Maandelijks archief: november 2010

kunst over de gewone man

Illusie en werkelijkheid Van Gogh Museum t/m 16 januari 2011
naturalisme in de schilderkunst, fotografie en film 1875-1918

Dinsdagmiddag bezocht ik de tentoonstelling Illusie en werkelijkheid in het Van Gogh Museum over naturalistische schilderkunst, fotografie en film . Ik was vooral benieuwd hoe in deze tentoonstelling verbanden worden gelegd tussen fotografie, schilderkunst en film in het laatste kwart van de negentiende eeuw en aan het begin van de twintigste eeuw. Weliswaar is de schilderkunst aan de fotografie voorafgegaan en op zijn beurt weer de fotografie aan de film. Toch raakten deze kunstvormen door wederzijdse beïnvloeding tussen 1875 en 1918 in een innige verstrengeling. Terwijl in de films van D.W.Griffith de echo’s uit de negentiende eeuwse salonschilderkunst nog nagalmen, is in de futuristische schilderkunst weer duidelijk de invloed van nieuwe en snelle mediums als fotografie en film te zien. Tussen de schilderijen, die vaak grote afmetingen hebben, worden hier en daar beelden geprojecteerd uit oude films, zoals La Terre (1921) en Germinal (1913) naar romans van Emile Zola.

La Terre 1921
beeld uit La Terre (1921) van André Antoine,
een naturalistische film waarvan op de tentoonstelling een fragment te zien is

De tentoonstelling Illusie en werkelijkheid beperkt zich tot de naturalistische schilderkunst, een stroming die voortleeft in het sociaal-realisme van de twintigste eeuw. Zowel communisme en fascisme maakten gebruik van de idealisering van het dagelijks leven van arbeiders en boeren. In het naturalisme worden arbeiders en boeren verheven tot working class hero.

Met afbeeldingen van de barre levensomstandigheden van boeren en arbeiders werd het gewone volk voor het eerst tot een belangrijk onderwerp in de kunst verheven.

Op de catalogus en de affiche van Illusie en werkelijkheid staat een bekend schilderij afgebeeld van de Amerikaanse schilder Thomas Anshutz dat ook op deze expositie aanwezig is. In dit schilderij wordt een verband gelegd tussen het klassieke heroïsche naakt en de fabrieksarbeider.

Thomas Anshutz
Thomas Anshutz
middagpauze van de metaalarbeiders, 1880

Illusie en werkelijkheid laat zien dat we ons beeld van de late negentiende eeuw aan het bijstellen zijn. Er wordt al minder met een twintigste eeuwse blik naar deze periode gekeken. In de canon die in de tweede helft van de twintigste eeuw dominant was, kwam het naturalisme eigenlijk niet meer voor. Het laatste kwart van de negentiende eeuw werd vooral geïnterpreteerd als het voorspel op de moderne kunst. Na impressionisme, symbolisme en expressionisme, brak na 1900 een puist van ismen open. De naturalistische schilders en de salonschilders werden door het modernisme afgestraft, omdat ze haaks stonden op de moderne opvatting over kunst. Terwijl we onder het impressionisme en expressionisme namen als Monet en Van Gogh tegenkomen, zijn er onder de naturalistische schilders nauwelijks schilders van naam te vinden. Van alle schilders die op deze tentoonstelling zijn vertegenwoordigd, kende ik alleen werk van Thomas Anshutz en Fritz von Uhde. De schilders Albert Edelfelt en Eugène Buland zijn helemaal nieuw voor mij.

Albert Edelfelt
Albert Edelfelt
overtocht van de kist met het dode kind, 1879
met dit schilderij won Edelfelt de derde prijs op de Salon van 1880

vertegenwoordigde schilders op deze tentoonstelling
Jules-Alexis Muenier, Peter Henry Emerson, Jules Bastien-Lepage, István Csók,Akseli Gallen-Kallela, Raphaël Freida, George Clausen, Emile Claus, Léon Lhermitte, Albert Edelfelt, Eero Järnevelt, Nikolaj, Kasatkin, Félix Thiollier, Sergej Ivanov, Christian Krohg, Károly Ferenczy, Albert Bettanier, Jean Geoffroy, Thomas Anshutz, Eduard Joseph Dantan, Eduard Kaiser, Jules Adler, Hubert von Herkomer, László Pataky, Eugène Buland, Henry Royer, Aimé-Nicolas Morot en Charles Sprague Pearce.

Eugène Buland
Eugène Buland
Bezoek aan de maagd van Bénodet, 1898
Eind negentiende eeuw ontpopte het naturalisme zich tot een razend populaire kunststroming. De zo realistisch mogelijke weergave van het echte leven die naturalistische werken typeert, sprak een breed publiek aan. Met afbeeldingen van de barre levensomstandigheden van boeren en arbeiders werd het gewone volk voor het eerst tot een belangrijk onderwerp in de kunst verheven. Naturalistische kunst hing dan ook op plekken waar iedereen toegang toe had, terwijl daarvoor kunst alleen voor de elite toegankelijk was. Hoewel de stroming van grote invloed is geweest op met name vroege cinema en fotografie is ze onder het hedendaagse kunstpubliek relatief onbekend gebleven. En dat terwijl het naturalisme met haar multidisciplinaire karakter en betoonde engagement onverminderd actueel te noemen valt.
 
