Het is alweer 35 jaar geleden dat ik de kloosters van Metéora in centraal Griekenland bezocht. Het onwezenlijke landschap met zijn steile rotspartijen maakte meer indruk op mij dan de kloosters. In dezelfde zomer dat ik Metéora bezocht, ging de James Bond film For your eyes only in première. De finale speelt zich af rond de kloosters van Metéora. Het contrast tussen verstild kloosterleven en luidruchtige misdaad past natuurlijk goed in het James Bond concept.
Toen ik de film jaren later terug zag en ik inmiddels orthodox geworden was, kwamen de scenes in Metéora eerder over als heiligschennis. Hadden de gangsters die James Bond achtervolgde, de bordjes niet gelezen dat Metéora een stiltegebied is en dat er in meerdere talen om respect voor deze geheiligde natuur gevraagd wordt? In 1981 stonden die bordjes er al!
Ik was benieuwd naar de film Metéora (2012) van Spiros Stathoulopoulos die zaterdagavond laat werd uitgezonden op het Belgische Canvas. De VPRO-gids vindt deze film slechts twee sterren waard (“een levenloze aaneenschakeling van mooie plaatjes”), maar dat is een tamelijk voorspelbare reactie op een film waarin de fotografie het narratief domineert. Metéora is inderdaad een aaneenschakeling van fraaie fotografie, natuurlijk te danken aan het zeer fotogenieke landschap. Levenloos is de film allerminst. Als Leitmotiv heeft regisseur Spiros Stathoulopoulos gekozen voor de strijd tussen lichaam en geest. En dat is toch het leven zelf. Of zou het moeten zijn. Want als de spanning tussen mind en body ontbreekt, dan wordt het leven óf cerebraal óf hedonistisch.




De historische binnenstad van Groningen is bekend om haar hofjes. Het zijn de spreekwoordelijke oases van groen in de jungle van blik en asfalt. Het meest opvallend troffen we dat aan in het St.Geertruids- of Pepergasthuis. Het werkt als een soort tijdmachine: ben je eenmaal onder het poortje door dan beland je in het verleden. Kleine huisjes rond een plantsoen met Buxushagen. Alles is van steen en hout. Blik en plastic tref je hier niet aan. Schreeuwerige kleuren ook niet. De beslotenheid geeft aangename bescherming. Even weg uit het jachtige stadsleven. “Je verlaat het hofje aan de achterzijde via het trapje naar beneden.” We doen braaf wat de gids schrijft en worden als we de deur onderaan de trap opendoen weer uitgespuwd op straat in de 21e eeuw terwijl de auto’s in twee richtingen voorbijvliegen. Zou het contrast vroeger ook zo groot geweest zijn?
















