Samen met Eça de Queiroz (1845-1900) is hij de grootste Portugese auteur uit de 19e eeuw. Nog altijd is literatuur minnend Portugal verdeeld in twee kampen. Je bent Camiliaan of Eça-fanaat. Als je van de een houdt, hou je meestal niet van het werk van de ander. Branco is dan ook een verplicht nummer, vergelijkbaar met Multatuli in Nederland.

In 2010 werd Mistérios de Lisboa (1854) verfilmd door Raul Ruiz. Het is een weergaloze film geworden met adembenemende fotografie, met een heel eigen visie en superieur aan het gemiddelde kostuumdrama dat je op televisie ziet dat weliswaar degelijk gemaakt is, maar toch productiewerk is. Ruiz vertelt zijn verhaal rustig en is zeer spaarzaam met takes en camerabewegingen. Zo ontstaat een contemplatieve sfeer die bijzonder goed past in de laat-romantische traditie waarin Branco schreef en de vroege negentiende eeuw waarin de verhalen van Os misterios de Lisboa zich afspelen.

Os misterios de Lisboa
Angela en Pedro, de ouders van de jonge edelman die in Os Misterios de Lisboa op zoek gaat naar zijn identiteit en in een web van vervlochten levens verstrikt blijkt te zijn.
Raul Ruiz plaatst in navolging van Kubrick zijn acteurs vaak in bevroren poses in lange statische takes en vermijdt in dialogen close ups. Zo worden zijn beelden tableau vivants.

Toen ik deze film vier jaar geleden voor de eerste keer zag, moest ik al vaak denken aan Barry Lyndon (1975) het meesterlijke ‘kostuumdrama’ van Stanley Kubrick. Raul Ruiz plaatst in navolging van Kubrick zijn acteurs vaak in bevroren poses in lange statische takes en vermijdt in dialogen close ups. Zo worden zijn beelden tableau vivants. Maar omdat het film is, wrikken de acteurs zich langzaam los uit het “schilderij” waarin ze zich bevinden. Film op het randje van de schilderkunst. Wie van dynamiek houdt, zal deze statische beelden oervervelend vinden. Maar in onze tijd van hyper bewegelijke (virtuele) camera’s vind ik deze contemplatieve benadering een verademing. Laten we onze ogen weer eens echt gaan gebruiken en ons oefenen in ‘langzaam kijken‘.

Veel werk publiceerde Camilo Castelo Branco alleen om de rekeningen te betalen, maar hij bleef altijd origineel. Hij maakte sterke personages en Portugese types, waaronder de “brasileiro” (een teruggekeerde Portugese emigrant die rijk was geworden in Brazilië), de oude Fidalgo (een edelman uit het noorden van Portugal) en de priester uit Minho. Als gevolg van syphilis werd Branco blind en leed hij aan een chronische zenuwziekte. Op 1 juni 1890 pleegde hij zelfmoord met een revolver, terwijl hij in zijn beroemde houten schommelstoel zat. (Bron: nl.wikipedia.org)

Saudade [1] | Saudade [2]