Bron: net-echt.info
Eugène Buland
Eugène Buland propagandascene 1889
Eugène Buland
propagandascene 1889 (detail)

Het naturalisme in de schilderkunst had betrekking op onderwerpen uit het dagelijks leven van de gewone mens. Kunstenaars trachtten de werkelijkheid zo dicht mogelijk te benaderen en maakten veelvuldig gebruik van fotografie. De composities, soms in opdracht van de overheid, werden geplaatst in musea en openbare ruimten zoals stadhuizen en scholen. Maar werden ook geëxposeerd op de Salon en meerdere Wereldtentoonstellingen. De centrale thema’s binnen het naturalisme zijn onder meer arbeid (op het land, de stad en in de industrie), religie en jeugd. De schilders namen vaak eenvoudige boeren als onderwerp of het harde leven van de arbeiders in de steden. De stijl van schilderen was bijzonder gedetailleerd en de werken lijken haast momentopnamen uit het echte leven. De onderwerpen op deze schilderijen waren echter zorgvuldig gecomponeerd en bedoeld om een verhaal, al dan niet met een moralistische boodschap, over te brengen. Vaak waren het dezelfde thema’s die de schrijver Emile Zola in zijn naturalistische romans en toneelstukken al had beschreven. (Bron: vangoghmuseum.nl)

Germinal 1913
still uit Germinal (1913) van Albert Capellani, een verfilming van de roman van Emile Zola

Illusie en werkelijkheid [ vangoghmuseum.nl ]

Hitler in Berlijn

Hitler und die Deutschen Volksgemeinschaft und Verbrechen
DHM Berlin, 15 oktober 2010 t/m 6 februari 2011
Auch 65 Jahre nach dem Ende des Zweiten Weltkriegs bleiben Hitler und der Nationalsozialismus brisante Themen. Jede Generation stellt sich ähnliche Fragen: Wie war Hitler möglich? Wie konnten Hitler und der Nationalsozialismus, die für Krieg, Verbrechen und Völkermord verantwortlich waren, bis zum Schluss auf eine breite Akzeptanz in Deutschland bauen? Warum waren viele Deutsche bereit, ihr Handeln auf den »Führer« auszurichten und somit die NS-Diktatur aktiv zu unterstützen?
Hitler
begin van de tentoonstelling in het Deutsch Historisches Museum in Berlijn
Warum waren viele Deutsche bereit, ihr Handeln auf den »Führer« auszurichten und somit die NS-Diktatur aktiv zu unterstützen?
Die Ausstellung sucht Antworten, indem sie nicht nur Hitler, sondern auch die deutsche Gesellschaft und deren Bedeutung für die Herrschaft des Nationalsozialismus in den Blick nimmt. Der junge Hitler war eine unscheinbare Figur. Nichts schien ihn für eine politische Karriere zu prädestinieren. Dennoch fand er eine gläubige Gefolgschaft und stieg rasch zum mächtigsten Mann Europas auf. Seine Macht lässt sich darum nicht allein mit seinen persönlichen Eigenschaften erklären. Wichtiger sind die politisch-gesellschaftlichen Bedingungen seiner Zeit und die mentalen Befindlichkeiten der Deutschen. Er mobilisierte ihre sozialen Ängste und Hoffnungen und setzte sie für seine parteipolitischen Zwecke ein. Die Herrschaft stützte sich auf Massenbegeisterung und Zustimmung sowie auf Gewalt, Mord und physische Vernichtung.
 
Bron: dhm.de
Hitler
uitknipfiguren met karikaturen van Hitler, Göring, Goebbels en Ribbentrop, na 1945

catalogusDe catalogus Hitler und die Deutschen. Volksgemeinschaft und Verbrechen
is bij Sandstein Verlag verschenen, telt 328 pagina’s en kost 25 Euro. Met bijdragen van Brigitte Hamann, Gerd Krumeich, Claudia Schmölders, Armin Nolzen, Othmar Plöckinger, Ian Kershaw, Hans Mommsen, Winfried Nerdinger, Philipp Stiasny, Michael Wildt, Christian Fuhrmeister, Irene Guenther, Peter Steinbach, Thomas Sandkühler, Birthe Kundrus, Sybille Steinbacher, Norbert Frei, Peter Reichel en Simone Erpel.
Bron: dhm.de

Hitler und die Deutschen [ dhm.de ]

Poussin aan de Missouri

de Amerikaanse schilder George Caleb Bingham (1811-1879)

Vorig jaar schreef ik hier iets over de wisselwerking tussen Amerikaanse en Duitse schilders in de negentiende eeuw. De kunstacademie van Düsseldorf speelde in het midden van de negentiende eeuw een sleutelrol. De Amerikaanse schilder Emanuel Leutze schiep hier in 1851 het icoon van de Amerikaanse schilderkunst, Washington’s oversteek over de ijzige Delaware. Een andere Amerikaanse schilder George Caleb Bingham zocht hem in 1856 in Düsseldorf op en schilderde kort daarna zijn eigen versie op dit heldhaftige moment in de Amerikaanse geschiedenis. Maar Bingham ontbrak het talent als historieschilder. Hij was veel meer een genreschilder.

