Maandelijks archief: maart 2009

vastentijd [ 2 ]

vandaag is de tweede dag van de Grote Vasten
20 De opperste Wijsheid roept overluid daarbuiten; Zij verheft Haar stem op de straten.
21 Zij roept in het voorste der woelingen; aan de deuren der poorten spreekt Zij Haar redenen in de stad;
22 Gij slechten! hoe lang zult gij de slechtigheid beminnen, en de spotters voor zich de spotternij begeren, en de zotten wetenschap haten?
23 Keert u tot Mijn bestraffing; ziet, Ik zal Mijn Geest ulieden overvloediglijk uitstorten; Ik zal Mijn woorden u bekend maken.
24 Dewijl Ik geroepen heb, en gijlieden geweigerd hebt; Mijn hand uitgestrekt heb, en er niemand was, die opmerkte;
25 En gij al Mijn raad verworpen, en Mijn bestraffing niet gewild hebt;
26 Zo zal Ik ook in ulieder verderf lachen; Ik zal spotten, wanneer uw vreze komt.
27 Wanneer uw vreze komt gelijk een verwoesting, en uw verderf aankomt als een wervelwind; wanneer u benauwdheid en angst overkomt;
28 Dan zullen zij tot Mij roepen, maar Ik zal niet antwoorden; zij zullen Mij vroeg zoeken, maar zullen Mij niet vinden;
29 Daarom, dat zij de wetenschap gehaat hebben, en de vreze des Heeren niet hebben verkoren.
30 Zij hebben in Mijn raad niet bewilligd; al Mijn bestraffingen hebben zij versmaad;
31 Zo zullen zij eten van de vrucht van hun weg, en zich verzadigen met hun raadslagen.
32 Want de afkering der slechten zal hen doden, en de voorspoed der zotten zal hen verderven.
33 Maar die naar Mij hoort, zal zeker wonen, en hij zal gerust zijn van de vreze des kwaads.
 
Bron: Spreuken 1:20-33
Maar die naar Mij hoort, zal zeker wonen, en hij zal gerust zijn van de vreze des kwaads.

Spreuken 1:33

Andere lezingen vandaag Jesaja 1:19-2:3 en Genesis 1:14-23

vastentijd [ 1 ]

in de Orthodoxe Kerk begint vandaag de Grote Vasten
1 De spreuken van Salomo, den zoon van David, den koning van Israël,
2 Om wijsheid en tucht te weten; om te verstaan redenen des verstands;
3 Om aan te nemen onderwijs van goed verstand, gerechtigheid, en recht, en billijkheden;
4 Om den slechten kloekzinnigheid te geven, den jongeling wetenschap en bedachtzaamheid.
5 Die wijs is, zal horen, en zal in lere toenemen; en die verstandig is, zal wijzen raad bekomen;
6 Om te verstaan een spreuk en de uitlegging, de woorden der wijzen en hun raadselen.
7 De vrees des Heeren is het beginsel der wetenschap; de dwazen verachten wijsheid en tucht
8 Mijn zoon! hoor de tucht uws vaders, en verlaat de leer uwer moeder niet;
9 Want zij zullen uw hoofd een aangenaam toevoegsel zijn, en ketenen aan uw hals.
10 Mijn zoon! indien de zondaars u aanlokken, bewillig niet;
11 Indien zij zeggen: Ga met ons, laat ons loeren op bloed, ons versteken tegen den onschuldige, zonder oorzaak;
12 Laat ons hen levend verslinden, als het graf; ja, geheel en al, gelijk die in den kuil nederdalen;
13 Alle kostelijk goed zullen wij vinden, onze huizen zullen wij met roof vullen.
14 Gij zult uw lot midden onder ons werpen; wij zullen allen een buidel hebben.
15 Mijn zoon! wandel niet met hen op den weg; weer uw voet van hun pad.
16 Want hun voeten lopen ten boze; en zij haasten zich om bloed te storten.
17 Zekerlijk, het net wordt tevergeefs gespreid voor de ogen van allerlei gevogelte;
18 En deze loeren op hun eigen bloed, en versteken zich tegen hun zielen.
19 Zo zijn de paden van een iegelijk, die gierigheid pleegt; zij zal de ziel van haar meester vangen.
20 De opperste Wijsheid roept overluid daarbuiten; Zij verheft Haar stem op de straten.
 
Bron: Spreuken 1:1-20
De vrees des Heeren is het beginsel der wetenschap

Spreuken 1: 7

tijdens de Grote Vasten bidden wij
het gebed van Ephraïm de Syriër
 
Ephraïm de Syriër
 
Heer en Meester van mijn leven,
bevrijd mij van de geest van ledigheid,
moedeloosheid, heerszucht en ijdel gepraat
(grote buiging)
maar geef mij, Meester van mijn leven
de geest van nederigheid, deemoed, geduld en liefde
(grote buiging)
Ja Heer, laat mij geen oordeel vellen over mijn broeder en zuster
maar leer mij slechts mijn eigen fouten zien
want Gij zijt gezegend in de eeuwen der eeuwen.
Amen
Heer, reinig mij van mijn zonden
(12x en telkens kleine buiging)
(tenslotte nog 1x het hele gebed afgesloten met een grote buiging)

Andere lezingen vandaag Genesis 1: 1-13 en Jesaja 1:1-20

de verdrijving uit het Paradijs

Vandaag viert de Orthodoxe Kerk Vergevingszondag
de vooravond van de Grote Vasten die morgen begint
Tropaar van Vergevingszondag
Een bittere spijze was het die Adam uit het paradijs verdreven heeft : hij weigerde om te vasten volgens het gebod van zijn Heer, en werd toen veroordeeld om de aarde, waaruit hij genomen was, met veel moeite te bewerken, en zijn brood te eten in het zweet zijns aanschijns. Laat ons daarom het vasten beminnen, opdat wij niet als Adam wenen moeten buiten het Paradijs, maar dat wij daarin mogen binnentreden.
Verdrijving uit het Paradijs
de verdrijving uit het Paradijs
Schenk mij het woord,
Gij die het Woord des Vaders zijt,
want zie, mijn lippen
houden niet op om tot U te roepen
Barmhartige, ontferm U mijner,
die gevallen ben.
Kondaak van Vergevingszondag
Gids der wijsheid, Schenker van het verstand, Opvoeder der onverstandigen en Beschermer der armen, bevestig en onderricht mijn hart, o Meester. Schenk mij het woord, Gij die het Woord des Vaders zijt, want zie, mijn lippen houden niet op om tot u te roepen : Barmhartige, ontferm U mijner, die gevallen ben.

blog van Christiaan Biesbroeck met veel informatie over de Orthodoxie