Maandelijks archief: maart 2009

vastentijd [ 26 ]

vandaag is de zesentwintigste dag van de Grote Vasten
15 De slechte gelooft alle woord; maar de kloekzinnige merkt op zijn gang.
16 De wijze vreest, en wijkt van het kwade; maar de zot is oplopende toornig, en zorgeloos.
17 Die haastig is tot toorn, zal dwaasheid doen; en een man van schandelijke verdichtselen zal gehaat worden.
18 De slechten erven dwaasheid; maar de kloekzinnigen zullen zich met wetenschap kronen.
19 De kwaden buigen voor het aangezicht der goeden neder, en de goddelozen voor de poorten des rechtvaardigen.
20 De arme wordt zelfs van zijn vriend gehaat; maar de liefhebbers des rijken zijn vele.
21 Die zijn naaste veracht, zondigt; maar die zich der nederigen ontfermt, die is welgelukzalig.
22 Dwalen zij niet, die kwaad stichten? Maar weldadigheid en trouw is voor degenen, die goed stichten.
23 In allen smartelijken arbeid is overschot; maar het woord der lippen strekt alleen tot gebrek.
24 Der wijzen kroon is hun rijkdom; de dwaasheid der zotten is dwaasheid.
25 Een waarachtig getuige redt de zielen; maar die leugens blaast, is een bedrieger.
26 In de vreze des Heeren is een sterk vertrouwen, en Hij zal Zijn kinderen een Toevlucht wezen.
 
Bron: Spreuken 14:15-26
De wijze vreest, en wijkt van het kwade; maar de zot is oplopende toornig, en zorgeloos.

Spreuken 14:16

andere lezingen vandaag: Genesis 12:1-7 en Jesaja 29:13-23

Sir Anthony in Londen [ 1 ]

Van Dyck and Britain – Tate Gallery London t/m 17 mei 2009

Sir Anthony en Sir Alma zijn naar mijn weten de enige twee schilders uit de Lage Landen die het in tot Sir hebben geschopt (beter gezegd: die in Engeland tot Sir geslagen zijn). Ze worden meer als Engelse schilders gezien dan als schilders uit Vlaanderen en Friesland die beiden in Antwerpen hun artistieke vorming hebben gehad.

Van Dyck 1633
Sir Anthony van Dyck zelfportret uit 1633
Is Anthony van Dyck a British artist? The question may seem obtuse since he was born in the southern Netherlands and trained in Antwerp. On the other hand – and much to some people’s surprise – the New Dictionary of National Biography recently allocated him the second longest entry for a British artist after Turner, and therefore ahead of Hogarth, Gainsborough and Reynolds. Such rankings and classifications may appear faintly absurd, but they mask a serious issue, even though it may seem more important to consider where an artist worked, and for whom, rather than how he or she may fit into the traditional scheme of a national school.
Bron: tate.org.uk

Sir Anthony van Dyck (1599-1641) was born and trained in the great art centre of Antwerp. He made a brief visit to London in 1620-21 before returning in 1632 to King Charles I’s court. Intensely ambitious and hugely productive, he re-invented portrait-painting in Britain, retaining his pre-eminence until his premature death at the age of 42. Working in a period of intense political ferment during the run-up to the British Civil War, van Dyck portrayed many of the leading characters of the period. His iconic portraits of King Charles I have shaped our view of the Stuart monarchy, while the compositions he used influenced many future generations of British painters ( Bron: tate.org.uk )

Bekijk deze tentoonstelling online

vastentijd [ 25 ]

vandaag is de viifentwintigste dag van de Grote Vasten
19 De begeerte, die geschiedt, is zoet voor de ziel; maar het is den zotten een gruwel van het kwade af te wijken.
20 Die met de wijzen omgaat, zal wijs worden; maar die der zotten metgezel is, zal verbroken worden.
21 Het kwaad zal de zondaars vervolgen; maar den rechtvaardige zal men goed vergelden.
22 De goede zal zijner kinders kinderen doen erven; maar het vermogen des zondaars is voor den rechtvaardige weggelegd.
23 Het ploegen der armen geeft veelheid der spijze; maar daar is een, die verteerd wordt door gebrek van oordeel.
24 Die zijn roede inhoudt, haat zijn zoon; maar die hem liefheeft, zoekt hem vroeg met tuchtiging.
25 De rechtvaardige eet tot verzadiging zijner ziel toe; maar de buik der goddelozen zal gebrek hebben.
1 Elke wijze vrouw bouwt haar huis; maar die zeer dwaas is, breekt het af met haar handen.
2 Die in zijn oprechtheid wandelt, vreest den Heere; maar die afwijkt in zijn wegen, veracht Hem.
3 In den mond des dwazen is een roede des hoogmoeds; maar de lippen der wijzen bewaren hen.
4 Als er geen ossen zijn, zo is de krib rein; maar door de kracht van den os is der inkomsten veel.
5 Een waarachtig getuige zal niet liegen; maar een vals getuige blaast leugens.
6 De spotter zoekt wijsheid, en er is gene; maar de wetenschap is voor den verstandige licht.
 
Bron: Spreuken 13:19-14:6
Die in zijn oprechtheid wandelt, vreest den Heere; maar die afwijkt in zijn wegen, veracht Hem

Spreuken 14:2

andere lezingen vandaag: Genesis 10:32-11:9 en Jesaja 28:14-22