Franse noir

How the French birthed film noir van Ginette Vincendeau
gisteren gepubliceerd in Sight and Sound

Ondanks zijn Franse naam, wordt film noir over het algemeen als een typisch Amerikaans fenomeen beschouwd. De filmcriticus Nino Frank wordt gezien als degene die de term noir in 1946 gemunt heeft, nadat het genre in de Verenigde Staten tot bloei was gekomen. Maar voor de Tweede Wereldoorlog bestonden er in Frankrijk al rauw realistische films die het predicaat noir verdienen. Pépé le Moko van Duvivier (1937), La Bête humaine van Renoir (1938), Le Quai des brumes (1938) en Le jour se lève van Carné (1939) bijvoorbeeld, alle vier met Jean Gabin (1904-1976) in de hoofdrol.

La bête humaine
La Bête humaine (1938) is Renoir’s bewerking van de roman van Emile Zola uit 1890

Le dernier Tournant van Chenal uit 1939 was de eerste verfilming van The postman always rings twice van James M.Cain. Zeven jaar voor de legendarische verfilming met James Garfield en Lana Turner was deze roman in Frankrijk dus al verfilmd. In een filmbespreking uit 1939 lezen we:

Here is another film noir, which belongs to the sinister series which starts with Les Bas-fonds and Crime et châtiment and continues with Pépé le Moko and Le Quai des brumes, La Bête humaine and Hôtel du Nord. No doubt this series has produced the most significant French films of the last few years.
 
Bron: bfi.org.uk

De term film noir werd dus vlak vóór de oorlog in Frankrijk al gebruikt en bovenstaande films werden al tot het genre gerekend, nog voordat Amerikaanse films het predicaat noir opgeplakt kregen. Ginette Vincendeau schrijft in How the French birthed film noir hoe de ontwikkeling van de fotografie tijdens het interbellum in Parijs van doorslaggevend belang zou zijn geweest voor het ontstaan van de film noir vanuit een rauwe realisme waarbij Franse schrijvers uit de late negentiende eeuw de weg hadden bereid:

From different corners of high and low literature, this interest in the dark corners of French society proved highly successful (extending also to popular song) and provides part of the cultural background that eventually led to French film noir. But the migration of these motifs to French cinema only came about through developments in photography and cinematography that converged in the French capital between the two world wars. Although dark melodramas and crime cinema existed in the silent period, French film noir proper began with the coming of sound around 1930.
 
Bron: bfi.org.uk
Quai des orfèvres
Quai des orfèvres (1947) van Clouzot

Franse film noirs 1932-1962
 
La nuit du carrefour (Renoir) 1932
Pépé le Moko (Duvivier) 1937
La Bête humaine (Renoir) 1938
Le jour se lève (Carné) 1939
Le dernier Tournant (Chenal) 1939
Le Corbeau (Clouzot) 1943
Quai des orfèvres (Clouzot) 1947
Une si jolie petite plage (Allégret) 1949
Touche pas au grisbi (Becker) 1954
Rififi (Dassin) 1955
Voici le temps des assassins (Duvivier) 1956
Les Doulos (Melville) 1962

How the French birthed film noir [bfi.org.uk]

hard boiled

The Life of Raymond Chandler (2012) van Tom Williams

The big sleepDe weblog Out of the past van Raquel bestaat al bijna tien jaar en heeft haar focus op de film tussen 1920 en 1970. Vandaag schrijft ze over een van mijn favoriete schrijvers, Raymond Chandler, de geestelijk vader van private eye Phillip Marlowe, die door Humprey Bogart in The Big Sleep (1946) eeuwigheidsstatus heeft gekregen.

Farewel my lovelyThe Big Sleep werd in 1939 Chandler’s grote doorbraak, gevolgd door Farewell my lovely in het jaar daarop. Beide romans werden kort daarop verfilmd, de laatste als Murder my sweet in 1944. Philip Marlowe werd in deze film gespeeld door Dick Powell. Twee jaar later kwam de legendarische vertolking van Humprey Bogart in The Big Sleep.

