Maandelijks archief: september 2016

Schama’s Citizens [ 3 ]

gelezen: Burgers – Kroniek van de Franse Revolutie (1989) van Simon Schama

CitizensSimon Schama voegt zich met zijn Burgers – Kroniek van de Franse Revolutie in de traditie van Edmond Burke. Deze reflecteerde in 1790: ″All circumstances taken together, the French revolution is the most astonishing that has hitherto happened in the world.”

De Reflections on the Revolution in France verschenen in november 1790. Frankrijk was een constitutionele monarchie in wording, Mirabeau leefde nog, de guillotine was nog niet in gebruik genomen en de Tweede Revolutie (10 augustus 1792) had nog niet plaatsgevonden. Maar Burke voorzag het al: “The most wonderful things are brought about in many instances by means the most absurd and ridiculous; in the most ridiculous modes; and apparently, by the most contemptible instruments. Every thing seems out of nature in this strange chaos of levity and ferocity, and of all sorts of crimes jumbled together with all sorts of follies.″

Na de Tweede Wereldoorlog zou de conservatieve visie van Burke op de Franse Revolutie weer opleven. Had de revolutie van 1789 immers niet indirect de totalitaire ideologieën van de twintigste eeuw voortgebracht? Stalinisme en fascisme verschilden in wezen niet van het schrikbewind van Robespierre. Onder westerse historici begon er een revisie op gang te komen waarbij vooral de schaduwkanten van de Franse Revolutie meer naar voren kwamen. Achter het ijzeren gordijn bleef men de Franse Revolutie positief beoordelen als de voorloper van de Russische Revolutie van 1917.

CCCP 1989
Marat, Danton en Robespierre
Sovjet Unie, 1989

In 1989, vlak voor de ineenstorting van de Sovjet Unie, verschenen er ter gelegenheid van de 200e verjaardag van de Franse Revolutie nog postzegels achter het ijzeren gordijn met daarop de beeltenis van de jakobijnse “martelaar” en communist avant-la-lettre Marat. Ook dictator Robespierre werd nog vereerd met een postzegel.

Bulgaria 1989
Marat Bulgarije, 1989

Er zijn genoeg parallellen te trekken tussen de Franse en de Russische Revolutie, tussen sansculotten en proletariërs en tussen jakobijnen en bolsjewieken. Lenin en Trotski hadden zich zozeer in de geschiedenis van de Franse Revolutie verdiept dat ze hun eigen Thermidor (val van Robespierre en zijn aanhang) vreesden.

Bulgaria 1989
Robespierre Bulgarije, 1989

Schama’s Citizens [ 2 ]

gelezen: Burgers – Kroniek van de Franse Revolutie (1989) van Simon Schama
septembermoorden, oorlog in de Vendée en La Grande Terreur

CitizensNaar aanleiding van de 200e verjaardag van de Franse Revolutie schreef de Engelse historicus Simon Schama een boek van ruim negenhonderd bladzijden. In hetzelfde jaar (1989) verscheen een Nederlandse vertaling. Burgers – Kroniek van de Franse Revolutie past in de revisionistische geschiedschrijving van de Franse Revolutie. De duistere kanten van de revolutie worden daarin meer benadrukt dan de lichte kanten. Schama laat vooral het excessieve geweld naar voren komen en houdt de emancipatie op de achtergrond. Met name om die reden kon zijn boek kon in 1989 op forse kritiek rekenen van marxistisch georiënteerde historici als Eric Hobsbawm en Morris Slavin.

Schama ziet het geweld als de drijvende kracht achter de Franse Revolutie. Vanaf het prille begin werd de revolutie aangedreven door opiniemakers, pamflettisten (twitteraars en bloggers anno 2016) en demagogen (haatzaaiers en populisten anno 2016) waarvan sommigen volksjustitie goedkeurden. (Eigen schuld, dikke bult). Toen de Nationale Conventie de regie dreigde de verliezen, werd door de jakobijnen een schrikbewind ingesteld. Vanaf de onthoofding van de koning in januari 1793 tot aan de val van Robespierre in juli 1794 was, om met de woorden van Danton te spreken, “terreur aan de orde van de dag”.

