Maandelijks archief: april 2009

De heimweefabriek

gekocht: de heimweefabriek (2008) van Douwe Draaisma

De heimweefabriekEen jaar of vijftien geleden kocht ik bij De Slegte Het Verborgen Raderwerk (Over Tijd, Machines En Bewustzijn) van de toen nog tamelijk onbekende Douwe Draaisma. Tegenwoordig liggen zijn boeken niet meer bij De Slegte, want Douwe Draaisma is een bestsellerauteur geworden die oplagen haalt van meer dan 100.000 exemplaren. Ook heeft hij zijn weg naar het buitenland gevonden met vertalingen in het Engels, Frans, Duits, Italiaans en Pools. Dit succes heeft hij enerzijds te danken aan zijn expertise en schrijftalent. Aan de andere kant aan de overweldigende belangstelling voor het zogenaamde ‘autobiografische geheugen’, een collectieve behoefte die ook Geert Mak de afgelopen tien jaar tot een bestsellerauteur heeft gemaakt. De individualisering doet ons op een persoonlijke manier naar de geschiedenis kijken: niet meer vanuit de kronieken, lijstjes met jaartallen of chronologieën die zich achteraf en van bovenaf gevormd hebben, maar van binnenuit. De Duitse familiekroniek Heimat van Edgar Reitz die vijfentwintig jaar geleden op de VPRO-televisie te zien was, is daar een goed voorbeeld van. De grote geschiedenis gezien vanuit een boerendorpje op de Hunsrück. In de jaren negentig volgde in Nederland het enorme succes van De eeuw van mijn vader en Hoe God verdween uit Jorwerd. Inmiddels wordt deze vorm van kleine en persoonlijke geschiedschrijving breed nagevolgd.

Douwe DraaismaDouwe Draaisma voegt nog iets toe aan deze belangstelling voor geschiedenis vanuit het persoonlijke perspectief. Als hoogleraar in de geschiedenis van de psychologie is hij geen historicus als Geert Mak (maar Mak is op zijn beurt natuurlijk ook geen academisch gevormde historicus zoals bijvoorbeeld Johan Huizinga, Pieter Geyl of Jan Romein dat waren.) Zijn vakgebied is het menselijk brein en in het bijzonder het geheugen. Draaisma kijkt niet naar de geschiedenis zelf maar naar het instrument waarmee we deze geschiedenis, die in de eerste plaats onze eigen geschiedenis is, ordenen, interpreteren en begrijpen. Het geheugen raakt ons allemaal omdat we zo geneigd zijn ons met het geheugen te identificeren. Maar er komt nog iets bij: door de vergrijzing komt er voor steeds meer Nederlanders tijd vrij voor creatieve hobbies, lezen, reizen of genealogisch onderzoek. En al die jongere en oudere senioren zijn bijzonder vertrouwd met verschijnselen waar Draaisma over schrijft: vergeetachtigheid bijvoorbeeld. Of de vraag waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt. Draaisma schrijft de bevindingen uit de wetenschap toegankelijk op en weet daarbij effectief te citeren. Bijvoorbeeld Confucius: “de bleekste inkt is beter dan het voortreffelijkste geheugen”. Of Cees Nooteboom: “De herinnering is als een hond die gaat liggen waar hij wil.”

De herinnering is als een hond
die gaat liggen waar hij wil.

Cees Nooteboom in Rituelen

De wijsheid komt met de jaren. Maar vergeetachtigheid gaat haar voor. En daarom zetten we alles in om ons geheugen scherp te houden, van braintraining tot vitaminepreparaat. Maar is het zinvol al die hersengymnastiek? Douwe Draaisma neemt het op voor het oude geheugen. Met oog voor detail ontzenuwt hij de gemeenplaatsen over het brein en vertelt op liefdevolle wijze het ware verhaal over de dingen die voorbij gaan. Over de ongrijpbaarheid van de herinnering, de markt van het grote vergeten en over de heimwee naar de wereld die alleen nog in de herinnering bestaat. Maar ook over de onverwachte genoegens van een ouder wordend geheugen, zoals het zogenaamde reminiscentie-effect,dat maakt dat herinneringen aan de jeugd soms met nieuwe kracht terugkeren. De Heimweefabriek maakt duidelijk dat de tijd niet alleen iets doet met het geheugen, het geheugen doet ook iets met de tijd.
 
Bron: historischeuitgeverij.nl

douwedraaisma.nl | recensieweb.nl

die Welt als Wille und Vorstellung

gisteren gezien: North by Northwest (1959)

vistavisonEen halve eeuw geleden leek de wereld mij een stuk mooier. Of moet ik zeggen dat ik hou van die bril met vistavison glazen en een zweem van technicolor over de dingen. Maar toch ook van die dingen zelf. Aangeraakt door ongeremd optimisme en vooruitgangsgeloof, leken zij de hemel op aarde te brengen. Een valse voorstelling, ik weet het. Maar illusies verzachten ook met terugwerkende kracht de werkelijkheid en daarom blijf ik de zoete pijn van de nostalgie koesteren. Een goede manier om mij even helemaal onder te dompelen in het verleden, is het kijken van een oude film en dan te letten op ogenschijnlijke bijzaken: een geparkeerde auto, de kleding van de voorbijgangers op straat, het meubilair in de lounge van het hotel, de uithangborden in de stad…

