Op 27 april schreef ik hier iets over de Funditest van Trouw. Dit weekend staat er in Trouw een soort nabeschouwing waarbij godsdienstpsychologe Joke van Saane de uitkomst analyseert. Haar voornaamste conclusie: “Fundamentalisme is een mannending”. Meer dan 60% van de deelnemers zijn man en 37% is vrouw. Volgens Van Saane voelen vrouwen zich in het algemeen meer aangetrokken door rituelen, gevoel en ervaring, terwijl de man meer neigt naar dogmatiek en overtuigingen. Ook rekent ze af met een aantal vooroordelen. Fundamentalisme en orthodoxie hoeven niet samen te vallen. Terwijl het woord orthodoxie een religieuze betekenis heeft, kan fundamentalisme heel goed areligieus zijn. De grootste groep fundamentalisten in Nederland bestaat zelfs uit agnosten, humanisten en atheïsten. Ook is het volgens Van Saane een vooroordeel dat fundamentalisten geen humor zouden hebben.

Fundamentalisme is een besmet woord en bijna niemand wil voor fundamentalist worden uitgemaakt, omdat je dan sociaal in de glijdende schaal van betweter tot bommengooier terecht komt. Dus hoe lager je scoort in deze test, hoe beter. Zo lijkt het. In de interpretatie gaat de Funditest uit van congruentie tussen de tegenstellingen relativisme-fundamentalisme en tolerant-intolerant. Maar een fundamentalist kan best heel verdraagzaam zijn terwijl een relativist zich onverdraagzaam kan opstellen. Denk bij dat laatste maar eens aan de woorden van Herman Philipse: “fundamentalist is een vaag scheldwoord voor iedereen waar je het niet mee eens bent.” Fundamentalisme kan zelfs sympathiek zijn. Wanneer je ergens van overtuigd bent (en dat hoeft niets eens het eigen gelijk te zijn), dan beken je kleur en weten anderen wat ze aan je hebben. Als je daarbij jouw overtuiging niet aan de ander opdringt, ben je ook nog eens tolerant. Relativisme daarentegen loopt eerder het risico over te slaan in opportunisme. Door niets vast te leggen en alles open te laten, wekt het relativisme de schijn van neutraliteit en kan het met elke wind meewaaien. Een gezonde mix van een stevige innerlijke overtuiging en ontspannen relativeringsvermogen lijkt mij belangrijker dan dat je door de Funditest met een lage score ‘ruimdenkend’ wordt genoemd. Overigens: een gezonde score ligt volgens Joke van Saane rond de zestig procent.

Een van die Inflationsheilige is Friedrich Muck-Lamberty. Hij is de charismatische leider van de Neue Schar, een New Age clubje avant la lettre. In 1920 en 1921 trekt Muck-Lamberty als een rattenvanger van Hamelen duizenden mensen achter zich aan door Franken en Thüringen. Er wordt veel gitaar gespeeld, gezongen en op blote voeten gedanst terwijl Muck-Lamberty spreekt over ‘de tijd van nood’, ‘de noodzakelijke ommekeer’ en ‘de nieuwe tijd’. Hermann Hesse is erbij en publiceert in 1932 
In de biografie over Arthur Schopenhauer van Rüdiger Safranski las ik in het zesde hoofdstuk over Schopenhauers studietijd in Gotha en Weimar in 1807 en 1808. Schopenhauer had de twintig jaar oudere toneelschrijver Zacharias Werner tijdens zijn studie in Gotha leren kennen. Deze is dan al beroemd geworden door een toneelstuk over Luther, Die Weihe der Kraft (1807). Goethe neemt Werner mee naar Weimar waar hij op de beroemde theekrans van Arthur‘s moeder,
Wie is deze Zacharias Werner nu precies? Wikipedia.de is hem 













