Maandelijks archief: november 2010

de Middeleeuwen (1800-1900)

De Middeleeuwen volgens de Romantiek
en als nationalistische propaganda in de negentiende eeuw

Vóór 1800 had niemand belangstelling voor de Middeleeuwen. Tijdens de Verlichting werd op deze onverlichte eeuwen neergekeken. Alles wat gotisch was, werd barbaars gevonden, een houding die in Italiëal sinds de Renaissance bestond. Met de Romantiek kwam er een omslag in deze afwijzende houding en ontstond er een ware cultus rondom de Middeleeuwen.

Von Kaulbach
Wilhelm von Kaulbach 1853
Halverwege de negentiende eeuw zag een atelier in München er zo uit, alsof men weer in de Middeleeuwen was gaan leven.

Het beeld dat de Romantiek van de Middeleeuwen geeft, is sterk geïdealiseerd. Het is het beeld van een gouden tijd, van de jeugd van het Avondland, waarin het christelijk geloof nog ongedeeld was. Romantische dichters en schilders aan het begin van de negentiende eeuw hadden een voorkeur voor ‘tijdloze’ taferelen uit de hoofse riddercultuur met devote monniken, kruisridders en jonkvrouwen.

Lessing
Carl Friedrich Lessing 1835
kruisridder die huiswaarts keert

In de tweede helft van de negentiende eeuw werden onder invloed van historisch onderzoek vooral taferelen geschilderd van historische gebeurtenissen uit de Middeleeuwen. Vaak hadden deze voorstellingen een politieke lading en stonden ze in dienst van het nationalisme. Duitse keizers zoals Barbarossa, moesten in de Gründerzeit (vanaf 1871) getuigen van de grootsheid van het Eerste Rijk. Maar niet alleen in Duitsland, ook in andere Europese landen werd teruggegrepen naar de Middeleeuwen als een gouden tijd in de nationale cultuur.

Heinrich IV in Canossa
Eduard Schwoiser 1852
Keizer Hendrik IV voor Canossa
Volgens de overleveringen werd de keizer in 1077 diep vernederd omdat de paus hem drie dagen en nachten in de kou buiten liet wachten voordat deze hem binnenliet. Op dit schilderij wordt de keizer, blootsvoets in boetekleed, onverzettelijk voorgesteld, als toonbeeld van nationale trots.
Barbarossa 1896
het Kyffhaeuserdenkmal 1890-1896 met een beeld van de slapende Barbarossa is nog Teutoonser dan het Hermannsdenkmal bij Detmold. Dergelijke bombast was typerend voor de Wilhelminische tijd.
Nach dem Tod Kaiser Wilhelm I. 1888 wurden an vielen Orten im Deutschen Reich repräsentative Denkmäler zu Ehren des Verstorbenen errichtet. Das Kyffhäuserdenkmal ist eines der größten und bekanntesten dieser Kaiser-Wilhelm-Denkmäler. Zusammen mit dem Niederwalddenkmal bei Rüdesheim am Rhein, dem Hermannsdenkmal bei Detmold am südlichen Teutoburger Wald, dem Völkerschlachtdenkmal in Leipzig und der Walhalla bei Donaustauf ordnet sich das Kyffhäuserdenkmal in die imposante Gruppe der monumentalen Gedenkbauwerke Deutschlands ein. Wie so oft im Wilhelminismus zeugten diese Ausmaße nicht unbedingt von Selbstgewissheit und Zukunftssicherheit, sondern waren Ausdruck der Angst vor äußeren wie inneren Feinden, gegen die diese Bollwerke errichtet wurden. In diesem Fall ging es vor allem um die inneren Feinde, die deutsche Sozialdemokratie, gegen die sich die Kriegervereine als Hüter und Wahrer der Reichseinheit stellen wollten. Dem Reich, das einst an innerem Zwist zugrunde gegangen war, sollte ein solches Schicksal kein zweites Mal widerfahren, und das mächtige Denkmal auf dem Kyffhäuser brachte diese Entschlossenheit zum Ausdruck.
 
