Maandelijks archief: mei 2011

alles is relatief [ 2 ]

vandaag op de Filosofie Scheurkalender

M.C.EscherDe uitspraak dat “alles relatief is” staat hoog genoteerd in de toplijsten quasi-filosofische kretologie en lui denken. Vaak wordt hiermee dan bedoeld dat er geen absolute waarheid bestaat. Zo laat de relativist zich tegenover de vermeende absolutist juist kennen als de absolutist. Toch kan deze kreet soms zinvol zijn. Timon Meynen legt op de Filosofie Scheurkalender uit dat het gaat om de context en de relatie met de ander.

De Vlaamse filosoof en ethicus Etienne Vermeersch (1934) verdedigt zich (…) op een bekende wijze tegen het relativisme. Het relativisme zaagt immers de tak door waarop het zelf gezeten is, zoals Bruno Latour (1947) het uitdrukt. Met de stelling “alles is relatief” doet de relativist een beroep op een of ander criterium voor de waarheid van die stelling. En dat criterium moet zelf dus wel absoluut zijn. Kortom: hij spreekt zichzelf tegen, en dat mag niet.
 
Maar wie heeft er eigenlijk gezegd dat “alles relatief is”? En in welke context gebeurde dat? Je kunt je heel wel voorstellen dat de relativist in gesprek was met een absolutist. De zin “alles is relatief” zou dan relatief zijn ten opzichte van het gesprek waarin de relativist beweerde dat er geen universele en tijdloze criteria voor de waarheid van uitspraken bestaan, en de absolutist dat die er wel zijn. Misschien maakten beiden zich wel oprechte zorgen over de geestelijke gezondheid van de ander. De relativist was bang dat de absolutist zich door zijn illusies de wet liet voorschrijven. De absolutist was bang dat de relativist straks met tak en al naar beneden zou vallen. Zo lang zij nog de inzet hadden om elkaar te helpen wijzer te worden, was het wellicht niet zinloos dat zijn zich met die onzin bezighielden.
 
Bron: Timon Meynen, Filosofie Scheurkalender 31 mei 2011
Relativisme houdt geen moment stand onder rationele argumenten. Ten eerste is de stelling zelf een contradictie. Want zeggen dat de waarheid niet bestaat, impliceert dat de stelling zelf ook niet waar is. Omgekeerd is zeggen dat ‘de’ waarheid niet bestaat een absolutisme dat de stelling zelf beoogt te bestrijden: het is ‘een waarheid’.
 
Bron: plein2010.blogspot.com

filosofie scheurkalender | alles is relatief [ 1 ]

weet wat je eet

gisterenavond gezien op DVD: Food, Inc. (2008) van Robert Kenner

Documentaires als Bowling for Columbine, Fahrenheit 9/11, An Inconvenient Truth, The Age of Stupid, Manufactured Landscapes of Darwin’s Nightmare hebben mij dagenlang, soms wekenlang achtervolgd. Toen Michaela zaterdag thuiskwam met de DVD Food, Inc. wist ik al dat het eten mij de komende dagen een nare bijsmaak zou gaan bezorgen… Welcome to the real world!

Food, Inc. trailer
In Food, Inc., filmmaker Robert Kenner lifts the veil on our nation’s food industry, exposing the highly mechanized underbelly that has been hidden from the American consumer with the consent of our government’s regulatory agencies, USDA and FDA. Our nation’s food supply is now controlled by a handful of corporations that often put profit ahead of consumer health, the livelihood of the American farmer, the safety of workers and our own environment. We have bigger-breasted chickens, the perfect pork chop, herbicide-resistant soybean seeds, even tomatoes that won’t go bad, but we also have new strains of E. coli the harmful bacteria that causes illness for an estimated 73,000 Americans annually. We are riddled with widespread obesity, particularly among children, and an epidemic level of diabetes among adults.
 