Washington Crossing the Delaware
Washington Crossing the Delaware
Leutze schilderde hét heroïsche moment uit de Amerikaanse geschiedenis in Düsseldorf (onder)
Bingham schilderde hetzelfde thema (boven) maar door de felle kleuren, stijfheid van de figuren en compositie is het schilderij eerder naïef dan heroïsch te noemen.

The Düsseldorf School had a significant influence on the Hudson River School in the United States, and many prominent Americans trained at the Düsseldorf Academy and show the influence of the Düsseldorf School, including George Caleb Bingham, Eastman Johnson, Worthington Whittredge, Richard Caton Woodville, William Stanley Haseltine, James McDougal Hart, and William Morris Hunt, as well as German émigré Emanuel Leutze. Albert Bierstadt applied but was not accepted. His American friend Worthington Whittredge became his teacher while attending Düsseldorf. Bron: en.wikipedia.org

Bingham‘s bekendste schilderij is het verstilde moment met twee bonthandelaren in hun bootje op de Missouri uit 1845. Het is een eenvoudig en uitgebalanceerd tafereel. Vanwege zijn gepolijste en afgewogen manier van schilderen, wordt Bingham wel eens met Nicolas Poussin vergeleken.

Fur Traders, 1845
Fur Traders Descending the Missouri
Bingham’s bekendste schilderij uit 1845
His genre paintings -narratives of everyday life- depicted and immortalized the common man: fur traders and riverboatmen and settlers in scenes of frontier life
George Caleb Bingham (1811-1879) is renowned today as one of the classic artists of the American West. His paintings rank among the nation’s greatest art treasures. Bingham can lay claim to being the first outstanding American artist from the “West“. He is best known for his genre scenes derived from the daily life of what was then the Western frontier. Lewis and Clark and the Corps of Discovery had returned from their 1804-06 westward exploration only five years before Bingham was born. In 1820, when Bingham was nine, Missouri became the 24 th state. Bingham’s paintings from 1845-55 the decade of his best work generally relate to life and commerce along the Mississippi and Missouri rivers, and to the American scene involving the people of Missouri in and around St. Louis, Columbia, Jefferson City, Arrow Rock, Boonville, and Kansas City. His genre paintings -narratives of everyday life- depicted and immortalized the common man: fur traders and riverboatmen and settlers in scenes of frontier life (which he knew from both tradition and first hand observation); and scenes of the young nation’s democratic process: political campaigning and elections (which he knew from his deep involvement with the Whig party, with Missouri state politics and national politics, and as a seeker and achiever of political office).
Bingham
Raftsmen Playing Cards, 1847
In 1856, Bingham with his wife and daughter Clara sailed for Europe, first to Paris, which he found alien and inhospitable and expensive and even the Louvre disconcerting. George and his family then went on to a sojourn in Dusseldorf, where he completed full-length portraits of Washington and Jefferson (a commission from the Missouri State Legislature, both now destroyed by fire); the second of three related flatboatmen paintings, “Jolly Flatboatmen in Port“ (1857); “Moonlight Scene: Castle on the Rhine“(1857, Private Collection); and probably other unrecorded works. Düsseldorf , compared to Paris, was a manageable city of 30,000 and a famous art center that had attracted, interestingly enough, such aspiring German-American artists as Emanuel Gottlieb Leutze, Carl Wimar, and Albert Bierstadt all of whom had been born in Germany and emigrated to the United States as children, only to return to Germany to study and in Leutze’s case to live in Düsseldorf for many years where he also became a noted teacher. From the 1840s through the 1850s other American artists such as T. Worthington Woodridge, Richard Caton Woodville, and Eastman Johnson also studied in Düsseldorf. Leutze, as teacher and great friend of visiting American artists, was a first stop for American expatriates, and Bingham, although a mature and established painter, was no exception. George wrote to his friend Rollins back in Columbia, Missouri: “Immediately upon our arrival in Dusseldorf, I called upon Leutze, the famous painter, who received me as cordially as if I had been a brother, and without a moment’s delay assisted me in finding a Studio, and introduced me to one of his American pupils through whose guidance I shortly obtained accommodations of the best kind, and upon the most reasonable terms.“
 
Bron: en.wikipedia.org

georgecalebbingham.org