Bron: de.wikipedia.org

kyffhaeuser-denkmal.de

master the universe!

harde en romantische wetenschap in het Universiteits Museum Utrecht

Mijn broer en ik maken jaarlijks een uitstapje naar een museum. Het Rijks Museum van Oudheden (RMO) , het Nationaal Natuurhistorisch Museum (Naturalis ) in Leiden en het Teylers Museum in Haarlem markeren zo’n beetje de overlap tussen onze interesses in kunst, geschiedenis en wetenschap. (mijn broer zou deze volgorde overigens omkeren.) Dinsdag bezochten we het Universiteitsmuseum in Utrecht waar op dit moment de tentoonstelling Master the Universe! te zien is. De uitdagende titel lijkt mij vooral op jongeren gericht. In de educatieve atmosfeer van het museum voel ik mij weer even een jonge onderzoeker. In het kennislab kunnen groepen scholieren samen met hun docent proefjes en opdrachten uitvoeren. Herinneringen aan het natuurkundelokaal van de middelbare school komen vanzelf boven.

website master the universe!
master the universe website
Extreem snel, extreem klein, extreem koud, extreem zwaar
De theoretische natuurkunde
gaat zo ver als onze
verbeeldingskracht reikt!

Gerard ‘t Hooft

Harry Mulisch vond zeventien jaar de ideale leeftijd. Misschien markeert deze leeftijd een grens. Tussen verbeeldingskracht en realiteitszin, overmoedige nieuwsgierigheid en koele zelfbeheersing. De moderne natuurkunde balanceert op deze grens. Het prikkelt mij altijd om natuurkundigen of sterrenkundigen kinderlijk enthousiast te zien over ontdekkingen, ook al deel ik niet direct in hun enthousiasme. De Hubble telescoop en de deeltjesversneller van CERN zijn onze collectieve ogen in het onvoorstelbare grote en onvoorstelbare kleine. Maar de afgronden waar deze instrumenten in turen, zijn mij zo diep, dat ik er niet meer van kan duizelen. Ik vergelijk het met hoogtevrees, een angst die verdwijnt wanneer een kritische hoogte overschreden wordt. Wanneer je geen concrete relatie meer voelt met datgene wat zich onder je bevindt, knijpt je buik niet meer samen. Op de grens van mijn voorstellingsvermogen, kan ik duizelen van wat zich aan de andere kant bevindt. Of dat nu buiten of binnen mij is. Maar vér over de grens van mijn voorstellingsvermogen, verdwijnt de duizeling en denk ik alleen nog maar “wat een berg nullen voor of achter de komma…”

natuurkundigen onderscheiden vier fundamentele krachten in de natuur:

gravitatie of zwaartekracht die vooral op grote massa’s werkt
elektromagnetische kracht die houdt elektronen bij de atoomkern
sterke kernkracht die houdt protonen en neutronenin atoomkernen samen
zwakke kernkracht die een rol speelt bij het verval van atoomkernen

standaardmodel

standaardmodel voor elementaire deeltjes
Natuurkundigen zoeken naar een theorie van alles die deze vier krachten in één klap beschrijft. Dat lukt nog niet, maar het lukt al wel om gedeeltes samen te vatten. Op dit moment is het Standaardmodel er al wel in geslaagd om elektromagnetische, sterke en zwakke kernkrachten te beschrijven. Deze theorie weet echter geen raad met de zwaartekracht, daarvoor is een nog nieuwere theorie nodig.
Bron: mastertheuniverse.nl

Wetenschap begint bij kinderlijke verwondering. Dat geldt voor een leek en voor een Nobelprijswinnaar Natuurkunde, zoals Gerard ‘t Hooft. Verwondering kan oplopen tot een duizeling. Dat gevoel kun je onder een sterrenhemel bij een donkere nacht in het veld krijgen, maar ook wanneer de sluier van het vanzelfsprekende van het alledaagse wordt weggetrokken. Emanuel Swedenborg (1688-1772) schreef in zijn Sudelbücher over alledaagse waarnemingen en verwonderde zich wild over de haarinplant van zijn kat. Precies waar de ogen van de kat begonnen, hielden de haartjes op! Zijn verstand stond erbij stil. Ik herken dat. Om bij de grens van mijn bevattingsvermogen te komen, heb ik geen abstracties nodig, maar juist heel concrete ervaringen. De extreme omstandigheden die de theoretische natuurkunde beschrijft, doen mij eigenlijk niet zo heel veel. Getallen als x.10³³ zijn voor mij rationele perversiteiten. De tentoonstelling leert mij bijvoorbeeld ook hoeveel kilogram alle materie in het universum weegt, een getal met 52 nullen. Een monsterlijk getal met een monsterlijke afronding.

iFractal
Vertigo
me, myself and I, mastered by iFractal

op de tentoonstelling en op de website kun je een fractaal van jezelf maken

Ik hou van romantische wetenschap, wetenschap waarbij de rafelranden van kunst en geloof nog niet zijn weggesneden. Na 1850 wordt het mij te koel, te zakelijk. Je ziet dat duidelijk bij antieke wetenschappelijke instrumenten: In de eerste helft van de negentiende eeuw zullen de pootjes, de vleugeltjes, het hout en het messing geleidelijk aan gaan verdwijnen. Alles wordt strak, gestaald en broodnuchter.

luchtpompen
twee luchtpompen van Jan van Musschenbroek in Leiden en Kassel.
Onder het plaatje van de manufactuur. De luchtpomp in Utrecht werd in 1703 door de Universiteit voor 500 gulden aangekocht en markeerde in Utrecht het begin van het empirische onderzoek.