Bron: foodincmovie.com

foodincmovie.com

vulgair materialisme

de drooglegging van het Duitse idealisme rond 1850 volgens Safranski

Nu ik mij steeds dieper heb ingenesteld in de biografieën van Rüdiger Safranski, valt mij op hoe zijn boeken over Schopenhauer (1987), Heidegger (1994), Nietzsche (2000) en de Romantiek (2007) met elkaar verweven zijn. De filosofen Schopenhauer (1788-1860), Nietzsche (1844-1900) en Heidegger (1889-1976) zijn geworteld in de Romantiek en dat is vooral een Duitse affaire. Safranski‘s biografieën zijn daarom ook een onderzoek naar de Duitse identiteit en een studie van het geestelijk klimaat van de negentiende eeuw.

boeken van Safranski In de historische achtergrond bij het denken van Schopenhauer, Nietzsche en Heidegger kom je in de onderstaande boeken telkens een passage tegen die Safranski ‘de drooglegging van het Duitse idealisme’ noemt. In Arthur Schopenhauer. De woelige jaren van de filosofie vanaf pagina 463 (Olympus 2002), vervolgens in Heidegger en zijn Tijd vanaf pagina 46 (Olympus 2000), in Nietzsche. Een biografie van zijn denken vanaf pagina 100 (Olympus 2000) en tenslotte in zijn nieuwste boek Romantiek. Een Duitse Affaire vanaf pagina 277 (Atlas 2009). Halverwege de jaren tachtig moet Safranski voor het eerst geschreven hebben over het geestelijk klimaat rond 1850. In zijn biografie over Schopenhauer kun je vanaf pagina 463 lezen hoe het realisme rond 1850 het idealisme verdrongen heeft.

In plaats van de subjectieve tendens van de geest is er nu de ‘objectieve’ tendens in de dingen en omstandigheden zelf. Allerwege, uit de wereld van de politiek, de literatuur, de wetenschap, het dagelijks leven en ook de filosofie klinkt de roep: terug naar de feiten!”(Nederlandse vertaling: Mark Wildschut)

Safranski refereert in vier van zijn boeken aan een aantal bestsellers uit de jaren veertig en vijftig van de negentiende eeuw. Psychologische Briefen (1847) en Köhlerglaube und Wissenschaft (1854) van Karl Vogt, Kreislauf des Lebens (1852) van Jakob Moleschott, Kraft und Stoff van Ludwig Büchner en Neue Darstellung des Sensualismus (1855) van Heinrich Czolbe. In dit overzicht van wetenschappelijke bestsellers (brevieren van ontnuchtering noemt hij ze) beperkt Safranski zich tot het Duitse taalgebied, maar de zegetocht van de objectiverende wetenschap was in de eerste plaats een Angelsaksische affaire.

Ludwig BüchnerVulgärmaterialismus
Der naturwissenschaftliche Materialismus ab 1850, auch bezeichnet als wissenschaftlicher Materialismus oder abwertend als Vulgärmaterialismus, ist eine Variante des Materialismus, die seit Mitte des 19. Jahrhunderts von den Naturwissenschaftlern Carl Vogt, Ludwig Büchner und Jakob Moleschott vertreten wurde. Diese bildeten eine radikale und populäre Gegenbewegung zu den philosophischen Systementwürfen des deutschen Idealismus und zu dem gesellschaftlich dominierenden christlichen Weltbild. Sie argumentierten dabei mit dem Erfolg der rasanten wissenschaftlichen und technischen Entwicklung des 19. Jahrhunderts sowie mit den Erkenntnissen und Folgerungen der Evolutionstheorie von Charles Darwin. Die Überwindung der Kluft zwischen organischer und anorganischer Chemie durch Friedrich Wöhlers Synthese eines organischen Stoffes (Harnstoff) wurde von ihnen als Argument gegen vitalistische und für materialistische Ansätze benutzt. ( Bron: de.wikipedia.org )

The Origin of Species (1859) van Charles Darwin is misschien wel hét boek dat de triomf van de materialistische wetenschap in de negentiende eeuw symboliseert. Vooral op het denken van de jonge Friedrich Nietzsche had deze geestelijke ontwikkeling veel invloed. Hij las als een van de eersten de Duitse vertaling (1860) van Darwin’s beroemde boek. In de zestiger jaren begon Nietzsche een diepe afkeer te krijgen van het eigentijdse geestelijk klimaat dat in zijn beleving door gedreven werd door een bangelijk realisme dat de mensen klein hield. Safranski schrijft in zijn biografie over Nietzsche (pagina 100), een passage die hij overigens letterlijk heeft overgenomen uit zijn biografie over Heidegger (pagina 47).