In 1947 werd ook Chandler‘s roman The Lady in the Lake uit 1943 verfilmd. Marlowe werd hier gespeeld door Robert Montgomery. We zien hem in deze film echter maar een paar keer verschijnen op momenten dat hij voor een spiegel staat. Want The Lady in the Lake is consequent vanuit de ogen van de hoofdpersoon gefilmd. Deze hypersubjectieve Point of View komt nogal geforceerd over en is daarna ook niet veel meer toegepast.

The life of Raymond ChandlerI enjoyed reading about Raymond Chandler’s work as a novelist, short story writer and screenwriter especially. Hollywood came knocking and Chandler got a gig as a screenwriter at Paramount. His first project was working with Billy Wilder on adapting Cain’s Double Indemnity for the big screen. But Chandler got a rough start in Hollywood. He couldn’t see eye-to-eye with anyone and when Double Indemnity was nominated for a Best Screenplay Oscar he didn’t even show up to the ceremony. Yet is work continued as he adapted The Blue Dahlia, And Now Tomorrow, The Unseen and other movies. He briefly worked on the adaptation of his own novel The Lady in the Lake. Always an admirer of Hitchcock, he was thrilled to work with him on adapting Highsmith’s Strangers on a Train but the two butted heads and Chandler was kicked off the project. Chandler might not have appreciated the modest success of his novels and film adaptations at the time because he could not forsee the fame and recognition that was to come.
 
Bron: outofthepastblog.com
Humprey Bogart
hard boiled private eye
Humprey Bogart is Philip Marlowe

outofthepastblog.com

verlaten jeu de boule

De charge van de lichte brigade tijdens de Slag om Balaklava (1854)
in Opgespoorde wonderen (2003) van Rudy Kousbroek

opgespoorde wonderenIn 1855 maakte de Engelse fotograaf Roger Fenton de eerste oorlogsfoto uit de geschiedenis. Deze verscheen onder de titel The Valley of the Shadow of Death. Het is een ontstellend lege foto. We zien een kaal landschap dat gefotografeerd zou kunnen zijn door een of andere Marslander. Wanneer we beter kijken zien we op en langs het karrenspoor de stille getuigen liggen van de veldslag die hier op 25 oktober 1854 plaatsvond.

Rudy Kousbroek schrijft: “Het ongelofelijke van deze foto is geloof ik de stilte. De moorddadigheid van de kanonskogels is onzichtbaar en onhoorbaar, zoals de donderslagen die elk van hen moeten hebben begeleid. Het ziet er nu uit als een verlaten jeu de boules, maar de meeste van die kogels moeten op hun weg de lichamen van mensen en paarden hebben ontmoet; vooral paarden, want die zijn groter.”

Valley of the Shadow of Death
Roger Fenton, Valley of the Shadow of Death 1855
Salted paper print from glass negative
[ The J. Paul Getty Museum, Los Angeles ]
Het ziet er nu uit als een verlaten jeu de boules, maar de meeste van die kogels moeten op hun weg de lichamen van mensen en paarden hebben ontmoet; vooral paarden, want die zijn groter.

Hoe het er tijdens de veldslag op 25 oktober 1854 moet hebben uitgezien, toont ons de onderstaande prent: de charge van de Lichte Brigade in de richting van de Russische kanonnen. Van de 673 Engelse cavaleristen overleefden minder dan 200.

Battle of Balaklava
De charge van de Lichte Brigade in de richting van de Russische kanonnen William Simpson (schilder) en E. Walker (lithograaf) uitgegeven door Goupil & Cie, Paris en Day & Son, London. [ The Library of Congress ]

Rudy Kousbroek (1929-2010) was een van de grootste essayisten in ons taalgebied. In 1975 ontving hij de P.C. Hooftprijs voor essays. Hij was eredoctor in de filosofie aan de Rijksuniversiteit Groningen. In 2003 publiceerde hij zijn literaire fotocollectie Opgespoorde wonderen, waarvoor hij in september 2005 de Jan Hanlo Essayprijs ontving. In oktober 2005 verscheen de tweede serie, Verborgen verwantschappen en in maart 2007 de derde, Het raadsel der herkenning.
 
Bron: atlascontact.nl