De concrete en historische voorwerpen in het Universiteitsmuseum trekken mij meer aan dan de tentoonstelling over theoretische natuurkunde. Het Kabinet van Jan Bleuland (1756-1838) is permanent in het museum te zien. Het werd in 1815 door koning Willem I aangekocht en aan de Universiteit van Utrecht geschonken. Voor een deel is het een griezelkabinet met lichaamsdelen van meer dan tweehonderd jaar oud op sterk water. Naast het kabinet in het Universiteitsmuseum is in Utrecht ook het Museum Bleulandinum te bezoeken.

mastertheuniverse.nl | staunen bildet [ kindergartenpaedagogik.de ]

hoog hoger hoogst [ 14 ]

100 jaar oubollige superhoogbouw
van het Manhattan Municipal Building in New York (1909-1915)
tot de Abraj Al-Bait Towers in Mekka (2005-2010)

Honderd jaar geleden was het Manhattan Municipal Building van New York in aanbouw. Het is ontworpen in de neo-barokke stijl van de Beaux Arts (zie kader). Op wirednewyork.com kwam ik een foto tegen die het gebouw vlak voor de voltooiing laat zien. Stalin was erg onder de indruk van het resultaat.

Municipal Building
Manhattan Municipal Building, 1909-1915

Terwijl na 1925 in de VS de klassieke wolkenkrabberstijl in zwang kwam en na de oorlog de internationale stijl bepalend werd, bleef Stalin‘s smaak onveranderd. De Staatsuniversiteit van Moskou die kort na de Tweede Wereldoorlog werd gebouwd, had het Manhattan Municipal Building als voorbeeld. Stalin’s hoogste suikertaart was uiteraard een stuk hoger (240m.) dan het Manhatten Municipal Building (177m.) Tot 1988 zou de Staatsuniversiteit van Moskou het hoogste gebouw van Europa blijven.

Staatsuniversiteit van Moskou
Staatsuniversiteit van Moskou, 1949
Het Manhattan Municipal Building aan de Centre Street in New York City is een gebouw met 40 verdiepingen. Het is gebouwd om aan de vraag naar ruimte voor overheidsdiensten te voldoen na de samenvoeging van de vijf New Yorkse boroughs. De bouw begon in 1909 en eindigde in 1915. Het gebouw is 177 meter hoog en het hoogste punt is een kunstwerk dat het op twee na hoogste standbeeld van Manhattan is. Het architectenbureau McKim, Mead and White ontwierp het gebouw waarin voor het eerst een metrostation in de kelder verwerkt was.
 
Bron: nl.wikipedia.org
Municipal Building
nogmaals een oude foto (1911?) van het Manhattan Municipal Building

Beaux-arts is een ontwerp- en stijlstroming uit de periode tussen 1885 en 1920. De stijl is ontstaan in Frankrijk. In het Frans betekent de naam van oorsprong en letterlijk “schone kunsten”. De Beaux-arts stijl is vooral het product van bijna 250 jaar onderwijs en onderzoek, sinds 1671 aan de Académie royale d’architecture, en na een fusie in 1816 met de koninklijke academies voor andere beeldende kunsten en muziek aan de architectuurschool van de Académie des Beaux-Arts. De principes die hier werden onderwezen, hebben tot diep in de 20e eeuw vrijwel ongewijzigd de vormgeving van vele gebouwen bepaald. Na 1885 werd de stijl populair in de Verenigde Staten. Veel wolkenkrabbers in New York werden ermee vormgegeven. In 1926 kreeg het Metropolitan Museum of Art haar monumentale façade, als een Beaux-arts paleis ontworpen door Richard Morris Hunt, de eerste van vele Amerikanen die studeerden aan de École des Beaux Arts in Parijs.

Abraj Al-Bait Towers
Abraj Al-Bait Towers Mekka (601 m.)
honderd jaar na het Manhattan Municipal Building en zestig jaar Stalin’s suikertaart is oubollige superhoogbouw helemaal terug.

New York in Black and White [ wirednewyork.com ]
meer wolkenkrabbers op deze blog