Het is al verbazingwekkend hoe sinds het midden van de negentiende eeuw, na de idealistische hoge vluchten van de absolute geest, plotseling overal het verlangen opkomt de mensen klein te maken. Toendertijd maakte de volgende stijlfiguur opgang: “De mens is niets ander dan…”Voor de romantiek begon zoals bekend de wereld te zingen als je maar het toverwoord vond. De poëzie en de filosofie van de eerste helft van de eeuw was het meeslepende project om steeds nieuwe toverwoorden te ontdekken en te verzinnen. (Nederlandse vertaling: Mark Wildschut)

In Romantiek. Een Duitse Affaire komt de passage over het ontnuchterende realisme voor in hoofdstuk 14 waarin Nietzsche langs de meetlat van de Romantiek wordt gelegd. Hier legt Safranski uit wat de kracht was (en is!) van het materialisme.

De zegetocht van het materialisme was ondanks scherpzinnige tegenwerpingen niet te stuiten, vooral niet omdat het vermengd was met een bijzonder metafysicum, het geloof in de vooruitgang.
De zegetocht van het materialisme was ondanks scherpzinnige tegenwerpingen niet te stuiten, vooral niet omdat het vermengd was met een bijzonder metafysicum, het geloof in de vooruitgang. Als we de dingen en het leven maar tot op het bot, tot de meeste elementaire bestanddelen analyseren, dan kunnen we, zo leert dat geloof, het fabrieksgeheim van de natuur ontdekken. Als we erachter komen hoe alles is gemaakt, zijn we in staat het na te maken. Hier is een bewustzijn aan het werk dat van alles de kneepjes wil kennen, ook van de natuur, die men -in experiment- op heterdaad moet betrappen en die men, als men weet hoe ze werkt, wel eens zal laten zien hoe de vork in de steel zit. (Nederlandse vertaling: Mark Wildschut)

Naturwissenschaftlicher Materialismus ab 1850 [ de.wikipedia.org ]

ambachtelijk [ 2 ]

gelezen:The Art of the Pre-Raphaelites van Steven Adams

De blog preraphaelitepaintings.blogspot.com is waarschijnlijk de grootste vindplaats voor plaatjes van schilderijen van pre-raphaelieten op het web. In de drie jaar dat deze blog bestaat, heeft de ijverige blogger Hermes al bijna 3000 keer gepost. Hermes beheert bovendien nog meer blogs. Zijn blog over Victoriaanse schilderkunst telt zelfs 6000 posts! Meestal bestaat de post uit een afbeelding van een schilderij, soms met een korte begeleidende tekst. Naast veel bekend werk is er ook een vracht onbekend materiaal te vinden, o.a. onderstaande schets van John Everett Millais voor zijn beroemde schilderij van de jonge Jezus in de houtwerkplaats van zijn vader Jozef.

Millais
studie voor Christ in the House of His Parents (1850) van Sir John Everett Millais. De kleine Johannes de Doper rechts op de voorgrond en Jezus’ grootmoeder Anna (naast Jozef) ontbreken nog in het oorspronkelijke schetsontwerp.
The painting depicts the young Jesus assisting Joseph in his workshop. Joseph is making a door, which is laid on his carpentry work-table. Jesus has cut his hand on an exposed nail, leading to a sign of the stigmata, prefiguring the crucifixion. As Saint Anne removes the nail with a pair of pincers, his concerned mother Mary offers her cheek for a kiss while Joseph examines his wounded hand. The young John the Baptist brings in water to wash the wound, prefiguring his later baptism of Christ. An assistant of Joseph’s, representing potential future Apostles watches these events. In the background various objects are used to further point up the theological significance of the subject. A ladder, referring to Jacob’s ladder is visible leaning against the back wall; a dove standing for the Holy spirit rests on it. Other carpentry implements refer to the Holy Trinity. Millais probably used Albrecht Dürer‘s print Melancholia I as a source for this imagery, along with quattrocento works. The sheep in the fold in the background represent the future Christian flock.
 
Bron: en.wikipedia.org

preraphaelitepaintings.blogspot.com | goldenagepaintings.blogspot.com