1957 Ford Custom
1957 Ford Custom
voor United Nations Headquarters in New York in North by Northwest (1959)
1958 Lincoln Continental Mark III
1958 Lincoln Continental Mark III (links)
voor Mount Rushmore (South-Dakota)
in North by Northwest (1959)

North by Northwest stond gisteren op het menu, de Hitchcock-klassieker waarvan gezegd wordt dat het de eerste “James Bond” film was. En het is waar. Het flinterdunne spionageverhaaltje, de humoristische dialogen, de gentleman en het meisje, de vele locatiewisselingen, de modernistische ranch, de actiescenes (o.a. bij een landmark), het tijdsbeeld. Het lijkt soms sprekend Goldfinger, maar dat zeg ik omdat ik Goldfinger (1963) al vele malen gezien had, voordat ik North by Nortwest zag. Het was toch Hitchcock die het ‘James Bond concept’ als eerste in de praktijk bracht, ook al maakte hij nooit één James Bond film.

North by Northwest
Cary Grant en Eva Marie Saint

Voor de ‘inhoud’ (voor zover je bij een onzinplot over inhoud kunt spreken) hoef ik crowdpleasers als North by Northwest of Goldfinger niet te zien. Maar als tijdsdocument vind ik ze wel interessant. In mijn verbeelding dring ik dan ergens op de achtergrond of net buiten beeld de film binnen in een wereld die niet meer bestaat. Het maakt mij niet altijd uit of het tijdsbeeld echt is of gereconstrueerd. Een perfectionist als Martin Scorcese doet dat laatste met Aviator bijvoorbeeld tot in de puntjes. Hij liet voor die film zelfs alles in technicolor opnemen. Het is de filmische werkelijkheid, de wereld als voorstelling en een metafoor van de werkelijkheid zélf. “Maar ondertussen bromt onder dit alles de blinde wil, die ons allen voortstuwt door de tijd, doelloos draaiend om een tijdloos midden…” zou de pessimistische filosoof eraan toevoegen.

vintage trailer ingeleid door Alfred Hitchcock

andere bekende films uit 1959
Ben-Hur, Some Like it hot, The Nun’s Story, Anatomy of a Murder, Tiger Bay, Sleeping Beauty, Hound of the Baskervilles, Pillow Talk, Rio Bravo,
Bron: movies.toptenreviews.com

oldtimers in North by Northwest [ imcdb.org ]

Eisenbahngleichnis

uit Doktor Erich Kästners Lyrische Hausapotheke
van Erich Kästner (1899-1974)

Das Eisenbahngleichnis
 
Wir sitzen alle im gleichen Zug
und reisen quer durch die Zeit.
Wir sehen hinaus. Wir sahen genug.
Wir fahren alle im gleichen Zug.
Und keiner weiß, wie weit.
 
Ein Nachbar schläft, ein anderer klagt,
ein dritter redet viel.
Stationen werden angesagt.
Der Zug, der durch die Jahre jagt,
kommt niemals an sein Ziel.
 
Wir packen aus. Wir packen ein.
Wir finden keinen Sinn.
Wo werden wir wohl morgen sein?
Der Schaffner schaut zur Tür herein
und lächelt vor sich hin.
 
Auch er weiß nicht, wohin er will.
Er schweigt und geht hinaus.
Da heult die Zusirene schrill!
Der Zug fährt langsam und hält still.
Die Toten steigen aus.
 
Ein Kind steigt aus. Die Mutter schreit.
Die Toten stehen stumm
am Bahnsteig der Vergangenheit.
Der Zug fährt weiter, er jagt durch die Zeit,
und niemand weiß, warum.
 
Die I. Klasse ist fast leer.
Ein feister Herr sitzt stolz
im roten Plüsch und atmet schwer.
Er ist allein und spürt das sehr.
Die Mehrheit sitzt auf Holz.
 
Wir reisen alle im gleichen Zug
zu Gegenwart in spe.
Wir sehen hinaus. Wir sahen genug.
Wir sitzen alle im gleichen Zug
und viele im falschen Coupé.

 
Bron: gedichte.xbib.de

Doktor Erich Kästners Lyrische HausapothekeDoktor Erich Kästners Lyrische Hausapotheke ist eine Gedichtesammlung Erich Kästners, die erstmals 1936 in der Schweiz erschien. Sie vereinigte zahlreiche bereits vorher erschienene sowie neu veröffentlichte Gedichte des Autors in einem Band. Die Besonderheit des Bandes ist die im Vorwort empfohlene Anwendung in Art einer Apotheke. Der Leser findet unter 36 aufgeführten Leiden und Unannehmlichkeiten von „A bis Z“ (Kästner nennt diese die Etiketten einer Arnzneiflasche, seine Gedichte selbst Arznei) den eigenen körperlichen bzw. Seelenzustand wieder. Dahinter wird Auskunft gegeben, welche Seiten er zur Linderung seines jeweiligen Zustandes aufschlagen kann.

Bron: de.wikipedia.org

erichkaestnergesellschaft.de | Erich Kästner [ de.wikipedia.org ]