Vanaf het prille begin werd de Franse Revolutie aangedreven door opiniemakers, pamflettisten (twitteraars en bloggers anno 2016) en demagogen (haatzaaiers en populisten anno 2016)

In diezelfde periode veranderde het revolutionaire Frankrijk door de levée en masse en massaproductie van wapens in een oorlogsmachine. In de Vendée werd een gruwelijke oorlog uitgevochten die aan een kwart miljoen mensen het leven kostte, vrouwen, kinderen en bejaarden niet uitgesloten. Steden als Lyon, Marseille en Toulon kwamen in verzet tegen de jakobijnen en de opstanden werden vervolgens bloedig neergeslagen.

In Burgers – Kroniek van de Franse Revolutie heeft Schama vooral sympathie voor de slachtoffers van La Grande Terreur. Dat waren voor een groot deel geestelijken. Wie de illusie heeft dat een wereld zonder religie een betere wereld zou zijn, zou kennis moeten nemen van de ontkerstening tijdens La Grande Terreur. De afschaffing van het christelijk geloof en de “zuiveringen” waren in naam van de Verlichtingsidealen vrijheid, gelijkheid en broederschap. Vervolgingen en executies onder een seculier (revolutionair) régime zijn niet minder gruwelijk dan onder een theocratisch (ancien) régime.

Catholic Martyredom – Vendée 1793

Bisschoppen, priesters en gelovigen die het slachtoffer werden van de lynchjustitie zouden martelaren worden. Alleen al tijdens de septembermoorden (1792) werden 250 geestelijken vermoord. In 1926 werden deze zogenaamde septembermartelaren zalig verklaard.

Maar de meeste slachtoffers vielen in de Vendée. Daar was de overwegend boerenbevolking in het voorjaar van 1793 in opstand gekomen. Ze weigerde de priesters te volgen die een eed hadden afgelegd op de grondwet en beschermde de priesters die trouw gebleven waren aan de katholieke kerk. Er volgde een keiharde confrontatie met Parijs. De opstandelingen organiseerden zich tot het Armée catholique et royale de Vendée en wonnen aanvankelijk terrein en vormden zo een bedreiging voor de jonge Republiek. Maar na de afkondiging van de levée en masse eind augustus 1793 hadden ze geen schijn van kans meer. In december 1793 werden de laatste opstandelingen verslagen. Daarna volgde een uitroeiing van de bevolking van de Vendée, waarbij niemand gespaard bleef. Historici in Frankrijk debatteren nog altijd over de vraag of de slachtingen van 1793 en 1794 in de Vendée genocide waren.

For Mr de Villiers, an aristocrat whose family seat is in the Vendée, genocide does indeed apply as his forebears were killed for religious reasons: they had rebelled to protect their priests, who refused to swear an oath to the new constitution.
 
Bron: telegraph.co.uk

Guerre de Vendée [ fr.wikipedia.org ]

Schama’s Citizens [ 1 ]

gelezen: Burgers – Kroniek van de Franse Revolutie (1989) van Simon Schama

CitizensIedere historicus weet dat zijn zicht op het verleden beperkt wordt door de bril van zijn eigen politieke overtuiging. Deze vooringenomenheid maakt objectieve geschiedschrijving onmogelijk. Naast de bril van zijn politieke overtuiging kijkt de historicus ook door de bril van zijn tijd. De historiografie beweegt zich in een dimensie die de geschiedenis kwadrateert en houdt zich bezig met de geschiedenis van de geschiedenis.

Wanneer we vanuit de historiografie naar de Franse Revolutie kijken, dan zien we duidelijk hoe er na de Tweede Wereldoorlog een sterke revisie is onder historici. Tot in de twintigste eeuw werd de Franse Revolutie vooral positief beoordeeld. De negentiende eeuw werd in deze visie geboren uit de Franse Revolutie. De geest van de revolutie kon uiteindelijk niet meer terug in de fles en er ontstond een nieuwe burgerlijke wereld waarin allerlei emancipatiebewegingen streefden naar gelijke rechten voor alle mensen.

Maar na de vernietigende gevolgen van totalitaire regimes in de eerste helft van de twintigste eeuw, kregen historici ook meer oog voor de duistere kanten van de Franse Revolutie. Had deze ook niet indirect de totalitaire ideologieën van de twintigste eeuw voortgebracht? In de Franse Revolutie kun je de Verklaring van de Rechten van de Mens (aanvankelijk nog man!) en Burger niet scheiden van de Terreur die erop volgde.

Het boek Citizens – a chronicle of the French Revolution van Simon Schama uit 1989, past helemaal in de revisionistische visie. Deze visie komt voor een groot deel overeen met de conservatieve visie die in Engeland een lange traditie heeft, sinds Edmund Burke in 1790 zijn Reflections on the Revolution in France schreef. Het was dus voorspelbaar dat in 1989 marxistisch georiënteerde historici als Eric Hobsbwam (1917-2012) en Morris Slavin (1913-2006) het roerend met Schama oneens zouden zijn.

Net als 1789 bleek 1989 ook een kanteljaar in de geschiedenis. Toen Schama aan Citizens – a chronicle of the French Revolution werkte, kon hij nog niet weten dat in het najaar van 1989 de Berlijnse muur zou vallen en kort daarop ook het communisme. Hij schreef zijn boek dus niet in de euforie van het neo-liberalisme die begin jaren negentig het internationale politieke debat zou kleuren. Maar ook van de terugkeer van genocide in Europa halverwege de jaren negentig, had hij tijdens het schrijven nog geen weet.

Schama ziet het geweld als de drijvende kracht achter de Revolutie. Ergens doet hij de boude stelling dat het geweld van La Grande Terreur in wezen niet verschilde van het geweld van 1789, alleen lag het aantal slachtoffers tijdens de Terreur veel hoger. Ik kan Schama daarin goed volgen. In het voorjaar van 1789 waren er al enkele uitbarstingen van volkswoede, die culmineerden in de bestorming van de Bastille op 14 juli. Telkens was er sprake van figuren die het volk opstookten die met een uiterst actueel woord “haatpredikers” genoemd kunnen worden. Vanaf 1789 loopt de volksjustitie met weerzinwekkende lynchpartijen als een rode draad door de Franse Revolutie. Als Marat nu zou leven, dan noemden we hem een haatzaaier. En Philippe Egalité zou nu doorgaan voor een populist.

Als Marat nu zou leven, dan noemden we hem een haatzaaier. En Philippe Egalité zou nu doorgaan voor een populist.

Toen Citizens in 1989 was verschenen, volgde er direct een reactie van Morris Slavin, de marxistisch georiënteerde emeritus hoogleraar van de Youngstown State University in Ohio. Hij sprak het onbetwiste verteltalent van Simon Schama niet tegen, maar had harde kritiek op de inhoud. Schama zou helemaal vanuit het gezichtspunt van de slachtoffers van de revolutionairen hebben geschreven en weinig sympathie voor de daders hebben, die vaak niet minder slachtoffer van de Franse Revolutie werden. Want het gegeven dat de revolutie haar eigen kinderen opeet, werd al heel snel pijnlijk bewaarheid. Slavin verwijt Schama wat destijds Paine Burke verweet: “He pities the plumage, but forgets the dying bird.”

De Engelse, eveneens marxistisch georiënteerde, historicus Eric Hobsbawm vond dat Citizens in de Engelse traditie past die met de geschriften van Edmund Burke en Thomas Carlyle in gang gezet is en die met name door A Tale of Two Cities (1859) van Charles Dickens in de populaire cultuur is doorgesijpeld. Schama heeft volgens Hobsbwam teveel oog voor het geweld en de terreur en niet voor de positieve kanten van de Franse Revolutie.

Tenslotte schreef de Amerikaans-Roemeense historicus Eugen Weber (1925-2007) in 1989 een recensie voor de New York Times waarin hij veel minder scherp oordeelt over Citizens dan Hobsbawm en Slavin.

Kroniek van de Franse Revolutie door Simon Schama (vert. v. Citizens, A Chronicle of the French Revolution, New York, Knopf, 1989), Amsterdam, Contact, 2000 [Olympus paperback, 920 p., € 17,50; in 1989 verschenen als Burgers]

Citizens [ en.wikipedia.org ]